nieuws

Vakbonden houden vast aan premievrij pensioen

Archief

De vorige week gestarte onderhandelingen over de cao voor de verzekeringsbedrijfstak worden gedomineerd door de wens van de verzekeraars om het premievrije pensioen voor de werknemers af te schaffen. Daarmee moeten de sterk gestegen pensioenlasten beperkt worden. De vakbonden willen daar niet over praten, voordat duidelijk is hoeveel de pensioenreserveringen door verzekeraars in betere beurstijden hebben opgeleverd.

Als het aan het Verbond van Verzekeraars ligt, gaan de werknemers in de verzekeringsbedrijfstak eenderde van de pensioenpremie betalen tot maximaal 5% van de pensioengrondslag. “De arbeidsvoorwaarden zijn niet alleen kwalitatief meer dan uitstekend, maar dientengevolge ook buitengewoon duur geworden voor een bedrijfstak in zwaar weer”, schrijft het Verbond aan de vakbonden. “Na een periode van groei zijn de grenzen bereikt en zal er een structurele verbetering gerealiseerd moeten worden van de kosten/batenverhouding.”
Een werknemersbijdrage in de pensioenpremie is in de meeste branches standaard, behalve in het bank- en verzekeringsbedrijf en bij enkele grote internationale concerns. De vakbonden vinden een eigen bijdrage echter niet bespreekbaar. “Er is een grote kloof tussen beide partijen”, zegt Ike Wiersinga, die namens CNV Dienstenbond deelneemt aan het overleg.
Het Verbond verwijst naar een onderzoeksrapport van bureau Hay, dat zou aangeven dat de lonen bij verzekeraars nu 15% boven het marktgemiddelde liggen. Die moeten marktconform gemaakt worden, vinden de verzekeraars. “Dat betekent dat de verzekeraars wat betreft de lonen geen kostenverhoging willen. Ze willen niet duidelijk aangeven of wat hun betreft de lonen dan helemaal niet zullen stijgen, maar zo hebben wij dat wel geïnterpreteerd”, aldus Wiersinga. “Wij willen overigens dat rapport wel eens inzien.”
Centraal akkoord
Door de slechte ontwikkelingen op de aandelenmarkt vinden de verzekeraars dat de medewerkers aan hun eigen pensioen moeten gaan meebetalen. “Een hele grote verslechtering”, aldus Wiersinga. “Dat het niet goed gaat in de verzekeringsbranche, zien wij ook wel. Maar er is wel een centraal akkoord gesloten waarin een loonsverhoging van 2,5% is opgenomen. Daar moeten de werkgevers zich aan houden. Wij hebben onze voorstellen verder beperkt. Maar dat vinden zij nog te veel. Laten zij eerst maar onderbouwen dat het echt zó slecht gaat. Zo wordt gesteld dat de arbeidsproductiviteit met 13% is gedaald, maar volgens onze gegevens is de arbeidsproductiviteit in de verzekeringsbranche juist hoger dan in de rest van Nederland.”
Dat de verzekeraars de pensioenen voor hun medewerkers niet meer kunnen financieren, gelooft Wiersinga niet. “Toen het economisch gezien goed ging, zijn de gelden naar de exploitatierekeningen van de verzekeraars gegaan. Die zijn niet ten goede gekomen aan de werknemers. Dus waarom zouden zij dan nu wel moeten gaan betalen?”
Ook De Unie-bestuurder Gerwin van der Lei wil pas meedenken over de pensioenproblematiek als de bonden inzicht hebben in aard en omvang daarvan. “Wij willen weten hoeveel door verzekeraars in betere beursjaren voor pensioenen is gereserveerd. Het zal een ontzettend zware kluif worden om hier overeenstemming over te bereiken.”
Andere voorstellen
Andere werkgeversvoorstellen zijn het omzetten van de salaristabellen van leeftijds- in ervaringsjaren. Voor de hoogte van het salaris is dan niet de leeftijd, maar het aantal dienstjaren bepalend. Verder willen de verzekeraars toeslagen voor overwerk en werk buiten de normale arbeidstijden schrappen.
Ook stellen de werkgevers een studie voor naar de “verdere variabilisering van beloningselementen naast de al bestaande flexibel toe te kennen jaarlijkse uitkering”. Voor oudere werknemers moet worden gekeken naar de mogelijkheid van aangepaste functie-inhoud, functieomvang en arbeidsvoorwaarden. Tot slot pleiten de verzekeraars voor het consequent (wel of niet) toepassen van de cao op ‘boven-loonschaalgroepen’, het mogen uitbetalen van niet-genoten bovenwettelijke vakantierechten, het hanteren van een bedrijfsfonds voor gespaarde uren, het vermijden van dubbele pensioenopbouw en het verbreden van de uitruilmogelijkheden van flexibele arbeidsvoorwaarden.
Het Verbond van Verzekeraars wil geen inhoudelijke reactie geven. De volgende onderhandelingsronde staat gepland voor 15 april.
Concern-cao’s
Ook in de onderhandelingen over de concern-cao’s van ING en SNS Reaal zijn de pensioenlasten onderwerp van gesprek. ING heeft een aantal mogelijke oplossingen aangedragen om de gestegen lasten in te perken: een versobering van de pensioenregeling, een premiebijdrage voor de medewerkers of een beperking van de loonstijging.
De bonden geven nadrukkelijk aan dat de financiële voordelen die ING in het verleden heeft gehad, bij de discussie betrokken moeten worden. “Een gedeelte van de ontstane problematiek is veroorzaakt door de gekozen wijze van financiering. Hierin hebben de medewerkers geen invloed gehad”, aldus De Unie. “Uitgangspunt van het centraal akkoord was een gematigde loonontwikkeling, dit onder meer om de pensioenlasten te temperen. Door onze loonvraag van 2,5% hebben we dus al gedeeltelijk een bijdrage geleverd aan de tempering van pensioenlasten.”
Bij Achmea betalen de werknemers sinds 2000 al een bijdrage in de pensioenpremie van 1%. “Daar hebben we heel lang over gesproken”, aldus Ewoud Teerink van De Unie. “Het lastige was dat met de vorming van de concern-cao verschillende regelingen op elkaar afgestemd moesten worden.” De afspraak is vastgelegd tot 2005. “Maar met de huidige situatie zal het ongetwijfeld weer onderwerp van gesprek worden. Verzekeraars willen nu de lasten en lusten met elkaar in evenwicht brengen zonder rekening te houden met de beleggingsopbrengsten. Wij willen dan wel weten wat Achmea de afgelopen jaren daadwerkelijk aan premies heeft betaald.” De onderhandelingen met Achmea beginnen op 22 april.
In de onlangs gesloten nieuwe concern-cao van Delta Lloyd is het premievrije pensioen voor de werknemers onaangetast gebleven.

Reageer op dit artikel