nieuws

Ook Lakeman opent de jacht op Hamers

Branche 1975

Na de politiek, de Tuchtraad Banken en de Vereniging van Effectenbezitters krijgt ING-CEO Ralph Hamers ook nog eens Pieter Lakeman op zijn dak. Lakeman wil dat het Openbaar Ministerie Hamers alsnog strafrechtelijk gaat vervolgen voor diens rol bij grootschalige witwaspraktijken bij de bank. Vorige week werd bekend dat ING voor € 775 mln met justitie had geschikt om aan vervolging te ontkomen. 

Ook Lakeman opent de jacht op Hamers

Lakeman, voorzitter  Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI)  noemt het besluit van het OM om ING een boete op te leggen en af te zien van vervolging  van leidinggevenden onjuist en onbegrijpelijk. Hij voorziet ‘een gevaarlijke verstoring van het maatschappelijk leven, het publieke debat en het financiële stelsel’ als verantwoordelijke leidinggevenden vrijuit gaan. Hij vraagt het Gerechtshof in Amsterdam het OM te bevelen om ING-topman Hamers alsnog te vervolgen.

‘Feitelijk leidinggever’

In een brief aan het Amsterdamse Hof stelt SOBI-voorzitter Lakeman dat hij Hamers beschouwt als ‘feitelijke leidinggever aan de door ING Bank verrichte verboden gedragingen’, ook volgens de normen van de Hoge Raad die het OM blijkens haar eigen verslag kent. De verboden gedragingen betreffen volgens Lakeman onder meer het niet op orde brengen van het compliance-apparaat, het negeren van waarschuwingen van de Nederlandse Bank en de Europese Centrale Bank en het niet onderzoeken van verdachte transacties. Het systeem dat ING hanteerde om mogelijke misstanden te monitoren zou bovendien bewust zijn ingesteld op maximaal drie gevallen per dag.

€ 100 mln extra winst

ING investeerde volgens Lakeman willens en wetens onvoldoende in compliance-deskundigen en boekte daardoor jaarlijks € 100 mln extra winst. De SOBI-voorzitter vindt het onacceptabel dat het OM de in de periode 2010-2016 gepleegde strafbare feiten nu alleen toerekent aan ING als geheel: “Het OM voert als rechtvaardiging voor dit besluit aan dat het compliance-systeem binnen ING over drie niet of nauwelijks met elkaar samenwerkende deel-organisaties verdeeld zou zijn geweest en dat géén van die deel-organisaties verantwoordelijk was voor het geheel. Als dat al zo is, vind ik het juist een extra argument om Hamers te vervolgen. Want het is de primaire taak van een fatsoenlijke Raad van Bestuur om de organisatie op het gebied van compliance zodanig in te richten dat die goed functioneert. Hamers heeft dat blijkbaar jarenlang achterwege gelaten.”

Reageer op dit artikel