blog

David en Goliath

Archief

Het schadeformulier van klant S. was op het eerste gezicht niet zo bijzonder. Klant S. was, zittend in zijn auto, vanachter aangereden. Hij stond op dat moment stil. S. had flinke schade aan zijn nagenoeg nieuwe BMW: kapotte achterlamp, deuk in de bumper, diepe krassen in de lak. Impactvolle kop-staartbotsing, ging ik vanuit. Bij het bekijken van de gegevens van de tegenpartij fronste ik echter mijn wenkbrauwen. Klant S. was niet aangereden door een andere auto, maar door een fietser. Tot mijn grote verbazing had ik hier te maken met een ‘gevalletje 185′

Artikel 185 Wegenverkeerswet (WVW) beschermt de zwakkere verkeersdeelnemers. De regeling (uitgewerkt in een brochure met de ietwat verwarrende naam ‘Spoorboekje’), zorgt voor risicoaansprakelijkheid aan de zijde van (de bestuurder van) het motorrijtuig. Terecht, want fietsers en voetgangers zijn kwetsbaar in het verkeer. Toch?

“Ik stond stil op de dijk,” verklaarde klant S. telefonisch. “Ik wachtte voor een ophaalbrug. Er was geen verkeer op de weg. Behalve een oude baas op een fiets. Ik zag hoe hij vanuit de verte mijn kant op kwam fietsen. Hij had minstens driehonderd meter vrij zicht. Ik volgde hem via mijn achteruitkijk spiegel, ging er vanuit dat hij me zou passeren en voor de brug zou stoppen.”

Maar de oude baas passeerde niet. Noch was hij gestopt. In straf tempo had hij doorgetrapt en was, tot verbijstering van klant S. frontaal op de stilstaande BMW gereden. Klant S. was natuurlijk direct uit de auto gesprongen om bij de man te kijken. De eerste reactie van de oude baas: “O sorry! Ik had u niet gezien.” (Een X5! Voor de niet-kenners, we hebben het hier over een flinke PC-tractor!)

De man had niets. Aan zijn degelijke herenfiets was nog geen spaakje verbogen. De garage schatte de schade aan de BMW op enkele duizenden euro’s.

Op basis van 185 Wegenverkeerswet zou klant S. zijn schade nu niet op (de avp van) de oude baas kunnen verhalen: bij risicoaansprakelijkheid speelt het begrip ‘schuld’ immers geen rol. Maar het artikel kent één escape: overmacht. Dat begrip is door de Hoge Raad als volgt uit gelegd: overmacht is aannemelijk als de fouten van de andere weggebruiker zó onwaarschijnlijk waren dat de bestuurder hiermee geen rekening hoefde te houden. Onwaarschijnlijk. Beter hadden ze het niet kunnen omschrijven!

 

evuijsters@kluwer.nl

Reageer op dit artikel