nieuws

Pensioenfondsen en DNB ruziën over vut-regeling

Pensioen 1967

De Nederlandse Bank (DNB) en pensioenfondsen zijn met elkaar in een ruzie beland omtrent de financiering van de overgangsregeling voor de vut, zo meldt De Telegraaf.

Pensioenfondsen en DNB ruziën over vut-regeling

De toezichthouder eist volgens de krant hogere premies voor de regeling omdat fondsen anders te hard achteruitgaan op hun pensioenvermogen. Een woordvoerder van de Pensioenfederatie heeft dit tegenover de krant bevestigd. DNB zou mogelijk voor de rechter kunnen worden gedaagd.

Reacties verzamelen

De Pensioenfederatie schrijft volgens De Telegraaf in een brief aan de pensioenfondsen: “Als er fondsen zijn die naar de rechter zouden willen stappen, kan het helpen als alle fondsen dat met hetzelfde verhaal doen.” De brancheorganisatie is momenteel bezig met het verzamelen van reacties en heeft aangegeven ondersteuning aan te bieden wanneer er spraken zal zijn van een rechtsgang.

Het gevecht gaat om de VPL-regeling (de wet vroegpensioen en levensloop) die de compensatie voor de afschaffing van vut en prepensioen regelt. Werkgevers mochten vanaf 2006 voor werknemers die destijds in dienst waren een extra pensioenaanspraak opbouwen. Een groot deel daarvan, 69% wordt uitgevoerd door het pensioenfonds. “De opbouw van deze VPL-regeling valt niet onder het toezicht van DNB. Maar zodra vanuit dit spaarpotje pensioen wordt ingekocht, kijkt de waakhond wel mee of dat kostendekkend gebeurt. In een net gepubliceerde communicatie voor alle pensioenfondsen wijst DNB hierop”, aldus de krant.

Al eerder discussie

Plaatsvervangend directeur Edith Maat van de Pensioenfederatie meldt in het stuk dat ze hier al eerder discussie over hebben gehad met DNB: “DNB blijft bij hun interpretatie van de consequenties van de aanpassing van het besluit. Het is nu óf er samen uitkomen óf de rechter laten beslissen. Dat is aan elk fonds om dat te beslissen.” Maat geeft aan dat DNB plotseling veel strenger is geworden. Voor hun reguliere pensioen hanteren enkele pensioenfondsen een niet-kostendekkende premie dat naar de letter van de wet is toegestaan, de Pensioenfederatie is van mening dat die methode ook geldt voor de VPL-premie.

Onverwachte problemen

“Als een pensioenfonds werkte met een gedempte kostendekkende premie en nu ineens op basis van de actuele marktrente moet inkopen, dan stelt dit sociale partners in veel gevallen voor onverwachte problemen”, zo meldt de Pensioenfederatie tegenover de krant. “Er zal of extra premieruimte gevonden en afgesproken moeten worden, of de VPL-aanspraken moeten worden verlaagd.”

Cao-onderhandelaar Jorrick de Bruin van CNV Overheid vermeldt tegenover de krant dat dit ’enorme financiële consequenties’ heeft: “De pensioenpremie stijgt ook al en dat drukt op de loonruimte.”

Tegenvaller kan oplopen tot € 2 miljard bij ABP

De Vut-overgangsregeling bij pensioenfonds ABP stevent af op een miljardentekort. Dat concludeert de Lijst voor Onafhankelijk Pensioentoezicht (LvOP), de enige niet-vakbondsfractie in het ABP verantwoordingsorgaan. Volgens de LvOP fractie kan de tegenvaller oplopen tot ruim 2 miljard euro. Om dat op te vangen, moet of de premie fors worden verhoogd, of de pensioenen verlaagd. LvOP heeft aangegeven dat ze het kwalijk vinden dat ABP werknemers en gepensioneerden hierover niet heeft geïnformeerd. Op dit moment wordt er onderhandeld over nieuwe cao’s voor overheid, onderwijs en defensie. Het is de vraag hoe deze tegenvaller binnen die onderhandelingen verdeeld zal gaan worden.

Rekening kan niet bij huidige werkenden worden neergelegd

Het is volgens LvOP onduidelijk waarom het ABP-bestuur deze tegenvaller tot dusver niet openbaar heeft gemaakt. Zo heeft ABP het Verantwoordingsorgaan (VO) niet op de hoogte gesteld van een mogelijke tegenvaller naar aanleiding van aangescherpt beleid en ook in antwoord op in november gestelde vragen van LvOP in het Verantwoordingsorgaan geen melding gemaakt van deze tegenvaller. Voor de LvOP staat als een paal boven water dat deze hoge rekening niet eenzijdig bij de huidige werkenden mag worden neergelegd. De VPL-regeling verhoogt alleen het pensioen van werknemers die sinds 2006 ononderbroken werkzaam zijn geweest in de onderwijs- of overheidssector. De premies hiervoor worden echter opgebracht door alle werkenden in die sector. Ongeveer de helft van de werknemers (vooral 50 –) betaalt dus wel mee, maar ziet hiervan zelf nooit iets terug.
 

Reageer op dit artikel