nieuws

ABN Amro hoefde klant niet te informeren over gedaalde ORV-premie

Financiële planning 2590

Een klant van ABN Amro Levensverzekeringen heeft tevergeefs een beroep gedaan op de zorgplicht van de verzekeraar. In 2017 benaderde ABN Amro hem met een verbeterd aanbod voor zijn overlijdensrisicoverzekering die hij sloot in 2007. Volgens de klant, een oud-medewerker van ABN Amro, was dat veel te laat. Hij claimde 2.500 euro aan gemist premievoordeel bij het Kifid. Die stelde hem in het ongelijk.

ABN Amro hoefde klant niet te informeren over gedaalde ORV-premie

De klant sloot in 2007 een ORV af met een waarde van 100.000 euro voor een jaarpremie van 875 euro. De verzekering zou aflopen in mei 2021. In augustus 2017 stuurt de verzekeraar een brief waarin de consument een aanbod krijgt voor een goedkopere ORV. Volgens ABN Amro kan dat vanwege de toegenomen levensverwachting van de Nederlandse bevolking. Voor de consument is het aanleiding om geld terug te vragen voor alle voorgaande jaren.

Tekortgeschoten

Volgens de klant is ABN Amro tekortgeschoten in de zorgplicht. De oud-medewerker betoogde schriftelijk voor de Geschillencommissie dat de verzekeraar hem veel eerder op de hoogte had moeten stellen van de prijsverlagingen bij vergelijkbare ORV’s. Daardoor vindt hij dat hem de kans is ontnomen om in een eerder stadium een goedkoper alternatief te vinden. Hij claimt daarom 2.500 aan ‘te veel betaalde premie.’

Premie was marktconform

ABN Amro beperkte zich tot het verweer dat de premie bij afsluiten marktconform was. “Dat in de loop der jaren de marktpremie steeds verder is gedaald, was voor Verzekeraar niet voorzienbaar en maakt ook niet dat het gesloten contract dientengevolge ongeldig zou worden. In plaats van omlaag hadden de premies overigens ook omhoog kunnen gaan. In dat geval had Consument juist een voordeligere premie betaald dan cliënten die in latere jaren hun verzekering afsloten.”

De Geschillencommissie had evenmin veel ruimte nodig om de claim opzij te schuiven. “Het Nederlands recht voorziet er niet in dat overeenkomsten eenzijdig kunnen worden gewijzigd op basis van louter voortschrijdend inzicht van een van de contractspartijen. Bovendien is Verzekeraar naar het oordeel van de Commissie niet verplicht om Consument gedurende de looptijd van de verzekering te informeren over de prijsstelling van nieuwe vergelijkbare producten.”

Personeelskorting

De klacht van deze consument werd al ingediend voor de uitspraak in de veelbesproken zaak waarin een adviseur wel ORV-premie moest terugbetalen aan een klant. Die zaak hing voornamelijk op de vraag welke afspraken er werden gemaakt over de nazorg. Of er in dit geval afspraken zijn gemaakt, is niet bekend. Het Kifid meldt alleen dat de klant personeelskorting kreeg op zijn overlijdensrisicoverzekering.

Reageer op dit artikel