blog

Leegloop

Archief

Tsja … daar keek ik toch wel van op, van dat onderzoek van D&O over leegloop bij intermediairorganisaties (zie pag. 5). Stiekem kon ik mij niet aan de indruk onttrekken dat Jurjen Oosterbaan niet ongelukkig was met ‘zijn’ onderzoekgegevens over die leegloop. Waarom zou-ie ook? Zijn schoorsteen rookt er wel bij als adviseurs niet bij hun ‘eigen’ intermediairsorganisatie, maar bij hem kennis en inzichten komen tanken. ‘Naughty thoughts’, die ik maar direct overboord kieper voor belangrijker overwegingen over nut en noodzaak van belangenbehartiging. Een van die overwegingen is: wat moet een belangenclub eigenlijk leveren? Ik kom op drie dingen. Allereerst: pal staan voor de belangen van zijn leden bij alles en iedereen die die belangen bedreigt of ondermijnt. Ten tweede: zorgen voor een adequaat kenniscentrum waar leden op terug kunnen vallen. Ten derde: een ‘community’ zijn waar leden in een vertrouwde omgeving elkaar ontmoeten, versterken, ondersteunen en – via een professionaliseringsprogramma – zich ontwikkelen in hun vak. Laten we, om het concreet te maken, Adfiz als voorbeeld nemen. Ik weet toevallig dat de staf van Adfiz onder leiding van Hanneke Hartman een duidelijke visie op belangenbehartiging heeft ontwikkeld. Maar ook een duidelijke visie op ‘de nieuwe onafhankelijke financieel adviseur’ die gepast afstand houdt van productleveranciers en dicht bij zijn klant staat. Dat zijn niet onbelangrijke feiten en een goede uitgangspositie om het Verbond van Verzekeraars en anderen van repliek te dienen als het moet, Haagse ‘humbug’ om te buigen naar adequate wet- en regelgeving en overijverige toezichthouders hun plaats te wijzen. Aan een professionaliseringsprogramma dat voor leden aantrekkelijk is, kan snel gewerkt worden. So far so good. Wat Adfiz als organisatie echter niet kan, is zichzelf tot community verheffen. Daar zijn leden voor nodig. Veel leden! Mondige leden die Hartman c.s. op koers houden. Als financieel adviseur zou ik lid worden of blijven van Adfiz en voorstellen dat deze organisatie zich diversifieert naar de mate waarin de leden ook steeds diverser business-modellen hanteren. Grote kans dat deze organisatie dan ook een open haven wordt voor al die andere belangenorganisaties die – in niches – oppikten wat in het verleden door de rechtsvoorgangers van Adfiz is laten liggen (en zelfs gemeden). Ik pleit dus voor een federatie waarin alle andere organisaties zich gaan thuis voelen: krachtig naar buiten, samenbindend voor de leden en dus ‘Angstgegner’ voor alles en iedereen die de belangen van de leden schaden. Oftewel: een organisatie die pal staat voor het recht van elke burger op onafhankelijk, financieel advies dat hij van verzekeraars, banken en andere leveranciers van financiële producten niet (meer) hoeft te verwachten. mhuisman@kluwer.nl

Tsja … daar keek ik toch wel van op, van dat onderzoek van D&O over leegloop bij intermediairorganisaties (zie pag. 5). Stiekem kon ik mij niet aan de indruk onttrekken dat Jurjen Oosterbaan niet ongelukkig was met ‘zijn’ onderzoekgegevens over die leegloop. Waarom zou-ie ook? Zijn schoorsteen rookt er wel bij als adviseurs niet bij hun ‘eigen’ intermediairsorganisatie, maar bij hem kennis en inzichten komen tanken. ‘Naughty thoughts’, die ik maar direct overboord kieper voor belangrijker overwegingen over nut en noodzaak van belangenbehartiging.

Een van die overwegingen is: wat moet een belangenclub eigenlijk leveren? Ik kom op drie dingen. Allereerst: pal staan voor de belangen van zijn leden bij alles en iedereen die die belangen bedreigt of ondermijnt. Ten tweede: zorgen voor een adequaat kenniscentrum waar leden op terug kunnen vallen. Ten derde: een ‘community’ zijn waar leden in een vertrouwde omgeving elkaar ontmoeten, versterken, ondersteunen en – via een professionaliseringsprogramma – zich ontwikkelen in hun vak. Laten we, om het concreet te maken, Adfiz als voorbeeld nemen. Ik weet toevallig dat de staf van Adfiz onder leiding van Hanneke Hartman een duidelijke visie op belangenbehartiging heeft ontwikkeld. Maar ook een duidelijke visie op ‘de nieuwe onafhankelijke financieel adviseur’ die gepast afstand houdt van productleveranciers en dicht bij zijn klant staat. Dat zijn niet onbelangrijke feiten en een goede uitgangspositie om het Verbond van Verzekeraars en anderen van repliek te dienen als het moet, Haagse ‘humbug’ om te buigen naar adequate wet- en regelgeving en overijverige toezichthouders hun plaats te wijzen. Aan een professionaliseringsprogramma dat voor leden aantrekkelijk is, kan snel gewerkt worden. So far so good. Wat Adfiz als organisatie echter niet kan, is zichzelf tot community verheffen. Daar zijn leden voor nodig. Veel leden! Mondige leden die Hartman c.s. op koers houden. Als financieel adviseur zou ik lid worden of blijven van Adfiz en voorstellen dat deze organisatie zich diversifieert naar de mate waarin de leden ook steeds diverser business-modellen hanteren. Grote kans dat deze organisatie dan ook een open haven wordt voor al die andere belangenorganisaties die – in niches – oppikten wat in het verleden door de rechtsvoorgangers van Adfiz is laten liggen (en zelfs gemeden). Ik pleit dus voor een federatie waarin alle andere organisaties zich gaan thuis voelen: krachtig naar buiten, samenbindend voor de leden en dus ‘Angstgegner’ voor alles en iedereen die de belangen van de leden schaden. Oftewel: een organisatie die pal staat voor het recht van elke burger op onafhankelijk, financieel advies dat hij van verzekeraars, banken en andere leveranciers van financiële producten niet (meer) hoeft te verwachten.

mhuisman@kluwer.nl

Reageer op dit artikel