nieuws

Hoogleraar: ‘Starter kan blijven sparen, maar woning blijft buiten bereik’

Financiële planning 1910

Hoogleraar: ‘Starter kan blijven sparen, maar woning blijft buiten bereik’

Zodra een starter een paar duizend euro heeft gespaard, zijn de woningprijzen alweer zo veel gestegen, dat een koophuis voortdurend uit zicht blijft. Er valt niet tegen op te sparen, betoogt hoogleraar woningmarkt Peter Boelhouwer van de TU Delft. Hij noemt de situatie voor starters uitzichtloos.

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft 92% van de twintigers spaargeld op de bank. Voor de helft van die groep is dat tussen de € 2.000 en € 3.000. Dat is niet genoeg om van een gemiddelde starterswoning van twee ton de kosten koper te betalen (ca. € 10.000). Het bovenste kwart van de huishoudens van 25 tot 30 jaar oud heeft dat bedrag wel op de bank. Hun spaarsaldo bedraagt gemiddeld € 12.000.

“Als je met z´n tweeën werkt, is het volgens mij nog wel te doen”, zegt hoogleraar woningmarkt Peter Boelhouwer van de TU Delft over die cijfers op de blog kop-munt.nl. “Voor  alleenstaanden is het een ander verhaal, maar met z’n tweeën lijkt me dat de kosten koper niet het grootste probleem zijn.”

Beperkte leencapaciteit

Dat wil volgens hem niet zeggen dat starters niet behoorlijk klem zitten. Door studieleningen hebben jonge huizenzoekers moeite een hypotheek te krijgen. Boelhouwer vreest dat dat in de toekomst alleen maar lastiger wordt door het leenstelsel voor studenten. “Met de leencapaciteit die ze hebben met hun inkomen, zijn steeds minder woningen bereikbaar waardoor ze extra eigen geld moeten meenemen.”

Boelhouwer noemt de situatie voor starters uitzichtloos. “Die paar duizend euro kunnen ze dus wel sparen, maar als het huis dat ze willen in de tussentijd weer duurder wordt, kan het alsnog buiten bereik blijven. Er is eigenlijk niet tegen de prijsstijgingen op te sparen.”

Reageer op dit artikel