Eén op de acht Nederlanders heeft ooit gefraudeerd met verzekeringen. Dit stelt het Verbond van Verzekeraars op grond van een landelijk onderzoek onder duizend consumenten. "Schokkend hoog", noemt Verbondsvoorman Eric Fischer de uitkomst. Zijn uitspraak wekt de indruk dat het Verbond verrast is door het (hoge) percentage. Opmerkelijk, omdat toenmalig verzekeringsfraudespecialist Ben Hilberts van het Openbaar Ministerie al in 2002 een percentage van 13% naar buiten bracht met de kanttekening dat "elk percentage arbitrair is, omdat verzekeringsfraude zich nauwelijks exact laat vaststellen". En werd vorig jaar niet door het Verbond bericht dat de spectaculaire stijging van het aantal meldingen bij het Fraudeloket nog maar het topje van de ijsberg was? "Geen echte schok", zei het Verbond toen, "want we maken ons geen illusies over wat er in werkelijkheid gebeurt". Herverzekeraar Aachener & Münchener schatte recentelijk de verzekeringsfraude nog op 15%. Een percentage dat het Verbond toch ook bekend mag zijn. Verzekeringsfraude is een maatschappelijk probleem. Verzinnen, aandikken en verdraaien van schadeclaims is een nationale sport, evenals het sjoemelen met de belastingaangifte, onbetaald downloaden van muziek en films, kopen van gestolen goederen, gebruik van illegale software en weegfraude in de supermarkt. Daders zien zich niet als fraudeurs, maar als scharrelaars die 'creatief' gebruik maken van hun 'vrijheid'. Hun parool luidt: iedereen doet het en je bent een dief van je eigen portemonnee als je niet meedoet.