nieuws

Verzekeraars zijn bereid tot loonsverhoging van 1%

Archief

Eén procent loonsverhoging in een eenjarige cao. Dat aanbod hebben de verzekeraars vorige week gedaan aan de vakbonden, die het eerste serieuze werkgeversvoorstel afdoen als “onbespreekbaar”.

Dit stempel wordt door de vakbonden op de loonsverhoging van 1% geplakt, omdat het Verbond van Verzekeraars tegelijkertijd vasthoudt aan de invoering van een eigen bijdrage van werknemers aan de pensioenopbouw. De werknemers die vallen onder een van de twee verzekerings-cao’s (binnendienst en buitendienst) moeten vanaf 2004 stapsgewijs in drie jaar tijd eenderde van de pensioenpremie gaan betalen, tot een maximum van 5% van de pensioengrondslag. Voor nieuwe medewerkers zal de bijdrage in de pensioenpremie per 1 juni 2003 ingaan. Volgens de bonden zal in de praktijk het maximum van 5% voor iedereen gaan gelden.
“Dit levert op de loonstrook al een achteruitgang op, laat staan in koopkracht”, zegt Gerwin van der Lei van De Unie. Volgens het rekensommetje van Ike Wiersinga van Dienstenbond CNV blijft er nog wel iets over van de 1% loonsverhoging. “Een pensioenpremie van 5% staat ongeveer gelijk aan 2% brutosalaris. Verzekeraars willen in drie stappen naar die situatie toe, dus het eerste jaar zal de pensioenpremie ongeveer 0,7% van het brutosalaris in beslag nemen.” Haar oordeel over het voorstel is evenwel gelijk aan dat van Van der Lei. “Die 2,5% loonsverhoging is voor ons hard en al lastig genoeg om te verdedigen, zeker in het licht van de beloningen van topbestuurders. Een loonbod van 1% is derhalve onbespreekbaar.”
Volgens Wiersinga is het behoud van een premievrij pensioen eveneens een hard punt voor de vakbonden. “Terwijl de verzekeraars zeggen het een principieel punt te vinden dat werknemers delen in de pensioenkosten. Tja, het wordt nog een harde dobber. De kloof tussen beide partijen is erg groot.” De bonden gaan hun leden raadplegen en komen op 19 mei met een tegenvoorstel.
Gouden eeuw
Namens de verzekeraars schetst Roel Wijmenga, voorheen bestuurder van Fortis ASR en sinds kort van Interpolis, de achtergrond van de magere werkgeversvoorstellen. “De gouden 20e eeuw is ten einde. Er heerst een moordende concurrentie onder verzekeraars, waarbij hier en daar wordt afgedaald tot het niveau van straatvechten. De marges zijn veel kleiner geworden en waar voorheen de klant met de pet in de hand bij ons langs kwam of ze alsjeblieft hun geld niet bij ons konden onderbrengen, moeten wij nu met de pet in de hand bij de klant langs. Dat is niet zo erg, want daarmee worden we een normale bedrijfstak. Maar daarbij behoren normale, marktconforme arbeidsvoorwaarden.”
Volgens Wijmenga onderhandelt namens verzekeraars als Fortis ASR, Aegon, Allianz, Interpolis, Levob en Zwitserleven. “Dat zijn stuk voor stuk bedrijven die het echt zwaar hebben en die de broekriem moeten aanhalen.”
U zegt dat er een einde is gekomen aan een gouden eeuw. Veel werknemers zeggen: het was zeker een gouden eeuw voor een select gezelschap topbestuurders, maar niet voor ons?
Wijmenga: “Dat beeld bestrijd ik. Wij hebben een onafhankelijk HAY-onderzoek laten doen naar vergelijkbare functies in andere bedrijfstakken en constateren dat werknemers in de verzekeringsbranche gemiddeld 15% meer salaris krijgen. En dat is nog los van het premievrije pensioen. Werknemers hebben dus ook geprofiteerd, zeg ik dan. En uit het onderzoek blijkt verder dat de salarisverschillen met andere branches bij de directiefuncties kleiner zijn dan in de lagere echelons.”
Pensioen
De verzekeraars vinden een loonsverhoging van 2,5% dus veel te hoog en willen dat werknemers gaan meebetalen aan de pensioenregeling. Wijmenga: “Dat laatste punt is niet alleen principieel maar ook financieel, daar ben ik eerlijk over. Wij vinden als werkgevers dat we naar marktconforme arbeidsvoorwaarden toe moeten. En we zijn samen, werkgever én werknemer, verantwoordelijk voor een dure arbeidsvoorwaarde als pensioen. Momenteel betaalt 92% van de werknemers in ons land een eigen bijdrage aan het pensioen.”
Namens vakbond De Unie wijst Van der Lei erop dat het voorstel voor de eigen bijdrage de zoveelste is in een reeks van pensioeningrepen. “Eerst is de VUT-regeling verdwenen en ingeruild voor een prepensioen, waarbij de pensioendatum is opgeschoven van 60 jaar naar 61 respectievelijk 62 jaar voor buiten- en binnendienst. En in 1999 werd voorgesteld om over te stappen van een eindloonregeling naar een middelloonregeling, wat in 2001 is geëffectueerd.” Volgens Wijmenga moeten de effecten van de overgang naar middelloon niet worden overdreven. “Een geïndexeerd middelloonpensioen met een hoger opbouwpercentage is qua kosten vaak gelijk aan een eindloonregeling.”
Vreest u als werkgever niet onaantrekkelijk te worden voor nieuw personeel. Uw imago is al niet voortreffelijk en straks vormen de arbeidsvoorwaarden ook geen plus meer?
Wijmenga: “Nee, daar hebben we geen zorgen over. Op de huidige arbeidsmarkt is dit ook geen probleem.”
Werkgeversonderhandelaar Roel Wijmenga: “De gouden 20e eeuw is ten einde”.

Reageer op dit artikel