nieuws

CDFD: Nog onduidelijk of adviseurs in problemen komen door nieuwe eisen pensioenadvisering

Pensioen 5455

Het College Deskundigheid Financiële Dienstverlening (CDFD) heeft er nog geen zicht op of financieel adviseurs in de problemen komen door een wijziging van de aanpassing van het diploma Pensioen.

CDFD: Nog onduidelijk of adviseurs in problemen komen door nieuwe eisen pensioenadvisering

Het CDFD reageert hiermee bij monde van woordvoerder Erik Mulder op de oproep van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) aan adviseurs om goed te kijken of zij nog beschikken over de juiste diploma’s voor pensioenadvisering.

Complexiteit

Vanaf 1 april is een Wft-diploma Pensioen noodzakelijk wanneer een consument wordt geadviseerd over de aankoop van een variabele of vaste pensioenuitkering. Tot op heden zijn de vakbekwaamheidseisen opgenomen in het diploma Vermogen. “Hoeveel adviseurs Vermogen in de praktijk klanten daadwerkelijk adviseren over de aankoop van een vaste of variabele uitkering is niet bekend”, zegt Mulder. “Gelet op de complexiteit past het onderwerp inhoudelijk het best binnen het domein van de adviesbevoegdheid van de adviseur Pensioen.”

De aanpassing is gebaseerd op de Wet verbeterde premieregeling die sinds september 2016 van kracht is. “Dit wordt per 1 april 2019 vastgelegd in het vakbekwaamheidsbouwwerk”, vervolgt de CDFD-woordvoerder. “De Wft-module Pensioen is uitgebreid met toetstermen over de Wet verbeterde premieregeling. De Wft module Vermogen kent deze uitbreiding niet.”

Beroepskwalificatie Adviseur Pensioen

Adviseurs Vermogen kunnen met het behalen van de Wft-module Pensioenverzekeringen de beroepskwalificatie Adviseur Pensioen behalen. De Wet verbeterde premieregeling heeft betrekking op pensioen in de tweede pijler, dus vanuit het werkgever-werknemerverband. Adviseurs Vermogen adviseren de consument onder andere over oudedagsvoorzieningen in de derde pijler, zoals individueel aanvullend pensioen. Daartoe worden de bestaande voorzieningen van de consument in de eerste, tweede en derde pijler geïnventariseerd. Dat zijn de voorzieningen vanuit de overheid en werkgever en de al getroffen voorzieningen.

Mulder: “Het is en blijft de taak van de adviseur Vermogen om deze gegevens samen met de wensen en behoeften van de consument te analyseren en daar zijn advies op af te stemmen.  De vermogensadviseur is bij uitstek de adviseur over voorzieningen in de derde pijler.” 

Kennis van beleggen

Wanneer de adviseur Vermogen bijvoorbeeld meent dat sprake is van tegenvallende resultaten in de derde pijler, dan is het zijn rol om dit mee te nemen in het advies aan de consument. “De adviseur Vermogen kan op basis van zijn kennis van beleggen – dat maakt onderdeel uit van de Wft-module Vermogen – voor de klant inzichtelijk maken wat de kansen en risico’s zijn van een keuze voor een vaste of variabele uitkering van een derdepijlervoorziening”, aldus Mulder.

Beleggingen in de tweedepijlervoorzieningen zijn gebaseerd op de eisen in de pensioenwet- en -regelgeving. Mulder: “De beoordeling van de keuze voor een vaste of variabele uitkering vraagt voldoende kennis van die wet- en regelgeving en de in premieregelingen toegepaste systematieken.”

Reageer op dit artikel