nieuws

Geschorste hypotheekadviseurs ABN Amro kregen prestatiepremie

Financiële planning 3493

Geschorste hypotheekadviseurs ABN Amro kregen prestatiepremie

De geschorste hypotheekadviseurs van ABN Amro (wegens het kopiëren van handtekeningen van klanten) verdienden een deel van hun salaris met een prestatiepremie. Die kon oplopen tot twintig procent.  Zo’n interne prestatiepremie heeft volgens minister Dijsselbloem van Financiën niets te maken met het provisieverbod. Dat en meer zegt hij in antwoord op Kamervragen van Kamerlid Henk Nijboer (PvdA).

Nijboer stelde de vragen omdat ABN Amro een intern onderzoek is gestart naar negentig hypotheekadviseurs die zonder dat klanten ervan af wisten handtekeningen hebben gekopieerd om dossiers te kunnen sluiten.

Klantbelang geschaad?
Nijboer vroeg onder andere: “Wat vindt u van de uitspraak van een directeur van ABN AMRO dat het nog niet duidelijk is of het klantbelang is geschaad? Deelt u de mening dat wanneer handtekeningen zonder toestemming worden gekopieerd het klantbelang altijd geschaad wordt?”

De minister zegt daarop: “Ik vind dat een ongelukkige uitspraak. Het kopiëren van handtekeningen en het gebruik daarvan is in strijd met de wet. In de regel zal dat ook in strijd met het klantbelang zijn. De klant moet erop kunnen vertrouwen dat de bank niet in strijd met de wet handelt. ABN Amro heeft laten weten dat de directeur doelde op de vraag of de betrokken klanten financiële schade hebben opgelopen door het handelen van de medewerkers. Dit laatste staat nog niet vast.”

Bankierseed geschonden?
Ook wil het Kamerlid weten of de betrokken adviseurs de bankierseed hebben geschonden en of daaraan (tuchtrechtelijke) consequenties kleven. De minister: “De bankierseed en het daaraan gekoppelde systeem van tucht is op 1 april 2015 in werking getreden. Of het tuchtrecht van toepassing is zal onder meer afhangen van de datum waarop de gevallen zich hebben voorgedaan. Ik kan geen uitspraken doen over de tuchtrechtelijke laakbaarheid van de gevallen. Dit is voorbehouden aan de tuchtrechter.”

Prestatiepremie en provisieverbod
De directie van ABN Amro liet naar aanleiding van de zaak al eerder weten dat hypotheekadviseurs in hun beoordeling niet afgerekend worden op het aantal succesvol administratief afgesloten adviezen en offertes. Wel zei de directie in dat kader: “Maar een goede adviseur verdient meer dan een minder goede, dat spreekt voor zich.”

Nijboer wil van de minister weten of omzet en afzet van producten een rol spelen bij de beloning en dus bij het handelen van de adviseurs, en ook hoe een dergelijk verdienmodel zich verhoudt tot het provisieverbod.

De minister schrijft: “ABN Amro heeft laten weten dat alle medewerkers van de bank overeenkomstig de CAO van ABN Amro een vast salaris en een jaarlijkse prestatiepremie ontvangen. De jaarlijkse prestatiepremie is afhankelijk van de beoordeling van enerzijds gedragsafspraken (waaronder klantbelang centraal) en anderzijds resultaatsafspraken (waaronder bijvoorbeeld het aantal adviesgesprekken). De maximale prestatiepremie bedraagt 20%, gemiddeld is dit 9%. Het provisieverbod is van toepassing op relaties die de bank heeft met externe adviseurs. In interne verhoudingen, zoals waarvan in het onderhavig geval sprake is, speelt dit geen rol.”

Reageer op dit artikel