Kluwer Assurantie Magazine

Homenr. 08 › Transparantie bij schadeprovisies hoeft van ministerie niet actief

Transparantie bij schadeprovisies hoeft van ministerie niet actief

22-04-2011 AM, jaargang 2011, nummer 08 0 reacties

Minister eist per kanaal verschil in premie

 

Klanten informeren over provisies op schadeverzekeringen hoeven assurantiekantoren alleen op verzoek te doen. De melding betreft dan zowel de aard van de provisies als de nominale waarde ervan.

 

Dat is een van de meest opvallende voorstellen die het ministerie van Financiën doet in een recente consultatienota. Die heet officieel het 'Ontwerpbesluit Wijzigingsbesluit financiële markten 2012'. Marktpartijen hebben tot 11 mei de tijd om te reageren op de consultatienota.

 

Met het voorstel voor de zogeheten passieve beloningstransparantie komt het ministerie tegemoet aan voorstellen van intermediairorganisatie Adfiz en willigt het een wens van het Verbond van Verzekeraars niet in. "Er zijn verdergaande transparantie-eisen overwogen, ten aanzien waarvan de administratieve lasten aanzienlijk hoger gelegen zouden hebben", zo wordt de gemaakte keuze verklaard. In een brief aan de Tweede Kamer voegt minister Jan-Kees de Jager eraan toe actieve provisietransparantie "disproportioneel zwaar te vinden voor de markt van schadeverzekeringen waar geen excessen bekend zijn".

 

Hooguit 5%

Volgens het ministerie levert de plicht tot het melden van de provisie op verzoek van de klant geen noemenswaardige administratieve lasten met zich mee voor assurantiekantoren. "De informatie is immers bekend bij de aanbieders en de bemiddelaars. Ook zullen veel bemiddelaars al beschikken over een standaardformulering ten aanzien van de beloning die zij ontvangen van aanbieders. Dergelijke formuleringen worden immers al langer gebruikt bij de beloningstransparantie omtrent betalingsbeschermers, complexe producten, hypothecair krediet en uitvaartverzekeringen." Voor hooguit 5% van "de ongeveer 8.900 bemiddelaars" zal dit nieuw zijn, zo is de inschatting.

 

Bonussen

Zoals eerder aangekondigd wordt per 1 januari 2013 een provisieverbod ingevoerd bij complexe financiële producten, hypothecaire kredieten, inkomensverzekeringen (waaronder betalingsbeschermers en aov's), uitvaartproducten en Mifid-diensten. Voor consumptief krediet gaat geen provisieverbod gelden.

 

Voor alle type verzekeringen, dus ook schadeverzekeringen, geldt dat bonusregelingen of omzetprovisies - provisies die verbonden zijn aan het behalen van een bepaalde omzet of productie -na 1 januari 2012 niet langer zijn toegestaan. Dit geldt tevens voor het volmachtkanaal. Volgens het ministerie veroorzaken "vergoedingen die tot doel hebben productie of omzetgroei te belonen" perverse prikkels en "werken die volumesturing in de hand".

 

Aan het betalen en ontvangen van schadeprovisies wordt nog een algemeen geformuleerde 'inducementnorm' gekoppeld: het is voor aanbieders en (onder)gevolmachtigde agenten niet langer mogelijk om commissies te betalen of te ontvangen die de kwaliteit van de dienst niet ten goede komen en/of afbreuk doen aan de verplichting zich in te zetten voor de belangen van de klant.

 

Directe beloning

Voor directe beloningen van de klant aan de adviseur gaat eveneens een "open norm" gelden. "Zolang er maar geen sprake is van een beloning die gelet op de aard en de omvang van de dienstverlening als kennelijk onredelijk kan worden beschouwd", is de beperkende voorwaarde die het ministerie aan directe beloningen stelt. Het criterium 'kennelijk onredelijk' wordt nog nader omschreven met termen als: "beloningen die gelet op de daarmee gemoeide inspanningen niet kunnen worden gerechtvaardigd" en "beloningen die evident afbreuk doen aan het belang van de klant".

