nieuws

Gescheiden man mag volle mep hypotheekrente aftrekken onder mom van alimentatie

Financiële planning 22541

De hypotheekrente is na een scheiding alleen aftrekbaar voor de persoonlijke eigenwoningschuld, doorgaans vijftig procent. Maar het Hof Den Bosch staat in een recente zaak toch toe dat een ex-partner de hypotheekrente voor 100% aftrekt. De andere helft beschouwt het Hof als verschuldigde alimentatie.

Gescheiden man mag volle mep hypotheekrente aftrekken onder mom van alimentatie

In de zaak gaat het om een in 2012 gescheiden man. In het echtscheidingsconvenant is opgenomen dat hij gedurende tien jaar alimentatie (€ 250 per maand) zal betalen aan zijn ex. Ook is bepaald dat de man alle vaste lasten en noodzakelijke onderhoudskosten van de echtelijke woning op zich zal nemen totdat deze is verkocht, waaronder de hypothecaire verplichtingen en alle verzekeringspremies die op de woning betrekking hebben. De man trekt vervolgens de betaalde hypotheekrente voor 100% af. De Inspecteur van de Belastingdienst rekent echter 50% van de hypotheekrente (€ 9.988) aan hem toe. Er volgt bezwaar en een procedure bij de rechtbank. De Inspecteur wint. De man gaat in hoger beroep.

Meer ijzers

Het Hof stelt in eerste instantie dat nu in het jaar 2012 geen sprake is van fiscaal partnerschap, de aftrekbare kosten volgens artikel 3.121 van de Wet IB 2001 in aftrek kunnen worden gebracht naar rato van de schulden die belanghebbende en zijn ex zijn aangegaan. Maar de man heeft meer ijzers in het vuur. Hij stelt dat het aan zijn ex toe te rekenen gedeelte van de hypotheekrente bij hem in aftrek kan komen als onderhoudsverplichting als bedoeld in artikel 6.3, lid 1, onderdeel a, van de Wet IB 2001. Hij verwijst ter onderbouwing van het bestaan van een dergelijke uit het familierecht voortvloeiende verplichting, naar de tekst van het echtscheidingsconvenant.

Aannemelijk

Bij de uitleg van de tekst van het echtscheidingsconvenant acht het Hof doorslaggevend dat de man ter zitting geloofwaardig heeft verklaard dat zijn ex en hij hebben beoogd om in het echtscheidingsconvenant vast te leggen dat hij de volledige hypotheekrente tot het moment van verkoop van de woning voor zijn rekening zal nemen. Het Hof: “De Inspecteur heeft deze verklaring niet betwist. Gelet op voornoemde verklaring acht het Hof aannemelijk dat op grond van het echtscheidingsconvenant voor belanghebbende de verplichting bestond om tot het moment van verkoop van de woning de ter zake van de woning verschuldigde hypotheekrente volledig voor zijn rekening te nemen. Aangezien de woning in het jaar 2012 nog niet verkocht was, acht het Hof derhalve aannemelijk dat belanghebbende op grond van het echtscheidingsconvenant verplicht was om gedurende het gehele jaar 2012 de ter zake van de woning verschuldigde hypotheekrente voor zijn rekening te nemen. Het Hof acht voorts aannemelijk dat voornoemde verplichting aan te merken is als een familierechtelijke verplichting tot voorziening in het levensonderhoud van [E] als bedoeld in artikel 1:158 juncto artikel 1:157 van het Burgerlijk Wetboek.”

Beroep slaagt

Naar het oordeel van het Hof geldt daarom zowel de maandelijkse betaling van een bedrag van € 250 als de betaling van het door de ex verschuldigde gedeelte van de hypotheekrente tot voorziening in het levensonderhoud van de ex-partner. Het hoger beroep is daarmee gegrond.

Waarschuwing

Sandra Ligtenberg van Fiscaal up to Date zegt vandaag tegen De Telegraaf dat lezers die zo’n constructie óók willen toepassen, de afspraken over het betalen van de hypotheekrente wel goed moeten vastleggen in de scheidingsdocumenten. Ook heeft ze een waarschuwing: de ex-partner moet rekening houden met een belastingnadeel. “Het is van belang dat diegene zich realiseert dat het aanmerken van hypotheekrente als alimentatie betekent dat deze alimentatie voor hem of haar juist belast is.”

Reageer op dit artikel