nieuws

Interview Wopke Hoekstra: ‘Actieve transparantie moet klant bewuster maken van het belang van financieel advies’

Branche 7971

Als de klant niet weet dat hij via provisie betaalt voor financieel advies, bestaat de kans dat hij niet vraagt om de dienstverlening waar hij recht op heeft. Dat noemt minister Wopke Hoekstra in een interview met am:web een belangrijk argument voor de invoering van actieve transparantie op schade. Die transparantie is volgens de bewindsman beslist geen opstapje tot een algeheel provisieverbod. Hij onderzoekt nog in welke mate ook direct writers meer openheid moeten tonen.

U kondigt vandaag aan af te zien van een eerder aangekondigd onderscheid tussen adviseurs en verkopers van verzekeringen. Waarom?
“Het gaat mij erom dat een consument weet wat hij aan de tussenpersoon heeft. Wat kan een tussenpersoon voor hem of haar doen en wat zijn eventuele beperkingen van de dienstverlening? Vergelijkt de adviseur een toereikend aantal producten voor jou? Zitten er alleen producten in de vergelijking van een aanbieder met wie de dienstverlener nauwe banden heeft?

In eerste instantie wilde ik deze informatie aan consumenten presenteren door een driedeling in type adviseurs. Uit de ontvangen reacties – onder andere vanuit uw achterban – bleek dat dit tot verwarring bij consumenten zou kunnen leiden. Ik kies er daarom voor om het eenvoudiger te houden en alleen te benoemen wanneer er sprake is van onafhankelijk advies. Daarnaast ga ik in het verbetertraject voor het dienstverleningsdocument bekijken hoe de consument daar het best over geïnformeerd kan worden.”

Het kan dat je niet gebonden bent, maar dat het aantal producten dat je vergelijkt wel ontoereikend is. Dan krijg je niet het predicaat onafhankelijk, maar ben je ook geen gebonden adviseur

De brancheorganisaties waren voorstander van een tweedeling in plaats van een driedeling: onafhankelijk adviseur en gebonden adviseur. Waarom is dat geen oplossing?
“De lastigheid zit hem erin dat wanneer je niet een onafhankelijk adviseur bent, dit niet per definitie betekent dat je een gebonden adviseur bent. De onafhankelijkheid van het advies hangt immers af van het antwoord op twee vragen. De eerste is of je als adviseur een toereikend aantal producten vergelijkt. En de tweede of je als adviseur niet uitsluitend je eigen producten adviseert, of producten van aanbieders waarmee je nauw verbonden bent. Het kan dus dat je niet gebonden bent, maar dat het aantal producten dat je vergelijkt wel ontoereikend is. Dan krijg je niet het predicaat onafhankelijk, maar ben je ook geen gebonden adviseur. Vandaar dat ik denk dat die tweedeling de lading niet dekt.”

Weinig consumenten nemen vooraf kennis van het dienstverleningsdocument. Waarom denkt u dat het voldoende is als alleen daar vermeld staat met wat voor soort adviseur ze te maken hebben?
“Het dienstverleningsdocument wordt nu inderdaad nog door een kleine groep klanten gebruikt. Dat vind ik jammer, want er staat waardevolle informatie in. Daarom onderzoeken we nu, in overleg met de sector, consumentenorganisaties en de toezichthouder, of het dienstverleningsdocument gebruiksvriendelijker kan worden, met meer waardevolle informatie voor de klant. Ik wil me er voor inzetten dat meer mensen de informatie uit het document gebruiken bij het kiezen van een financiële dienstverlener.”

Vindt u dat de adviesbranche momenteel goed functioneert?
“Uit de evaluatie van het provisieverbod is gebleken dat de kwaliteit van het advies is verbeterd sinds de invoering ervan, en dat het belang van de klant meer voorop is komen te staan. Dat is goed nieuws, want de branche doet ontzettend belangrijk werk. Mensen moeten erop kunnen vertrouwen dat ze op een fatsoenlijke, eerlijke en integere manier geholpen worden, zeker met ingewikkelde en complexe financiële producten.

Het blijft moeilijk voor mensen om goede, passende keuzes te maken uit het grote aantal financiële complexe producten op de markt. Ik zou het dan ook mooi vinden wanneer meer partijen recente inzichten uit gedragswetenschappen inzetten om de dienstverlening nog verder te verbeteren. Binnen het Actieplan consumentenkeuzes, waarvoor ik eind vorig jaar een oproep heb gedaan aan de financiële sector, consumentenorganisaties en kennisinstituten, zie ik veel samenwerkingen ontstaan tussen verschillende partijen die samen aan vernieuwende oplossingen werken om burgers nog beter van dienst te kunnen zijn. Ik doe hierbij nogmaals de oproep aan andere geïnteresseerden om hier aan deel te nemen.”

