nieuws

Jarenlang getouwtrek om condoompolis eindigt binnenkort bij Hoge Raad

Branche 9153

De strijd die assurantiekantoor To Concept uit Dongen inmiddels al bijna veertien jaar uitvecht met zorgverzekeraar CZ rondom de zogenaamde condoompolis bereikt binnenkort zijn hoogtepunt met een uitspraak van de Hoge Raad. Afgaand op het advies van de procureur-generaal lijkt de tussenpersoon net als in eerdere procedures ook hier een blauwtje te lopen.

Jarenlang getouwtrek om condoompolis eindigt binnenkort bij Hoge Raad

Het juridisch getouwtrek tussen beide partijen gaat bijna veertien jaar terug. Eind 2005 brengt assurantiekantoor To Concept uit Dongen samen met het Groningse bedrijf Studenten.net een studentenzorgpolis op de markt. In de volksmond gaat die al snel de ‘condoompolis’ heten, omdat studenten bij afsluiten een gratis soa-test krijgen plus honderd condooms. Zorgverzekeraar CZ wordt de uitvoerder van de polis.

Jongerenpolis

Een week na lancering van de condoompolis zet CZ zelf een Jongerenpolis in de zorgverzekeringsmarkt. Die heeft dezelfde dekking als het product van To Concept en ook bij deze verzekering krijgen verzekerden gratis condooms. In mei 2016 laat CZ weten dat de Jongerenpolis 150.000 keer is afgesloten. De Studentenpolis is volgens To Concept 4.500 afgesloten, volgens CZ was dat 5.500 maal.

Exclusiviteit

Het assurantiekantoor stapt naar de rechter omdat het vindt dat CZ afspraken over exclusiviteit heeft geschonden. Doordat de zorgverzekeraar zich rechtstreeks tot dezelfde doelgroep ging richten, liep To Concept provisie-inkomsten mis. De tussenpersoon krijgt zowel in een kortgeding als een bodemprocedure het deksel op de neus. Volgens de rechter mocht To Concept niet op exclusiviteit van het marketingconcept rekenen.

In hoger beroep bevestigde het hof deze uitspraak. CZ had weliswaar in een e-mail aan To Concept geschreven pas eind 2006 zelfstandig een aanvullende verzekering voor studenten te gaan voeren, maar dat was volgens het hof enkel een beleidsvoornemen. Daar kunnen geen rechten aan worden ontleend. CZ verklaart dat ze die visie had moeten aanpassen, omdat eind 2005 veel concurrenten klanten aan het werven waren met doelgroeppolissen. CZ kon naar eigen zeggen niet achterblijven en paste zijn strategie aan door de jongerenpolis op de markt te brengen.

Eisen aan webmodule

Daarna volgen een aantal tussenuitspraken over de webmodule die CZ had toegezegd aan To Concept. Met die module konden de aanvragen van de condoompolis worden verwerkt. De webmodule had op 2 december 2005 beschikbaar moeten zijn, maar was dat uiteindelijk pas drie weken later.

Volgens To Concept had in de module de term Studentenpolis moeten staan. Ook had er een vakje moeten zijn om aan te geven dat de verzekerde 100 gratis condooms wilde ontvangen. Bovendien moest de webmodule automatisch rapporten kunnen maken. Dat kon die module allemaal niet. Het hof oordeelde echter dat To Concept niet concreet had uitgelegd aan CZ dat deze wensen er waren. Evenmin kon de tussenpersoon hard maken dat het om essentiële en noodzakelijke eigenschappen ging.

Daarmee voldeed de module aan de afspraken, aldus het hof in 2017. To Concept heeft eind december 2005 aangegeven de module niet te gaan gebruiken en niets aangebracht waaruit zou blijken dat de webmodule wel in gebruik zou zijn genomen als die drie weken eerder geleverd was. Met andere woorden: van schadevergoeding kan geen sprake zijn.

Wisselingen van rechters

To Concept legt zich hier niet bij neer en probeert in een ultieme poging zijn gelijk te halen bij de Hoge Raad. Volgens het kantoor is de procedure aan het hof niet rechtmatig verlopen, onder andere door vele rechterwisselingen. Daardoor heeft geen van de raadsheren die het eindarrest heeft gewezen het pleidooi bijgewoond. Ook is er een getuigenverhoor gedaan door een rechter-commissaris die het eindarrest niet heeft gewezen. To Concept klaagt bovendien dat er geen proces-verbaal is opgemaakt van het pleidooi.

Volgens de bedenker van de condoompolis is het onmiddellijkheidsbeginsel geschonden. Dat houdt onder andere in dat de rechter alleen informatie die tijdens de zitting aan het licht is gekomen mag gebruiken in zijn oordeel.

Geen schoonheidsprijs

De procureur-generaal van het Parket bij de Hoge Raad stelt deze week in zijn conclusie vast dat van schending van dat beginsel geen sprake is. Wel is hij kritisch over de behandeling door het hof. De manier waarop het oordeel is opgeschreven, verdient niet de schoonheidsprijs, aldus de procureur-generaal. Dat had wel wat ‘strakker’ gemogen. Evenmin vindt hij het bevredigend hoe is gecommuniceerd over de zeven wisselingen van rechters. Hij begrijpt dat To Concept daar serieuze vraagtekens bij plaatst.

“De wijze waarop het hof enkele beslispunten in zijn arresten heeft afgedaan, kan, dat heb ik hiervoor ook aangestipt, moeilijk ideaal genoemd worden”, aldus de conclusie van de procureur-generaal. Maar genoeg om te spreken van schending van het onmiddellijkheidsbeginsel is het niet. Ook de andere klachten falen.

De conclusie van een procureur-generaal geldt als advies aan de Hoge Raad. Als het hoogste rechtsorgaan binnenkort dit advies volgt, krijgt To Concept dus opnieuw geen gelijk in het conflict met CZ. Bijna veertien jaar procederen over de condoompolis heeft de tussenpersoon dan geen schadevergoeding opgeleverd.

Reageer op dit artikel