nieuws

Bol in beroep tegen Kifid-uitspraak

Schade 4911

Voormalig televisieproducent en quizmaster Willem Bol stapt naar  de Commissie van Beroep van klachteninstituut Kifid. Bol wenst zich niet niet neer te leggen bij de uitspraak die de geschillencommissie vorige  week deed en waarin werd gesteld dat verzekeraars de Amersfoortse (ASR) en Zwitserleven (Vivat) in 2015 gerechtigd waren om de AOV-uitkeringen te staken op grond van een fraudemelding. Volgens de Bol zijn de zaken ten onrechte in één vonnis bij elkaar gepakt. 

Bol in beroep tegen Kifid-uitspraak

De Kifid-uitspraak leek voor te sorteren op een spoedig einde van de slepende affaire waarbij een conflict tussen Bol en Generali Nederland (nu  ASR) de kern vormt. Generali zette de AOV-uitkering aan Bol eind 2014 stop nadat het constateerde dat Bol ondanks een hernia toch nog substantiële inkomsten had gehad. Nadat de Amersfoortse en Zwitserleven de fraudemelding  signaleerden in het daarvoor bestemde register zegden beide verzekeraars ook de polissen (en de uitkering) aan Bol op.

Fraudemelding

De geschillencommissie gaf de verzekeraars hierin gelijk. Op grond van de fraudemelding waren ze gerechtigd om de polissen te beëindigen. Bovendien, zo stelde Kifid, lag er begin 2015 al een vonnis van de rechtbank waarin ook werd gesteld dat Bol inkomsten had verzwegen.

Meer dan € 25.000

Hoewel het om een bindende uitspraak gaat, kan en gaat Bol toch naar de Commissie van Beroep van Kifid. Zijn vordering op beide verzekeraars is ruim meer dan € 25.000, en voldoet daarmee aan de voorwaarde van het  klachteninstituut om toch in beroep te gaan. Conform diezelfde reglementen zal de  Commissie van Beroep de zaak opnieuw gaan behandelen.

Afzonderlijke zittingen

Bol ziet voldoende aanknopingspunten voor een voor hem gunstiger uitspraak in de herhaling. Volgens de gewezen televisieproducent heeft de geschillencommissie van twee afzonderlijke zittingen ten onrechte  één vonnis gemaakt.  “In de ochtend was het Vivat en ’s middags de Amersfoortse.  In de laatste zaak was het Bol als particulier en in de eerste zaak was het Neelfloren Holding BV met mij als  DGA. Daar hebben ze één vonnis van gemaakt. Of er in het KIFID-reglement staat iets over een dergelijke samenvoeging staat, weet ik nog niet. Wat wel duidelijk is dat de argumenten in zaak A ( Vivat) en B (Amersfoortse) deels overeenkwamen, maar deels ook niet. Tevens hebben ze door deze samenvoeging de specifieke verschillen zakelijk / particulier door mij benoemd proberen te versluieren. Anders had men moeten kiezen voor één gecombineerde zitting maar het waren twee afzonderlijke zittingen.”

Reageer op dit artikel