nieuws

Gasloos wonen kost € 20.000, maar wie betaalt het?

Financiële planning 5259

De benodigde aanpassing om een woning op termijn gasloos te maken kost de gemiddelde huizenbezitter € 20.000. Dit blijkt uit onderzoek dat Vereniging Eigen Huis (VEH) liet uitvoeren door bureau Berenschot.Wie de rekening van deze en andere maatregelen voor de verduurzaming van woningen moet betalen is volgens VEH nog nauwelijks duidelijk.

Gasloos wonen kost € 20.000, maar wie betaalt het?

Voor het artikel in het jongste nummer van Eigen Huis Magazine zette Berenschot per woningtype en per energielabel op een rijtje wat het kost om het huis geschikt te maken voor een gasloze toekomst, nadat eerder ook al Ecorys met berekeningen was gekomen. Vanaf 2030 mogen 2 miljoen Nederlandse woningen als het aan de overheid ligt niet meer op aardgas zijn aangesloten. In 2050 moeten alle woningen gasloos zijn.

Andere maatregelen

Behalve van een zelfstandige warmtepomp, nodig als alternatief voor de traditionele gasgestookte centrale verwarming, gaat  Berenschot in haar onderzoek ook uit andere maatregelen die nodig zijn om het wooncomfort ook in de toekomst te garanderen. Hieronder vallen het aanleggen van vloerverwarming, het plaatsen van zogeheten HR++ glas en het isoleren van vloer, gevel en dak.

Tussenwoning met energielabel C

In alle gevallen kost de aanpassing de woning de eigenaar veel geld. Voor een tussenwoning met energielabel C of D (de meeste woningen hebben het label C) gaat het om een investering van € 20.650. Daarvoor krijgt de eigenaar dan vloer- en spouwisolatie, een warmtepomp, isolatieglas, radiatoren en vloerverwarming die geschikt zijn voor een warmtepomp en tien zonnepanelen.

Subsidie en besparing

Tegenover die investering staat in de berekeningen van Berenschot een subsidie van slechts € € 2.650 die bestaat uit BTW-aftrek voor de zonnepanelen en de investeringssubsidie duurzame energie voor de warmtepomp. Wel bespaart de eigenaar van de tussenwoning jaarlijks € 900 op zijn energierekening.

€ 16.950 voor appartement

De rekening loopt fors naarmate het energielabel ‘hoger’ en de woning groter wordt. Bij een vrijstaande woning met energielabel D is een investering van € 30.800 nodig. De subsidie bedraagt nog steeds € 2.650 al loopt de jaarlijkse besparing op de energie op naar € 1.350. Zelfs een eigenaar van een appartement met het gemiddelde energielabel C tikt alsnog € 16.950 af waar tegenover gemiddeld genomen minder subsidie staat (€ 1.900). Bovendien is de jaarlijkse energiebesparing met € 180 een stuk kleiner.

Verbod op asbestdaken

Los van de subsidie en de terugverdiencapaciteit vergt de verduurzaming van de woning sowieso van de huiseigenaren dat ze het benodigde geld op tafel kunnen leggen. Sommige huiseigenaren weten zich bovendien voor extra kosten gesteld door het verbod op asbestdaken vanaf 2024. Amweb berichtte onlangs over de forse investeringen die huizenbezitters moeten doen om hun dak te vervangen en moeite die ze ondervinden om hiervoor de financiering rond te krijgen.

Weloverwogen geld uitgeven

VEH kent de zorgen over de investeringskosten. Woordvoerder Hans André de la Porte: “Het klopt dat een groep huiseigenaren in korte tijd erg veel over zich heen krijgt. Verduurzaming, van gas los, en ook asbest van het dak af. Al die maatregelen betreffen vanuit de overheid gezien een grote groep woningeigenaren. De individuele vraag ‘maar hoe dan?’ wordt nauwelijks beantwoordt. Daarom maken wij ons hard voor de consument die zijn geld maar een keer kan uitgeven en dat weloverwogen wil doen.”

Reageer op dit artikel