nieuws

Europaspoort Meer dan een kwart eeuw na invoering van de Europese

Archief

spelregels voor het intermediair is de nieuwe Europese Richtlijn voor Verzekeringsbemiddeling gepubliceerd

Daarmee komt een einde aan een touwtrekkerij tussen enerzijds verzekeraars en tussenpersonen en anderzijds de consumentenorganisaties en de politiek. Hoewel alle partijen het in 1997 snel eens werden over de noodzaak van een harmonisering van wet- en regelgeving, had het opstellen van de uniforme spelregels veel meer voeten in de aarde. Verzekeraars en tussenpersonen wilden in hun drang naar expansie over de grens een ‘level playing field ‘ creëren, consumentenorganisaties en politiek waakten over de noodzaak van optimale consumentenbescherming. Lang bleef onzeker wie aan het kortste eind zou trekken. Nu, acht jaar later, staat het intermediair met lege handen. Immers, de voor tussenpersonen nadelige bepalingen zijn – alle lobbypogingen ten spijt – toch in de definitieve richtlijn terechtgekomen. Goed, de eis om de behoeften en wensen van de klant en een toelichting op het verkoopadvies vóóraf schriftelijk vast te leggen, gaat minder ver dan die van het ‘best advice’. Maar de praktische gevolgen blijven navenant. Ook het handhaven van de verplichting om contractuele productieafspraken en aandelenparticipaties van 10% of meer openbaar te moeten maken, zal als een nederlaag worden ervaren. De praktijk zal leren dat toezicht hierop lastig is. Immers, noch de tussenpersoon, noch de verzekeraar heeft er commercieel belang bij om die informatie – ook niet op verzoek – aan de klant te geven. Naast de papieren rompslomp die op hen afkomt, lopen tussenpersonen tevens een grotere kans aansprakelijk te worden gesteld voor ‘fouten’ die tijdens het verkoopproces zijn gemaakt. De consument of zijn op geld beluste advocaat zal er als de kippen bij zijn om de ‘deep pockets’ van de branche te legen, indien een vermoeden van het geven van verkeerd advies bestaat. Dat hebben de schadeclaims over aandelenlease bij Dexia – en nu ook Levob – wel geleerd. Adequate dossiervorming door het intermediair is daartegen het enige wapen. Voor het intermediair rest de schrale troost dat met het van kracht worden van de nieuwe richtlijn op 15 januari 2005, het felbegeerde ‘Europaspoort’ kan worden aangevraagd. Als alle lidstaten de verwerking van de nieuwe spelregels in hun nationale wetgeving net zo voortvarend als ons land ter hand nemen, krijgt het Nederlandse intermediair volop de gelegenheid zijn vakmanschap en concurrentieslagkracht ook in Europees verband te bewijzen. Wim Abrahamse wabrahamse@kluwer.nl

Reageer op dit artikel