nieuws

Joyridende zoon neemt pa’s Jaguar mee: ASR mag schade op zoon verhalen

Schade 16045 PA

Mag je een schade verhalen op een bloedverwant in de eerste lijn? In sommige gevallen wel, oordeelt het gerechtshof in Arnhem. Op het subrogatieverbod voor directe familieleden zit een uitzondering voor bijvoorbeeld opzettelijk veroorzaakte schades. Dat betekent dat een 18-jarige jongen die ging joyriden met de Jaguar van zijn vader, de schade moet terugbetalen aan verzekeraar ASR. Ook de kosten voor het herstellen van het weiland waar hij in belandde zijn voor hemzelf.

Joyridende zoon neemt pa’s Jaguar mee: ASR mag schade op zoon verhalen

De jongen was op 19 maart 2010 zonder rijbewijs en zonder toestemming gaan rijden in de Jaguar van pa. Na drie kwartier schoot hij met de auto door de afrastering van een weiland waar hij tot stilstand kwam. De schade aan de auto bedroeg 10.076 euro, de schade aan het weiland was met 1.000 euro afgewikkeld. De Jaguar was beperkt casco verzekerd. Omdat joyriding meeverzekerd is, kreeg pa de schade van ASR vergoed.

Subrogatieverbod

ASR stelde echter direct de zoon aansprakelijk voor de geleden schade. De verzekeraar was van mening dat het subrogatieverbod voor (onder meer) bloedverwanten in de rechtstreekse lijn in dit geval niet van toepassing was. In de wet is er een uitzondering opgenomen. “Deze regel geldt niet voor zover zulk een persoon jegens de verzekerde aansprakelijk is wegens een omstandigheid die afbreuk zou hebben gedaan aan de uitkering, indien die omstandigheid aan de verzekerde zou zijn toe te rekenen.”

Interpretatie

Vader en zoon vinden die laatste uitzondering voor meerdere uitleg vatbaar. “Volgens [zoon] moet die zin zo gelezen worden dat de mogelijkheid van verhaal alleen herleeft als hij aansprakelijk zou zijn jegens zijn vader op grond van dezelfde omstandigheid waarop ASR de uitsluiting van dekking zou baseren. Dat is hier niet het geval. Volgens hem is hij jegens zijn vader aansprakelijk omdat hij (aan de auto van) zijn vader schade heeft berokkend door zonder toestemming met die auto te gaan rijden en die auto vervolgens ‘in het weiland te parkeren.’ Eisers aansprakelijkheid jegens zijn vader berust niet op het niet beschikken over een geldig rijbewijs; zou eiser immers wel over een geldig rijbewijs hebben beschikt dan zou dat aan zijn aansprakelijkheid niets afdoen.”

Geen rijbewijs

ASR had een andere lezing. De mogelijkheid op verhaal herleeft volgens de verzekeraar als de zoon aansprakelijk is vanwege een omstandigheid die afbreuk zou doen aan de uitkering, als die omstandigheid aan de vader toe te rekenen zou zijn. “Dat wil zeggen: als de vader voor deze schade zelf in deze situatie geen recht op uitkering gehad zou hebben. Volgens ASR is de mogelijkheid van verhaal op die grond herleefd, doordat [zoon] de schade veroorzaakt heeft terwijl hij de auto bestuurde zonder een geldig rijbewijs te hebben. Wanneer de vader zelf het ongeluk veroorzaakt had zonder dat hij een rijbewijs had, zou hij immers ook geen recht op een uitkering gehad hebben.”

In maart 2014 oordeelde de kantonrechter dat de lezing van vader en zoon geen standhield. De twee gingen daarop in hoger beroep. Het gerechtshof in Arnhem heeft het vonnis van de rechtbank nu bekrachtigd.

Uitzonderingssituatie

“In beginsel […] kan ASR de door haar uitgekeerde schade niet verhalen op [zoon] als bloedverwant in de rechte lijn van vader als verzekerde. In dit geval doet zich naar het oordeel van het hof echter de (uitzonderings)situatie […] voor. Vader zou zijn recht op uitkering immers hebben verspeeld in de (hypothetische) situatie dat hij de schade zelf onder gelijke omstandigheden zou hebben veroorzaakt. Als vader zelf zonder in het bezit te zijn van een geldig rijbewijs van de weg zou zijn geraakt en schade zou hebben veroorzaakt aan de afrastering van het weiland en de Jaguar, zou deze schade op grond van de Bijzondere Voorwaarden Personenautoverzekering Aansprakelijkheid […] en de Bijzondere Voorwaarden Personenautoverzekering Casco Beperkt […] niet voor dekking in aanmerking zijn gekomen. Schade veroorzaakt door een bestuurder zonder rijbewijs is expliciet van dekking uitgesloten.”

Onwenselijk

Het feit dat de zoon de auto zonder toestemming meenam en dus aan het joyriden was, doet volgens het gerechtshof niet ter zake. “Het hof merkt verder nog op dat het in deze situatie, waarin [zoon] zonder rijbewijs op de openbare weg heeft gereden en schade heeft veroorzaakt (en zich ook nog schuldig heeft gemaakt aan joyriding), onwenselijk zou zijn als het subrogatieverbod […] ertoe zou leiden dat [zoon] de door hem veroorzaakte schade uiteindelijk niet zou hoeven dragen. De […] uitzondering op het subrogatieverbod lijkt nu juist te zijn geschreven ter voorkoming van dat soort onwenselijke situaties.”

Het schadebedrag was al terugbetaald aan ASR. Daar komt nu bijna 2.000 euro aan proces- en advocaatkosten bij.

Reageer op dit artikel