Hoewel de klant op dit punt een eigen verantwoordelijkheid wordt toegedicht, heeft de AFM de mogelijkheid om op te treden, zelfs als de klant op de hoogte (en akkoord) is met de directe beloning. "De AFM kan geen excessieve vergoedingen terugvorderen voor de klant."

Marktpartijen moeten zelf invulling gaan geven aan deze open norm. "Indien de markt onvoldoende opvolging geeft aan de norm, zal worden bezien of nadere invulling nodig is", zo dreigt De Jager.

 

Kosten aanbieders

De minister is vast van plan een gelijk speelveld te creëren door het verschil tussen het directe kanaal van een aanbieder en het kanaal van de adviseurs/bemiddelaars helder te maken. In dat kader moeten ook aanbieders een dienstverleningsdocument (dvd) gaan opstellen. Daarin moet inzicht worden gegeven in hun advies- en distributiekosten. Dat zal in nominale termen, dat wil zeggen in euro's, moeten geschieden, zodat klanten kunnen vergelijken.

 

Hoe dit exact vorm krijgt, is nog onderwerp van studie. "Misrepresentatie van die kosten door ze lager voor te stellen dan ze werkelijk zijn", wil De Jager in elk geval tegengaan. Daarnaast moet uit het dvd duidelijk blijken "of en zo ja, in welke mate er een vergelijking van producten van verschillende aanbieders wordt gemaakt".

 

Tot slot moet bij functionarissen die in dienst zijn van een aanbieder helder zijn "welke prikkels de advisering vanuit de aanbieder beïnvloeden", stelt de bewindsman. "Ook in dat laatste geval kunnen zij zich niet kwalificeren als onafhankelijke adviseur, omdat dat misleidend kan zijn."

 

Prijzen netto

"Voor het gelijke speelveld is het van belang dat de prijzen van de (netto) producten die via adviseurs/bemiddelaars worden gedistribueerd, lager zijn dan de prijzen van vergelijkbare producten van banken en de direct writers", zo vervolgt De Jager in zijn brief aan de Tweede Kamer. "Producten die een adviseur/bemiddelaar voor zijn klanten kan adviseren en bemiddelen, kennen immers geen advies- en distributiekosten omdat die separaat met de klant worden afgerekend."

 

Als de markt op dit moment onvoldoende zijn werk doet, grijpt het ministerie in. "Ik sluit niet uit dat als er onvoldoende onderscheid tussen prijzen van producten van directe aanbieders en prijzen van producten die via het intermediaire kanaal worden aangeboden optreedt, ik hier nadere maatregelen voor zal treffen. Verdergaande kostentransparantie van producten is een maatregel die ik in dit kader kan overwegen. Ik ga er vooralsnog vanuit dat de markt hier zelf oplossingen zal ontwikkelen, omdat concurrerende aanbieders hier voordeel van kunnen ondervinden."

 

Execution only

Als klanten kiezen voor aanschaf zonder advies ('execution only'), dan moeten zij "op niet mis te verstane wijze geïnformeerd worden over de risico's die hieraan zitten". Een klant mag voor deze wijze van productaanschaf kiezen, "maar alleen na een toetsing die nagaat of dit type dienstverlening past bij de betreffende klant". De minister kijkt hiervoor naar een vergelijkbare toets die al bestaat bij producten onder de Mifid-regelgeving.

 

Efficiencyvergoeding

De brief van De Jager laat er geen misverstand over bestaan: er wordt aangestuurd op het verdwijnen van alle geldstromen tussen aanbieders en adviseurs/bemiddelaars. Tegen die achtergrond ziet de minister dan ook geen heil in efficiencyvergoedingen. Dat zouden vergoedingen moeten zijn die verzekeraars of banken aan het intermediair betalen voor werkzaamheden die zij de aanbieder uit handen nemen. "De klant betaalt voor advies en bemiddeling", stelt De Jager. "Als kosten van bemiddelingswerkzaamheden niet zijn uit te leggen aan de klant, moet de bemiddelaars zich afvragen of hij nog wel zaken wil doen met die betreffende aanbieder."

