blog

Nazorg? Niet echt nodig…

Financiële planning 1823

Met gekromde tenen luisterde ik tijdens de am:dag in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam (waar mijn oma bijna 100 jaar geleden cheffin was) naar de visie van een advocaat naar aanleiding van een paar Kifid-uitspraken. En met even gekromde tenen lees ik het verslag van zo’n sessie. De teneur is: “Nazorg op een financieel product nodig? Niet echt.”

Nazorg? Niet echt nodig…

In eerste instantie ging het over de uitspraak van de adviseur die zijn klant niet tijdig had geïnformeerd over het feit dat de premie van de overlijdensrisicoverzekering sinds een jaar of tien heel veel goedkoper kon. En dat de adviseur dat heeft moeten compenseren. Oké, nazorg nodig. Maar dat lag aan het feit dat we het over een ‘complex product’ hadden, zo liet de advocaat weten.  Hij vergat hierbij te vertellen dat ‘complex’ in de juridisch context moet worden gezien. Want voor een consument is een ORV niet zo complex. Je betaalt premie en als iemand dood gaat voor een bepaald moment keert de verzekeraar uit. Alleen benoemt de wet een aantal ‘complexe producten’ (waaronder ORV en uitvaart) omdat daar een ander beloningsprincipe op van toepassing is.

Consumptief krediet

De advocaat stelde verder dat nazorg plegen als je voor een consumptief krediet bemiddeld hebt eigenlijk niet nodig is. Dat blijkt uit een uitspraak van de Geschillencommissie in de klacht van een consument die vond dat de tussenpersoon niet in de smiezen had gehad dat een bank een absurd hoge rente rekende op een krediet waarvoor hij bemiddeld had. Dat had  die consument toch kunnen weten bij een variabele rente?

En ook liet hij zien dat als je als grootbank een hypotheek hebt verstrekt met een rentevastperiode van twintig jaar je die twintig jaar rustig kunt gaan snurken. Omkijken naar je klant is niet nodig. Pas na twintig jaar ontstaat het eerste moment dat bank en klant weer eens om tafel moeten gaan zitten, zo legde de advocaat de uitspraak van de Geschillencommissie van het  Kifd uit.

Oneigenlijke gedragingen

Dit zijn nu precies de signalen waar de consument niet op zit te wachten. Deze staan ook volledig haaks op de beweging die begin deze eeuw is ingezet. Toen werd onder leiding van VVD-minister van Financiën Zalm vastgesteld dat de consument een grote kennisachterstand had op het gebied van persoonlijke financiën en dat hij beter beschermd moest worden tegen oneigenlijke gedragingen van financieel dienstverleners. De Wet op de financieel dienstverlening kwam er. Opgegaan in de Wet op het financieel toezicht.

Bij aangaan van een financieel product moest beter gekeken gaan worden of zoiets wel past bij de situatie van de klant. En – omdat het vaak om langdurige contracten gaat – kregen aanbieder en adviseur opgelegd periodiek te gaan bekijken of dat wat ooit aangegaan was nog wel paste in de mogelijk veranderde leefsituatie van de klant. Nazorg of zorgplicht.

Krachtig optreden

De toen in het kader van consumentenbescherming opgerichte AFM moest gaan kijken of banken, verzekeraars, tussenpersonen en andere financieel dienstverleners zich wel netjes gedroegen richting consument. En problemen moesten buitengerechtelijk op een eenvoudige manier opgelost worden via een laagdrempelig klachteninstituut. Het Kifid ontstond.

Krachtig optreden van de AFM bleef uit. En ook het Kifid is verworden tot een sterk technocratisch gejuridificeerd instituut, waar financieel dienstverleners zich laten vertegenwoordigen door advocaten (omdat juristerij nu eenmaal hoogtij viert). En waaruit zo’n advocaat nu dus tegen financieel dienstverleners roept: ‘Nazorg? Maak je er maar niet al te druk over’.

Beroep

Gelukkig is er in bepaalde gevallen nog een Commissie van Beroep bij het Kifid. In de casus waarin de Geschillencommissie  aan kredietadviseurs liet weten dat ze maar een heel beperkte nazorgplicht hebben is de Geschillencommissie zo slim geweest om beroep open te stellen. Daar heeft Geldbelangen graag gebruik van gemaakt. De brief is inmiddels naar de Commissie van Beroep gezonden.

We vertrouwen erop dat als er volgend jaar weer zo’n sessie wordt belegd tijdens de am:dag er aan de branche gemeld moet worden: “U zult de nazorgplicht zeer serieus moeten nemen. Anders kan het u wel eens veel geld gaan kosten…”

Reageer op dit artikel