nieuws

Zorplicht verzekeraars bij verkoop van lijfrente

Archief

De Wet Financiële Dienstverlening (WFD) wil de zorgplicht van verzekeraars vergroten. Volgens Paul Schoo, directeur van Spaarbox.nl, is dit toe te juichen. Als verzekeraars de zorgplicht serieus nemen, worden er volgens hem niet veel lijfrenteverzekeringen meer gesloten.

“De ruimte die er in de branche lag om even flink te gaan ‘scoren’, al dan niet geholpen door de verzekeraar, heeft er toe geleid dat het intermediair op zijn verantwoordelijkheid moest worden gewezen. Het mag duidelijk zijn, dat bij dat ‘scoren’ de oorzaak ligt voor de zorgplicht, die nu ook aan de verzekeraar wordt toebedeeld.
Dat dit laatste nodig is, wordt geïllustreerd door het feit dat verzekeraars nog steeds het lijfrenteproduct promoten als dé oplossing voor het pensioentekort. Door de gelijke fiscale behandeling in box 3 van banksparen en verzekerd sparen zorgen de productkosten ervoor dat de levensverzekering zich uit de markt prijst. De beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar adviseert om een disclaimer in het dossier te bewaren, indien de adviseur toch een levensverzekering in box 3 afsluit.
Rekenwerk
Slechts 15 % van de werkzame beroepsbevolking komt nu in aanmerking om de lijfrentepolis ter aanvulling van het pensioentekort af te sluiten vóór de pensioendatum. Voor deze groep telt het fiscale voordeel nog. Voor de overigen (85%) zijn de kosten van het lijfrenteproduct hoger dan het fiscale voordeel. Volgens de verzekeraars heeft 80% van de werkzame beroepsbevolking een pensioentekort. Uit cijfers van het CBS blijkt dat ook 80% van die werkzame beroepsbevolking jonger is dan vijftig jaar. Dus heeft 64% van de werkzame beroepsbevolking (ca 4,5 miljoen Nederlanders) een pensioentekort, waar men meer dan vijftien jaar de tijd voor heeft om dit dicht te sparen.
Het vergt een hele berekening voor het intermediair om – met het oog op de belastingtarieven in box 1 en box 3 vóór en ná 65 jaar, de lijfrentetarieven, de productkosten, en de rendementsverschillen tussen banksparen en verzekerd sparen – tot een conclusie te komen dat de consument beter uit die lijfrentepolis kan wegblijven zolang ze nog geen vijftig jaar is. Geen intermediair is in die berekening geïnteresseerd wanneer het aanbevelen van banksparen niets oplevert. Kortom, de markt wordt genegeerd en het pensioenadvies vermeden. Het intermediair concentreert zich meer op de schadeverzekeringen. Toch zal het intermediair in het kader van de zorgplicht aandacht moeten schenken aan de pensioenproblematiek van het gemiddelde huishouden.
Zorgvuldig
Het intermediair zit klem tussen de promotende verzekeraar en de overheid die het allemaal anders wil, getuige de fiscale behandeling. Door nu in de WFD de zorgplicht die de verzekeraar draagt voor het intermediair op te nemen, komt de overheid het intermediair tegemoet. Handen wassen in onschuld is er niet meer bij. Immers een verzekeraar die blijft promoten voor lijfrente, zonder die nuancering aan te brengen die noodzakelijk is voor een goed financieel advies, gaat niet zorgvuldig om met zijn klanten en heeft weinig respect voor zijn distributiekanaal.
Inmiddels zijn er door de wetgever zo veel barrières opgeworpen rondom het lijfrenteproduct, dat er naast de provisies ook nog advieskosten zijn gaan ontstaan om jaarlijks de polis in aftrek te houden; de accountant werkt ook niet voor niets. Een recent onderzoek gaf aan dat de consument niet meer dan e 35 per uur wilde betalen voor een onafhankelijk financieel advies. In feite heeft die consument gelijk. Het gaat niet om het uurloon maar om het ongelimiteerde aantal uren waarmee de consument niet geconfronteerd wil worden. Wanneer de consument inzet op e 35, dan kan het met een advies van circa vijf uur tenminste nog meevallen. Wanneer je nu op voorhand een vaste prijs afspreekt met de consument om de dienst te verlenen voor bijvoorbeeld e 180, dan is de consument niet meer geïnteresseerd in hoeveel uren er gemaakt worden.
Nu de noodzakelijke berekeningen die gemaakt moeten worden – in verband met het door de zorgplicht verlangde objectieve advies – geautomatiseerd zijn en op het internet staan, kan het intermediair in (gelimiteerd) minder dan twee uur tegen een fatsoenlijk uurloon de klant bedienen. Hierdoor komt het intermediair wat ‘losser’ van de verzekeraar en het betaalbare pensioenadvies binnen het bereik van de consument. Zo is het evenwicht in de branche weer hersteld. En dat is ook zorgplicht! Het net sluit zich. Dat de verzekeraar daar ook in terecht komt is een groot voordeel voor de consument. Daarnaast krijgt de kritische consument met de berekeningen op het internet ook een belangrijk zelfbeschermingsmiddel tegen die verzekeraars en intermediairs, die de mazen van het net op blijven zoeken.

Reageer op dit artikel