nieuws

Zwendel met uitgebrande Mercedes strandt bij de rechtbank

Schade 3449

Hoe kon een verzekerde van Centraal Beheer zich een Mercedes cabrio van 44.000 euro veroorloven? De verzekeraar vermoedde dat er fraude in het spel was en werd woensdag in dat oordeel gesterkt door de rechtbank in Zutphen. De Mercedes brandde in februari 2015 helemaal uit. Bij controle van de claim bleek dat geen van de getuigen een geloofwaardig verhaal had over de aanschaf. De auto was waarschijnlijk vlak daarvoor geïmporteerd uit Duitsland voor een bedrag van maximaal 16.000 euro.

Zwendel met uitgebrande Mercedes strandt bij de rechtbank

De eerste eigenaar van de auto verklaarde de Mercedes te hebben gekocht voor 48.000 euro. Ze wilde graag een auto met open dak voor de zomermaanden. Omdat de vrouw in het frauderegister vermeld staat, vond ze de voorgestelde verzekeringspremie te hoog en liet ze de auto direct schorsen. Enkele maanden daarna zou ze de auto verkocht hebben aan de eisende vrouw in de rechtszaak. Die had op een rekening maximaal 10.000 euro uit een eerdere schade-uitkering staan, maar een vriend van haar had meer te besteden.

Goede harmonie

Bij de rechtbank verklaarde haar vriend: “Ik heb eerst nagegaan of ik nog financiële mogelijkheden had. Ik had sowieso contant geld thuis liggen. Dat heb ik in de kluis liggen. Het ging om een bedrag van € 35.000 tot € 40.000. Ik wilde € 20.000 van dit geld voor de auto gebruiken. Een bedrag van € 14.000 hadden mijn ouders contant en zij wilden dat aan mij uitlenen. Ze wisten dat ik dat voor een voertuig zou gebruiken. Er zijn geen afspraken gemaakt met mijn ouders over het geleende geld. Dat gaat bij ons altijd in goede harmonie.” 

Bruna

De vriend kocht de auto en vertelde dat daarna pas aan de eiser. “Onderweg naar de Bruna heeft hij mij verteld dat hij de auto had gekocht voor mij en dat we er met de betaling onderling nog wel uit zouden komen. […] Ik heb niet gevraagd hoe de auto is betaald. Ik heb nog wel gevraagd of de € 10.000 er voor is gebruikt. Daar antwoordde hij bevestigend op.”

Duitsland

Centraal Beheer achterhaalde bij de RDW dat de auto was ingevoerd uit Duitsland. De importeur verklaarde daarover: “Het ging om een opknappertje. Ik heb er tussen € 15.000 en € 16.000 voor betaald inclusief kosten invoer. […] Omdat de reparatie van de auto te maken had met elektronicastoringen, heb ik de auto vervolgens met verlies van de hand gedaan.” Omdat het kenteken niet meer te achterhalen was, kon Centraal Beheer echter niet hardmaken dat dit ook werkelijk de auto in kwestie was.

‘Niet bewust’

Desalniettemin maakte de rechtbank in Zutphen gehakt van de verklaringen. “Wat betreft de gestelde koopprijs van € 44.000 constateert de rechtbank dat dit bedrag in de verklaringen van [eiseres] , [vriend] en [eerste eigenares] wordt genoemd maar er geen enkel (schriftelijk) bewijs is dat dit bedrag ook daadwerkelijk voor de auto is betaald. Uit de getuigenverklaringen van de ouders van [vriend] kan in geen geval worden afgeleid dat zij bewust een bedrag van € 14.000 hebben uitgeleend aan hun zoon en dat zij wisten dat dit ten behoeve van de aanschaf van de auto voor een vriendin van hun zoon was, over wie de moeder heeft verklaard dat de naam [eiseres] haar niets zei.” 

Tweede auto

De rol van de eerste eigenaresse is ook doorzichtig. “Voorts is het de rechtbank een raadsel waarom iemand, zoals [eerste eigenares] heeft verklaard, voor de zomer een tweede auto koopt – het is toch fijn om in een cabriolet te rijden – maar dan niet in staat is om de verzekeringspremie op te brengen omdat [eerste eigenares] in verband met haar registratie niet voor een gangbare verzekering in aanmerking kwam.” 

Gebruikt

De rechtbank concludeert uit de zaak dat het niet vaststaat dat er 44.000 euro voor de auto is betaald. Het verzekerd belang van de eiser kan volgens de rechter niet hoger zijn dan 10.000 euro. Dat de eiseres mogelijk buiten haar weten om gebruikt is door de eerste eigenares en de vriend die de auto voor haar ‘kocht’, maakt dat volgens de rechtbank niet anders. “Zij heeft zich ervoor geleend om de auto op haar naam te laten registreren en na de brand aanspraak te maken op een uitkering van Achmea, in de wetenschap dat zij een dergelijke kostbare auto niet kon betalen. De vorderingen zullen daarom worden afgewezen.”

Reageer op dit artikel