Als de klant niet op de hoogte is dat hij betaalt voor dienstverlening, bestaat de kans dat hij niet vraagt om de dienstverlening waar hij recht op heeft

Voor welk probleem is actieve transparantie op schadeproducten een oplossing?
“Dat moet ervoor zorgen dat een klant weet wat een adviseur voor hem of haar kan doen en wat hij daarvoor direct dan wel indirect betaalt. Met de huidige regelgeving ligt het initiatief bij de klant, die zelf aan een tussenpersoon moet vragen of, en zo ja hoeveel, provisie hij voor een bepaald financieel product krijgt. De adviseur is vervolgens verplicht om daarover duidelijkheid te verschaffen. Maar dat vraagt veel kennis en eigen initiatief van de klant. Als een klant überhaupt niet weet dat de adviseur provisie ontvangt, zal hij deze vraag niet stellen. En als de klant niet op de hoogte is van het feit dat hij betaalt voor dienstverlening, bestaat de kans dat hij niet vraagt om de dienstverlening waar hij recht op heeft.”

Op welk moment in het adviestraject moet een adviseur transparant zijn over zijn vergoeding? Op het moment dat er een offerte ligt is de adviesdienst in feite al geleverd. Vooraf is in het geval van zakelijke verzekeringen meestal niet mogelijk omdat de premie dan nog niet vaststaat.
“Daarom ligt het voor de hand dat klanten in ieder geval voordat ze de verkoopovereenkomst afsluiten, informatie krijgen over dienstverlening en provisie. Ik begrijp dat een adviseur in de oriënterende fase nog niet weet wat de persoonlijke situatie van de klant is en met welk product hij het best gediend is. Dan is het lastig om ‘op maat’ transparant te zijn over het exacte provisiebedrag. Een terecht punt, ik ben daarom met de sector in gesprek om te kijken hoe we hier het best mee kunnen omgaan.”

(interview gaat verder onder de foto)

Vindt u het een optie om provisietransparantie alleen te verplichten voor particuliere schadeverzekeringen?
“In dat geval kies je ervoor om de transparantie niet te laten gelden voor de zakelijke markt. Dat roept verschillende vragen op: hoe ga je dan bijvoorbeeld om met de kleine zelfstandige. Heeft die niet dezelfde bescherming nodig als consumenten? En wat rechtvaardigt zo’n onderscheid überhaupt? Ook hierover voer ik op dit moment gesprekken met de sector.”

Verzekeraars die exclusief zaken doen met het intermediair zien provisie als kosten die ze maken voor het distribueren van hun producten. Direct writers hebben een ander distributiekanaal. Vindt u dat zij ook transparant moeten zijn over hun distributiekosten?
“Ik vind het met name belangrijk dat de invoering van een actieve provisietransparantie niet het gelijke speelveld tussen tussenpersonen en directe aanbieders verstoort. Dit kan betekenen dat directe aanbieders ook meer transparant moeten zijn. Hoe ver dat moet strekken is de vraag, en ook nog onderwerp van gesprek.”

Bij het kiezen tussen en het aanschaffen van financiële producten is meer kennis nodig dan bij het kopen van een pak suiker. Het gaat ook over de bijbehorende dienstverlening

Adviseurs maken graag de vergelijking met de supermarkt. Ze opereren allebei als tussenpersoon tussen producent en consument. De supermarkt zet op het prijskaartje ook niet welk deel van het aankoopbedrag hun toegevoegde waarde is. Gaat die vergelijking wat u betreft op?
“Bij het kiezen tussen en het aanschaffen van financiële producten is meer kennis nodig dan bij het kopen van een pak suiker. Het gaat ook over de bijbehorende dienstverlening. Financiële dienstverleners spelen hierbij een belangrijke rol. Hun adviesdiensten en andere dienstverlening helpt burgers om verstandige financiële keuzes te maken. Meer transparantie moet het gesprek over die dienstverlening bevorderen, zodat klanten zich beter bewust zijn van het belang van financieel advies.”

Vindt u een abonnement een geschiktere beloningsvorm voor adviseurs dan provisie?
“Welke beloningsvorm het meest geschikt is, hangt af van de situatie en de wensen van de klant.”

Als je een niet passende schadeverzekering afsluit is de impact daarvan veel kleiner, vergeleken met als je dat doet bij een beleggingsinstrument

Is actieve provisietransparantie wat u betreft een opstapje naar een algeheel provisieverbod?
“Nee. In 2013 is het provisieverbod voor complexe producten ingevoerd. Mijn voorganger heeft er toen bewust voor gekozen datzelfde verbod niet voor schadeverzekeringen in te voeren. Schadeverzekeringen hebben andere kenmerken dan complexe producten. Als je een niet passende schadeverzekering afsluit is de impact daarvan veel kleiner, vergeleken met als je dat doet bij een beleggingsinstrument. Bovendien heeft een schadeverzekering vaak een korte looptijd, waarna deze meestal maandelijks opzegbaar is. Een provisieverbod voor schadeverzekeringen vind ik daarom niet proportioneel en onwenselijk.”