 

Verder wil het ministerie een einde maken aan volume-eisen van aanbieders richting het intermediair. Hoe dat moet worden afgedwongen, is overigens nog onduidelijk. De Jager denkt aan het kopiëren van regels rond 'belangenconflicten', zoals die in de beleggingswereld gelden.

 

Voorts zal onderzocht worden of het portefeuillerecht, zoals nu opgenomen in de WFT, "nog past in het nieuwe marktmodel dat ik voor ogen heb".

 

Lening voor adviesnota

In de brief staat De Jager stil bij "de toegankelijkheid van het tussenpersonenkanaal" en dan vooral de toegankelijkheid van advies voor minder draagkrachtige klanten. Als klanten een adviesnota niet met eigen middelen kunnen of willen betalen, kunnen zij een lening afsluiten. "Er is wel eens tegengeworpen dat dit een omslachtige manier is, maar in veel branches is dit heel gebruikelijk", meent De Jager. Hij verwacht dat marktwerking ervoor zal zorgen dat minder draagkrachtige klanten ook prijstechnisch bediend blijven worden.

 

Verder komt De Jager terug op de eerder al eens aangekondigde 'geldwinkels'. "Komend jaar vindt er een aantal kleinschalige pilots van 'het Financieel loket' plaats. Daar kunnen consumenten terecht voor algemene informatie over of doorverwijzing naar financiële producten. Het zal hierbij niet gaan om advisering; dit is immers vergunningplichtig."

 

Pensioen

Die plicht gaat wel verscherpt gelden voor pensioenadvies. Om "de kwaliteit van de pensioenadvisering in de tweede pijler naar een hoger niveau te tillen", wordt een aparte WFT-module Pensioenverzekeringen geïntroduceerd. Nieuwe toetreders op die markt moeten daar met ingang van 2012 aan voldoen.

 

Bestaande pensioenadviseurs die hun vak in de toekomst willen blijven uitoefenen, zullen dat vóór 1 februari bij de AFM kenbaar moeten maken. De omvang van die groep wordt op 16.500 geschat. Zo'n 3.300, oftewel 20%, zal dit vak blijven uitoefenen. Na aanmelding moeten zij vervolgens vóór 1 juli 2012 aan de toezichthouder laten zien op welke wijze zij denken aan de nieuwe vakbekwaamheidseisen te gaan voldoen. De echte deadline is dan 1 januari 2014: dan moet de financiële dienstverlener aan de nieuwe eisen voldoen.

 

Volgens het ministerie, die hierin het advies van het College Deskundigheid Financiële Dienstverlening (CDFD) volgt, is bewust gekozen voor een lange overgangsperiode. Het huidige niveau van advisering omtrent pensioenen wordt namelijk als "veelal onvoldoende" gezien. Daarbij wordt verwezen naar een "alarmerend" onderzoek van de AFM, waarin werd gesteld dat 31% van pensioenadviezen zeer slecht is, 44% slecht en 25% matig tot redelijk.

 

Serviceproviders

Ook voor serviceproviders gaat een provisieverbod gelden. Omdat zij vrijwel geen klantcontact hebben, krijgen zij niet de verplichting tot het opstellen van een dvd.

Snelzoeken vacatures

Club Finance Carrière Event 2011

Op zoek naar een (nieuwe) baan in de financiele sector? Ontmoet topwerkgevers, bezoek een van de vele interessante workshops of debateer mee over "the Future of Finance" tijdens Club Finance, hét carrière event voor de financiële branche. 21 mei 2011, Stadion Galgenwaard Utrecht.

Schrijf je nu in op www.clubfinance.nl voor gratis toegangskaarten.

AM-inhoud

Assurantiemagazine is een product van Kluwer - © www.amweb.nl