nieuws

Kwart intermediair vermoedt misbruik klantgegevens door verzekeraars

Archief

Verzekeraars die hun producten via diverse verkoopkanalen afzetten, schromen niet om klantgegevens van assurantiekantoren voor eigen doeleinden aan te wenden. Uit onderzoek blijkt dat ruim een kwart van het intermediair een aanwijsbaar vermoeden heeft dat (bank)verzekeraars toegeven aan deze vorm van misbruik; 6% weet dit zeker op grond van eigen ervaring.

Tot het onderzoek onder het intermediair, uitgevoerd door Interfoon Callcenters in opdracht van AssurantieMagazine (AM), werd besloten naar aanleiding van een klacht van de NVA. De standsorganisatie liet zich erg kritisch uit over verzekeraars die klanten van tussenpersonen proberen over te nemen door hun offerteaanvragen door te spelen naar eigen of andere verkoopkanalen, waaronder captives of kantoren waarmee ‘warme’ banden bestaan.
De enquête wijst uit dat dit verschijnsel niet op grote schaal voorkomt. Van de ruim 250 tussenpersonen – 90% heeft tot tien medewerkers in dienst – antwoordt driekwart ontkennend op de vraag of er negatieve ervaringen zijn opgedaan met verzekeraars. Anderzijds zegt een kleine 30% een sterk vermoeden te hebben dat verzekeraars zich schuldig maken aan oneigenlijk gebruik van hun klantgegevens; ruim 51% weet dat niet, maar sluit het niet uit. Bijna 19% van de ondervraagden meent dat zoiets wel uitgesloten is.
Op heterdaad
Van de financiële instellingen die op heterdaad zouden zijn betrapt op het doorspelen van offertegegevens van hun tussenpersonen, worden de vier grote multibranche-verzekeraars en twee grootbanken genoemd.
Het misbruik deed zich volgens de ondervraagden vooral voor bij collectieve schadeverzekeringen (20%) en individuele levensverzekeringen (13%). Het aantal incidenten in de laatste vijf jaar varieert. “Bijna de helft zegt zes of meer keren te zijn benadeeld; de meerderheid houdt het op maximaal vijf gevallen van misbruik”, blijkt uit het enquêterapport.
Opvallend is echter dat 60% van de gedupeerde assurantiekantoren op geen enkele wijze – schriftelijk noch mondeling – zijn misnoegen kenbaar heeft gemaakt, noch bij de betreffende verzekeraar, noch bij bijvoorbeeld een tussenpersonenorganisatie. Dat laatste houdt kennelijk verband met het feit dat het leeuwendeel (62%) niet is aangesloten bij NVA, NBVA of NVGA. @PLI = Ruim een kwart (27%) laat weten “een boze brief met eis tot genoegdoening” aan het management van de verzekeraar te hebben geschreven; een kleine 14% heeft zich over de onheuse handelwijze van de maatschappij beklaagd bij de NVA of NBVA, of de samenwerking met de verzekeraar onmiddellijk opgezegd.
Verkooplabels
Het gebruik van gelijknamige merknamen door bankverzekeraars voor de verkoop van zowel verzekeringen als bankproducten wordt door de meerderheid van het intermediair niet op prijs gesteld. Van de geënquêteerde bedrijven geeft ruim 39% aan “zeer te hechten aan onderscheidende verkooplabels”; ruim 16% zegt in zo’n geval zelfs de samenwerking te zullen beëindigen en zijn portefeuille over te sluiten. De respons is een aanwijzing voor Fortis die de merken Amev, Stad Rotterdam en Woudsend volgend jaar op de schop wil nemen.
Van de onderzochte assurantiekantoren geeft bijna 73% aan dit jaar met hetzelfde aantal maatschappijen te blijven samenwerken; ruim 21% kiest voor vermindering van het aantal schade- en levensverzekeraars. Bijna driekwart doet nu zaken met minimaal vier tot maximaal tien maatschappijen.
Voort dit jaar verwacht overigens ruim 85% niet dat er dit jaar iets zal veranderen aan zijn bedrijfsvoering; de rest gaat zich verbinden aan een verzekeraar, inkoopcombinatie of andere zelfstandige tussenpersoon (9%). Iets minder kantoren (8%) verkoopt zijn bedrijf of gaat zich specialiseren.

Reageer op dit artikel