U stelde in uw Kamerbrief van januari dat het provisieverbod voor complexe financiële producten geen belemmering heeft gevormd voor consumenten om de financieel adviseur te bezoeken. In het geval van uitvaartverzekeringen wordt er echter amper meer geadviseerd. Begrijpt u de bezorgdheid van het intermediair dat juist minder kapitaalkrachtigen de toegang tot financieel advies verliezen als het provisieverbod wordt uitgebreid?
“Nogmaals, er is geen sprake van uitbreiding van het provisieverbod. Los daarvan moeten wij natuurlijk altijd oog hebben voor averechtse effecten van beleid. De evaluatie van het provisieverbod heeft gelukkig geen problemen met toegankelijkheid van financieel advies aan het licht gebracht. Maar toegankelijkheid heeft mijn aandacht.”

Vindt u dat de overheid een rol heeft om de consument te stimuleren een onafhankelijk adviseur te bezoeken voor zijn verzekeringen?
“Mijn belangrijkste verantwoordelijkheid is zorgen dat de consument een goed advies krijgt en daarbij tussen meerdere soorten financiële dienstverleners kan kiezen. Daarom vind ik het belangrijk dat bij advisering de belangen van de klant centraal staan en heb ik een rol in het bewaken van een gelijk speelveld tussen tussenpersonen en directe aanbieders. De consument heeft het recht om te weten wanneer het advies van zijn of haar financiële dienstverlener onafhankelijk is. Daarom ga ik dit wettelijk verankeren.”

Een veel gehoord geluid in de adviesbranche is dat u te veel uw oren laat hangen naar de argumenten van de AFM, het Verbond van Verzekeraars en de consumentenorganisaties. Vindt u dat er in uw verbetertraject voldoende aandacht is voor de belangen van het intermediair?
“Ik vind het belangrijk om de standpunten van alle verschillende betrokken partijen te horen. Maar beleid maken betekent ook keuzes maken. De uitdaging is om die keuzes zo goed mogelijk te onderbouwen en uit te leggen, zodat het voor iedereen te begrijpen is waarom een bepaalde beslissing is genomen. Daarom vind ik het ook belangrijk de beleidskeuzes in dit interview toe te lichten. En ik ben blij met de inbreng van de tussenpersonen in de verschillende trajecten die nu lopen en die natuurlijk ook impact hebben op hoe het uiteindelijke beleid eruit komt te zien.”

Volgens de laatste cijfers zijn er nog ruim 6.800 zelfstandige financieel adviesbedrijven actief met een eigen vergunning van de AFM. Volgens mij een ruim aantal

Aflossingsblij, het pensioenakkoord en verduurzaming roepen veel complexe financiële vragen op bij de consument. Vindt u de afname van het aantal financieel adviseurs in dat kader een zorgelijke ontwikkeling?
“Het aantal adviseurs en de kwaliteit van de adviezen zijn volgens mij twee verschillende dingen. Het is belangrijk voor de consument om goed financieel advies in te kunnen winnen. En het is natuurlijk prettig als dat kan bij een adviseur bij jou in de omgeving, dus dan helpt het als er voldoende keuze is in de verschillende regio’s. De afgelopen paar jaar is het aantal financieel adviseurs inderdaad gedaald. Volgens de laatste cijfers zijn er nog ruim 6.800 zelfstandige financieel adviesbedrijven actief met een eigen vergunning van de AFM. Volgens mij een ruim aantal, en ik heb ook nog geen geluiden gehoord dat er tekorten zijn die voor problemen zorgen.”

Wat wilt u voor het einde van uw huidige termijn zeker bereikt hebben voor de adviesmarkt?
“Ik vind het heel belangrijk dat consumenten goed geïnformeerd worden over complexe financiële producten en daardoor beter in staat zijn om goede keuzes te maken. Het gaat vaak over zaken met grote impact op de portemonnee. Als je de verkeerde keuze maakt, kan je daar nog jaren last van hebben. Daarbij moet het niet uitmaken over hoeveel achtergrondkennis je beschikt. De adviseur vervult daarin een cruciale rol: hun werk is dus ontzettend belangrijk. Ik moedig ze dan ook aan om hun werk op een fatsoenlijke, eerlijke en integere manier voort te zetten, met het belang van de klant op de eerste plaats.”

Reageer op dit artikel