nieuws

Wetgeving kost verzekeraars miljoenen

Archief

Naleving van nieuwe wetgeving kost verzekeraars volgens berekeningen van het Centrum voor Verzekeringsstatistiek (CVS) tussen 2003 en 2006 circa e 700 tot e 800 mln. De administratieve lasten zijn volgens Verbonds-directeur Eric Fischer “slechts het topje van de ijsberg”.

Volgens Fischer, die sprak op de Ernst & Young Verzekeringsdag, zijn de administratieve lasten niet zozeer het probleem, maar de nalevingslasten des te meer. Voorbeelden van administratieve lasten zijn onder andere gegevens die verzekeraars aan de fiscus moeten aanleveren over levenpolissen en allerlei productiegegevens die jaarlijks aan de Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) moeten worden verstrekt.
“Wijzigingen in wet- en regelgeving bezorgen verzekeraars veel méér last dan de genoemde informatielasten. Op basis van onderzoek dat wij hebben gedaan, bedragen naar schatting de administratieve lasten voor verzekeraars maar een deel van de totale lasten. Volgens minister Zalm zijn de nalevingslasten niet meetbaar. Volgens ons zijn deze kosten echter wel meetbaar. Niet alleen voor verzekeraars, maar ook met kleine aanpassingen voor de gehele financiële dienstensector en wellicht voor het hele bedrijfsleven.”
Minver
“Ons Centrum voor Verzekeringsstatistiek heeft een methode ontwikkeld om de nalevingslasten in kaart te brengen die verzekeraars moeten maken als ze geconfronteerd worden met wetswijzigingen. Het gaat hier om kosten die er niet zouden zijn geweest als de wetswijziging of nieuwe wetgeving niet had plaatsgevonden. De methode hebben we Minver genoemd: Meetinstrument Nalevingslasten Verzekeraars.”
De methode bestaat uit een lijst van initiële en doorlopende activiteiten die verzekeraars zullen moeten uitvoeren zodra een wetswijziging wordt aangekondigd en ook zal worden ingevoerd. Deze activiteiten zijn door verzekeraars zelf aangegeven als noodzakelijk. Wordt er een wet afgekondigd, dan gaan de verzekeraars aan de slag en om de kosten te meten en vullen ze deze lijst in. De tijd die elke activiteit kost, wordt omgerekend naar formatieplaatsen. Daar hangt dan weer een prijskaartje aan. Zo ontstaat een kostenbeeld per maatschappij. Als die vervolgens opgeteld worden, heb je de kosten voor de totale bedrijfstak.
Om te toetsen of Minver verband heeft met de werkelijkheid, heeft het CVS de methode toegepast op de renseigneringsplicht. Die renseignering houdt in dat de (levens)verzekeraar de fiscus gegevens moet melden over polissen waarover belasting verschuldigd is. “Tien representatieve verzekeraars hebben de kosten van renseignering met Minver in kaart gebracht. De lasten die deze verzekeraars hebben opgegeven, hebben we vertaald naar de markt. Het bedrag waar we op uit kwamen was e 110 mln, waarvan e 80 mln opgaat aan eenmalige kosten en in de loop van drie jaar elk jaar ongeveer e 10 mln aan doorlopende kosten”, aldus Fischer.
“Het Nederlands Economisch Instituut (NEI) heeft de administratieve lasten van deze renseignering berekend op e 12 mln. Wij hebben nu berekend dat de nalevingslasten van deze wet tot e 110 mln zijn opgelopen.”
“Met de maatregelen die nog op ons afkomen, zo’n zes in getal binnen de levenbranche, verwachten wij dat de nalevingslasten de komende jaren tussen de e 700 en e 800 mln gaan kosten.”
Minver is bedoeld om in een vroegtijdig stadium van de besluitvorming met de overheid van gedachten te wisselen over de doelmatigheid van de voorgenomen wet- en regelgeving en totale kosten die daarmee gepaard gaan voor het bedrijfsleven en de consument. “Wij zijn blij met het voornemen van de overheid om de administratieve lasten met 25% terug te dringen, maar het probleem van de nalevingslasten is veel groter”, aldus Fischer.
Eric Fischer: “Wij zijn blij dat de overheid de administratieve lasten met 25% wil terugdringen, maar het probleem van de nalevingslasten is veel groter”.

Reageer op dit artikel