nieuws

Sparck blijft verantwoordelijk voor schade door overkreditering

Financiële planning 1254

De voormalige hypotheekaanbieder Sparck blijft aansprakelijk voor de schade die klanten hebben opgelopen door overkreditering. De beroepscommissie van klachteninstituut heeft dat vastgesteld in een procedure van Sparck en de opkoper van de Sparckportefeuille tegen een gedupeerde klant die veel te veel hypotheek had gekregen. De commissie handhaaft de straf dat Sparck de financiële schade moet betalen maar beperkt deze wel tot de overkreditering.

Sparck blijft verantwoordelijk voor schade door overkreditering

Sparck was een Nederlandse hypotheekaanbieder die zich voor de financiële crisis vooral richtte op het verstrekken van hypotheken aan mensen met een financieel vlekje, waar onder een BKR-notering. Het Amerikaanse Citibank was een van de financiers. Na het uitbreken de crisis trok Sparck zich terug van de hypotheekmarkt. Arrow Global Investments, in Nederland actief als portefeuillebeheerder onder de naam Vesting Finance, nam de hypotheekportefeuille van Sparck over.

Eventuele rechtsopvolger

In de beroepsprocedure waarin Kifid vorige maand uitspraak deed, diende Arrow Global Investments zich aan als nieuwe ‘probleemeigenaar’. De investeringsmaatschappij beriep zich daarbij op de algemene voorwaarden van Sparck waarin de overdracht van de overeenkomst aan een eventuele rechtsopvolger was geregeld. Daarnaast had Arrow Global Investments verklaard dat zij alle aansprakelijkheden aanvaardt die voortvloeien “uit de relatie” en dat de belanghebbenden de eventueel aan hen toe te kennen schadevergoeding kunnen verrekenen met hetgeen Arrow Global Investments nog van hen te vorderen zou hebben.

Sparck blijft contractspartij

Volgens de beroepscommissie valt in de onderhavige zaak echter niet uit te sluiten dat de verschuldigde schadevergoeding in verband met overkreditering de nog bestaande restschuld uit hoofde van de lening overtreft. “Uit de hier bedoelde gezamenlijke verklaring van Arrow Global Investments en Sparck blijkt niet dat Sparck voor een eventuele resterende vordering van Belanghebbenden op Arrow (mede)aansprakelijkheid aanvaardt. De conclusie is dat de contractoverneming niet rechtsgeldig is geschied en dat derhalve niet Arrow Global Investments doch Sparck nog steeds als contractspartij van Belanghebbenden heeft te gelden (…)”

BKR-notering

Het gaat in de zaak fout als een ouder migrantenpaar in 2007 na bemiddeling door een adviseur een hypotheek van € 247.500 afsluit bij Sparck. De hypotheek is aflossingsvrij met met een driejaars rente van 7,25%. Het levert een rentelast op van € 1.495,31 per maand. Het echtpaar kwam uiteindelijk bij Sparck uit vanwege een BKR-notering voor een doorlopend krediet dat in 1995 was afgesloten.

Tijdelijke dienstverbanden

Bij de vaststelling van het inkomen kijkt Sparck niet al te krap. De man heeft in 2007 zijn hoofdinkomen van € 22.751 uit een fulltime dienstverband voor bepaalde tijd. Dat dienstverband loopt af maar de werkgever geeft de intentie aan dit, bij gelijkblijvende omstandigheden en functioneren, om te zetten naar een vast dienstverband.. Daarnaast verricht de man op flexibele basis werk bij vogelpark Avifauna, waarmee hij in 2006 € 10.539 verdiende. Zijn vrouw heeft een tijdelijk dienstverband bij zijn hoofdwerkgever en verdient daar € 16.196. Voor het bepalen van de leenruimte telt Sparck de drie weinig stabiele inkomens gewoon bij elkaar op, in totaal derhalve € 49.485.

Huisbezoek Sparck

In oktober 2014 trekt het stel voortijdig aan de bel als de man vreest zijn baan in 2015 kwijt te raken en daardoor de hypotheek niet meer te kunnen betalen. Hoewel de medewerker van Sparck tijdens een huisbezoek constateert dat beide klanten lichamelijk niet gezond zijn, wat druk op hun inkomsten oplevert, zijn de inkomsten op dat moment ruim voldoende om de maandlasten te voldoen.
Op verzoek van Sparck wordt de woning in maart 2015 getaxeerd, waarbij de waarde wordt vastgesteld op € 188.000. Later dat jaar wordt de woning voor € 180.000 onderhands verkocht. Sparck geeft aan het stel aan een restantvordering van bijna € 72.000 op hen te hebben en dat er geen finale kwijting plaatsvindt.

Verlies bij geschillencommissie

Beide partijen belanden bij Kifid waar de geschillencommissie het echtpaar in het gelijk stelt. Volgens de commissie heeft Sparck bij het bepalen van de maximale leencapaciteit ten onrechte de neveninkomsten van de man en de vrouw meegerekend. De voormalige hypotheekaanbieder moest daarom € 50.724,15 aan schadevergoeding betalen, zijnde de rente over het bedrag aan overkreditering dat aan het echtpaar in rekening is gebracht.

Gedragscode 2007

De commissie van beroep handhaaft die straf en doet er nog een schepje bovenop. Weliswaar verwijst Sparck volgens de commissie terecht op het feit dat de Gedragscode Hypothecaire Financieringen in 2007 niet verbindend was, maar Sparck zou deze wel degelijk hebben aanvaard door er naar te wijzen in de offerte.

Rente over restschuld

Net als de geschillencommissie is de beroepscommissie van mening dat de rente over het bedrag waarmee de lening het maximaal toelaatbare overschreed, als schade kan worden aangemerkt. “ (…) als Sparck haar zorgplicht niet had geschonden was bedoeld overschrijdend bedrag niet aan Belanghebbenden uitgeleend en zouden zij daarover geen rente verschuldigd zijn geworden.” De commissie van beroep verwerpt het betoog van het echtpaar dat dit ook geldt voor het bedrag dat wel binnen hun leencapaciteit viel. “Wel bestaat er aanleiding om bij het bepalen van de door Sparck aan Belanghebbenden verschuldigde vergoeding in aanmerking te nemen de rente die aan Belanghebbenden sedert de verkoop van de woning in 2015 over de restschuld (die € 71.978,04 beliep) in rekening is gebracht en mogelijk nog zal worden.”

Reageer op dit artikel