nieuws

Hoekstra wil mensen met aflossingsvrije hypotheek niet over één kam scheren

Financiële planning 3399

Niet alle huishoudens met een aflossingsvrije hypotheek komen daar uiteindelijk door in de problemen. Dit stelt minister Hoekstra (Financiën) in antwoord op Kamervragen van Henk Nijboer. Volgens de minister is er voor veel mensen met zo’n hypotheek nog ruimschoots de tijd om stappen te zetten die het risico op een restschuld of een gedwongen verkoop verminderen. 

Hoekstra wil mensen met aflossingsvrije hypotheek niet over één kam scheren

Nijboer (PvdA) stelde Hoekstra vragen naar aanleiding van een rapport van ouderenorganisatie ANBO waaruit blijkt dat honderdduizenden ouderen in de problemen komen als de einddatum van hun aflossingsvrije hypotheek is bereikt. De minister geeft in zijn antwoord aan dat de problematiek de aandacht heeft van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), De Nederlandsche Bank (DNB), de Europese Centrale Bank (ECB) en van het Rijk. Hij wijst op het Overzicht Financiële Stabiliteit (OFS) dat DNB in oktober 2017 heeft gepubliceerd en waarin aandacht wordt besteed de risico’s omtrent aflossingsvrije en beleggingshypotheken.

Ongewild huis verkopen

DNB gaf in het rapport aan dat hoewel de aflossingsvrije schuld gestaag afneemt een groot deel van de betreffende huishoudens mogelijk niet over voldoende financiële middelen beschikt om hun schuld voor of op de einddatum volledig af te lossen en mogelijk mogelijk ongewild hun huis moeten verkopen of te maken krijgen met hogere hypotheekuitgaven bij een lager inkomen.

Afwijken van inkomensnormen

“Maar”, zo geeft Hoekstra aan, “de groep consumenten met een aflossingsvrije hypotheek is heterogeen.” “Binnen de huidige aanpak van de AFM en DNB brengen de vier grootste banken nu de risico’s van hun hypotheekportefeuille in kaart en zetten zij zich in om klanten die kwetsbaar zijn te activeren. De toezichthouders vinden het belangrijk dat alle kredietverstrekkers een resultaatgerichte aanpak ontwikkelen en – voor zover nodig en mogelijk – intermediairs daarbij te betrekken. (…) De regelgeving biedt bovendien ruimte om in specifieke gevallen van de inkomensnormen af te wijken indien dit verantwoord is. Het is niet uit te sluiten dat een deel van de consumenten een te laag inkomen heeft (bijvoorbeeld alleen AOW) om een nieuwe hypotheek af te sluiten op de einddatum. Deze groep is naar verwachting beperkt.”

Doorrollen op einddatum

Het is volgens Hoekstra de vraag of het voor alle consumenten noodzakelijk is om de hypotheek volledig af te lossen op de einddatum. “Consumenten kunnen er ook voor kiezen (een gedeelte van) de hypotheek door te rollen (te herfinancieren) op de einddatum. Indien dit op basis van de geldende leennormen verantwoord is, zal het in de praktijk geen probleem opleveren om op de einddatum de hypotheek te herfinancieren. Van gedwongen verkoop zal dan bij deze consumenten dus geen sprake zijn.”

Tijdig anticiperen

Hij vervolgt: “In sommige gevallen is het mogelijk niet verantwoord om de hypotheek op de einddatum te herfinancieren omdat de consument een te laag inkomen heeft om de woonlasten te betalen. Door tijdig te anticiperen op deze situatie kunnen mogelijke herfinancieringsproblemen op de einddatum voorkomen worden of kan gezocht worden naar een toekomstbestendige woning die beter past bij het inkomen. In hoeverre dit onwenselijk is voor de consument hangt van zijn/haar situatie op dat moment af.”

Geen einddatum

Ook bij een aflossingsvrije hypotheek staat tegenover het krediet een aflossingsverplichting op termijn zo geeft Hoekstra aan. “Er zijn ook aflossingsvrije hypotheken afgesloten zonder einddatum. Bij deze hypotheken heeft de consumenten na 30 jaar geen recht meer op hypotheekrenteaftrek, maar hoeft het krediet (nog) niet te worden afgelost. Gelet op de aandacht voor de mogelijke risico’s die kunnen ontstaan op de einddatum, zullen kredietverstrekkers de groep risicovolle klanten met voorrang benaderen om hen te wijzen op de mogelijkheden om eventuele problemen te voorkomen.”

Lange periode

Een deel hiervan wordt echter al opgelost door de helft van de huishoudens een aflossingsvrije lening combineert met een lening waarop wel wordt afgelost tijdens de looptijd of aan het einde daarvan. Dit beperkt het risico voor de consument. Hoekstra: “Tot slot geeft DNB aan dat veel leningen over 15 tot 20 jaar aflopen. Dit geeft kwetsbare huishoudens een lange periode om maatregelen te nemen om het risico op problemen op de einddatum te voorkomen.”

Reageer op dit artikel