Trage hypotheekadviseur heeft geen dossier; klant krijgt deel vergoeding terug

Trage hypotheekadviseur heeft geen dossier; klant krijgt deel vergoeding terug

Een adviseur die vanwege een ontbrekend dossier geen weerwoord had tegen de Kifid-klacht van een klant, moet 1/3 van zijn adviesvergoeding terugbetalen omdat het hypotheekadviestraject met een slordige zeven maanden wel erg traag verliep.

Een man heeft zijn oog laten vallen op een nieuwbouwwoning en schakelt in maart 2024 voor het advies over de financiering een adviseur van Hypotheek Visie in, die daarvoor € 3.500 rekent. Er rolt in mei een offerte uit, maar die is niet naar de zin van de klant, want er is geen aanvullende lening voor zijn dubbele woonlasten voorzien. De aanvraag moet daarop aangepast worden en dat neemt heel wat tijd in beslag. De maand juni is al volledig verstreken als de adviseur zich weer meldt. Uiteindelijk krijgt de huizenkoper op 16 augustus een telefoontje van de adviseur: de leensom kan niet worden aangepast, dus er moet een nieuwe aanvraag worden gedaan.

Levering verschoven

Dat is wel rijkelijk laat, want ondertussen is de tijd gaan dringen: de termijn voor het inroepen van het financieringsvoorbehoud ontbindende voorwaarden is al bijna verstreken. Vier dagen later krijgt de man een brief van de projectontwikkelaar: hij wordt in gebreke gesteld voor het niet tijdig afnemen van de woning, met verwijzing naar de bijbehorende boeteclausule in de koopovereenkomst. De datum van levering is vervolgens opgeschort. De hypotheek is daarna rondgekomen en de woning is uiteindelijk in oktober geleverd - zonder dat een boete is gerekend.

Klacht

De kersverse woningbezitter is niet tevreden en klaagt bij de adviseur. Die laat weten op korte termijn contact op te nemen om de kwestie op te lossen, maar dat gebeurt niet. In januari wendt de man zich tot Kifid. Hij wil een deel van de betaalde € 3.500 terug, want de adviseur is tekortgeschoten in de uitvoering van zijn dienstverlening. De adviseur heeft het traject vertraagd, was vaak onbereikbaar en reageerde niet tijdig, waardoor een boete dreigde wegens niet tijdig afnemen van de woning. De adviseur heeft de wens om dubbele woonlasten mee te financieren niet in de aanvraag meegenomen, met meer vertraging tot gevolg.

Slechte bereikbaarheid aan de zijde van de klant

De adviseur stelt op zijn beurt dat niet hij, maar de klant slecht bereikbaar was en dat hij ook andere dingen heeft geregeld die buiten de gebruikelijke dienstverlening vielen. Bovendien was de man niet duidelijk over de dubbele woonlasten. Voor de tweede aanvraag moesten bepaalde stukken opnieuw worden aangeleverd omdat deze verouderd waren en er stond een fout in de werkgeversverklaring van de consument, zo stelt de adviseur. Die heeft zelf contact opgenomen met de HR-afdeling van de werkgever van de consument om een juist afschrift te ontvangen. Toegegeven: de adviseur was van half oktober tot half november slecht bereikbaar, maar dat was omdat hij een maand met vakantie was, zo besluit het verweer.

Geen dossier

De geschillencommissie oordeelt in het voordeel van de klant, ook al heeft die geen schade geleden. De adviseur staat namelijk met lege handen: hij kan na herhaaldelijk verzoek niet het adviesrapport, de overeenkomst van opdracht, de algemene voorwaarden, de gespreksnotities, een inventarisatieformulier en aantekeningen van de wensen en mogelijkheden van de consument laten zien. "De commissie overweegt dat op de adviseur als professionele partij een verzwaarde motiveringsplicht rust. Het ligt op zijn weg om een dossier op te bouwen en aan de hand daarvan aan de commissie aanknopingspunten te verschaffen voor de vaststelling van wat hem bekend was over de wensen van de consument." Maar dat dossier is dus niet voorhanden. "De commissie kan daarom op grond van haar dossier niet vaststellen wat er tussen partijen is besproken over de aan te vragen financiering. Deze omstandigheid plaatst de commissie in de risicosfeer van de adviseur als professionele partij en zij volgt, bij onvoldoende gemotiveerde betwisting daarvan, de stelling van de consument dat hij zijn wens voor een aanvullende lening bij aanvang van het traject kenbaar heeft gemaakt."

Voortgang niet bewaakt

Onbestreden is verder dat de klant tussen eind mei en begin juli 2024 niets van de adviseur heeft gehoord, ook al zouden er langere doorlooptijden zijn geweest bij de geldgever. "Dat geeft geen onderbouwing voor de uitloop van het adviestraject vanaf eind mei 2024. De commissie oordeelt dat de adviseur de voortgang van het traject onvoldoende heeft bewaakt en dat zijn werkwijze voor onnodige vertraging heeft gezorgd. Ook dit is een tekortkoming van de adviseur."

De klant heeft geen boete hoeven te betalen aan de projectontwikkelaar. "Dit neemt echter niet weg dat de termijn voor het inroepen van het financieringsvoorbehoud niet is bewaakt. Naar het oordeel van de commissie lag hierin een taak weggelegd voor de adviseur om de consument te waarschuwen voor het verstrijken van die termijn. Uit het dossier volgt niet dat de adviseur deze taak op adequate wijze heeft ingevuld."

Adviseur houdt grootste deel vergoeding

Vanwege de tekortkomingen kan de adviesovereenkomst gedeeltelijk, maar niet geheel worden ontbonden, aldus Kifid. "De aard van de geleverde prestatie sluit uit dat deze (geheel) ongedaan gemaakt wordt. De adviseur heeft voor de consument immers werkzaamheden uitgevoerd die niet ongedaan gemaakt kunnen worden en door de bemiddeling van de adviseur is een financiering verkregen voor de woning." De adviseur moet 1/3 van de advieskosten (€ 1.167) terugbetalen aan de consument.

Niet-bindende uitspraak 2025-0601

Rob van de Laar

Rob van de Laar

redacteur AM

Onderwerpen beheren

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.