nieuws

Rabobank draait op voor brandschade voor onderverzekerd kantoorpand

Schade 10356 PA

De Rabobank moet alsnog de schade vergoeden aan exploitant van onroerend goed Lexit na een brand in een kantoorpand. De bank, handelend als assurantietussenpersoon, wordt verweten de kantoorpandexploitant niet te hebben gewaarschuwd voor het risico op onderverzekering.

Rabobank draait op voor brandschade voor onderverzekerd kantoorpand

Lexit kocht in 2014 een kantoorpand voor een bedrag van € 1 miljoen. In de zomer van 2015 brak in het gebouw brand uit. Schade ruim € 212.000. Verzekeraar Interpolis keerde echter maar een krappe € 45.000 uit, omdat het pand onderverzekerd was. De herbouwwaarde bedroeg ten tijde van de brand namelijk € 4,75 miljoen, zo is later vastgesteld. In de verzekeringspolis was geen clausule garantie tegen onderverzekering opgenomen, waardoor de exploitant van de verzekeraar maar een klein deel van de schade vergoed kreeg.

Herbouwwaarde

Lexit was het niet eens met de gang van zaken en stapte eerder zonder succes naar de Amsterdamse rechtbank met het doel van de Rabobank de overige schade vergoed te krijgen. Een vertegenwoordiger van het bedrijf had bij het afsluiten van de benodigde verzekeringen voor het pand namelijk contact gehad met de een adviseur van de bank, waarna Interpolis een offerte uitbracht voor het verzekeren van de opstal. In de polis is het aankoopbedrag benoemd en ook zijn afspraken gemaakt dat de herbouwwaarde later zou worden bepaald. Voor de rechtbank bleek dit onvoldoende om de Rabobank te veroordelen de overige schade te vergoeden.

Verbouwd

Het gerechtshof in Amsterdam is een andere mening toegedaan en heeft in hoger beroep bepaald dat die moet opdraaien voor de schade die Interpolis niet vergoedt. “Van de Rabobank als redelijk bekwaam en redelijk handelend tussenpersoon had verwacht mogen worden dat deze weet dat er een aanzienlijk verschil kan bestaan tussen de aankoop- en herbouwwaarde van een pand. Het betreft hier een groot kantoorpand dat is aangekocht in een periode, waarin als gevolg van de financiële crisis de prijzen voor kantoorpanden aanzienlijk waren gedaald. Bovendien zou het pand nog verbouwd worden”, aldus het hof in zijn uitspraak.

Aankoopwaarde

Het gerechtshof stelt dat van een assurantietussenpersoon verwacht mag worden dat deze begrijpt dat met het vaststellen van de verzekerde waarde op de aankoopwaarde van het pand, een reëel risico bestond dat het pand “in zeer aanzienlijke mate” onderverzekerd zou zijn en had daar uitdrukkelijk voor moeten waarschuwen.

Reageer op dit artikel