Home › nr. 21 › 'Elektronisch verzekeren van A tot Z stap dichterbij'
27-11-2009 • AM, jaargang 2009, nummer 21 • 0 reacties
Het wetsvoorstel elektronisch verkeer, dat momenteel bij de Eerste Kamer in behandeling is, is een stap vooruit naar volledig elektronisch verzekeren. Maar het voorstel is onvolledig en behoorlijk onevenwichtig, stelt Marc Hendrikse, directeur van het UvA Amsterdam Centre for Insurance Studies (ACIS).
"In december 2007 is bij ons onderzoekscentrum een proefschrift verschenen over elektronisch handelsrecht van Henri Martius. Ook verscheen in juni 2006 al een oratie over elektronisch verzekeren van een ander ACIS-onderzoeker, Wouter Kalkman. Het is opvallend dat de minister in zijn wetsvoorstel weinig met deze gezaghebbende publicaties heeft gedaan. We zien nu dat de Eerste Kamer het wel oppakt en een aantal pittige vragen heeft gesteld aan de minister. Het is alleen jammer dat de vragen in een zo'n laat stadium van het wetgevingsproces worden gesteld, omdat de Eerste Kamer geen recht van amendement heeft", zegt Hendrikse. Waar de Eerste Kamer vooral over valt, is de onevenwichtigheid en de onvolledigheid van het wetsvoorstel, stelt Hendrikse. "Zo bestaat er onduidelijkheid over de status van een elektronisch aanbod in het kader van de totstandkoming van een elektronische overeenkomst. Onduidelijk is welke termijn daarbij hoort. Is dat de wettelijke termijn die hoort bij een mondeling aanbod of die bij een schriftelijk aanbod?", vraagt Hendrikse zich af. "Dit is helemaal niet geregeld in het wetsvoorstel." Algemene voorwaarden Een belangrijk praktisch knelpunt op dit moment is dat het gebruik van de elektronische algemene voorwaarden alleen mogelijk is als de overeenkomst ook langs elektronische weg wordt gesloten. "Dus als bijvoorbeeld het afsluiten van een verzekeringsovereenkomst op basis van een papieren aanvraagformulier geschiedt, kan de verzekeraar de algemene voorwaarden niet langs elektronische weg aan de verzekeringnemer verstrekken. Dat gaat nu met de invoering van het wetsvoorstel veranderen. Het gebruik van elektronische algemene voorwaarden wordt ook mogelijk als de overeenkomst niet via elektronische weg wordt gesloten, mits daarvoor toestemming is gegeven door de wederpartij van de gebruiker van de algemene voorwaarden." Niet mogelijk Volgens Hendrikse is het nu niet mogelijk voor een verzekeraar om een elektronische polis af te geven aan een verzekeringnemer. "Een polis is namelijk een akte en een akte is volgens de wet een ondertekend geschrift dat is bestemd om tot bewijs te dienen. In het huidige wetsvoorstel komt de minister zijn belofte uit 2005 na, om het gebruik van de elektronische polis wel mogelijk te maken. Het gaat dan niet alleen om een elektronische polis, maar om een elektronische onderhandse akte in het algemeen", benadrukt Hendrikse. "De minister is wel bezig om dit 'toekomstproof' te regelen door niet te spreken van een elektronische onderhandse akte maar van een 'onderhandse akte op een andere wijze dan bij geschrift opgemaakt'. Andere nieuwe technieken in de toekomst die niet als elektronisch verkeer kunnen worden aangeduid, kunnen ook onder die ruime omschrijving vallen." Wat Hendrikse verbaast, is dat een elektronische onderhandse akte alleen mogelijk is voor zover uitdrukkelijk toestemming is gevraagd en is verkregen van degene aan wie de akte moet worden verschaft. "Als ik langs elektronische weg een verzekeringsovereenkomst sluit, dan is het toch voor de hand liggend dat ik ook een elektronische polis van de verzekeraar krijg." Handtekening Hendrikse constateert bij de vereiste handtekening ook een inconsequentie in het wetsvoorstel. "Als een elektronische polis wordt afgegeven, dient deze te zijn voorzien van een gekwalificeerde elektronische handtekening. Dat is de meest vergaande vorm van elektronische handtekening. De minister is kennelijk bang, want zo'n handtekening heeft natuurlijk een bewijsfunctie. Maar het is niet consequent. Onder een papieren polis staat vaak een gescande handtekening en dat mag dan wel. Maar bij de elektronische handtekening moet het opeens de meest vergaande vorm zijn die voorhanden is", zo verbaast Hendrikse zich. Elektronische mededeling Sinds februari 2008 kunnen verzekeraars gebruikmaken van elektronische mededelingen. In het 'Besluit elektronische mededelingen' zijn regels neergelegd onder welke omstandigheden dat mogelijk is. Hierin is ook geregeld dat een mededeling van de verzekeraar wordt geacht de geadresseerde niet te hebben bereikt, zolang de ontvangst niet aan de verzekeraar is bevestigd. Dus tot het moment dat de geadresseerde de ontvangst heeft bevestigd, heeft de mededeling van de verzekeraar dus eigenlijk geen effect. "Een grote stap voorwaarts is dat na de invoering van het wetsvoorstel de minister deze beperking in het besluit gaat schrappen. Terecht want de ontvangstbevestiging geldt ook niet bij het sturen van een schriftelijke mededeling door de verzekeraar aan de geadresseerde", zegt Hendrikse. Hij noemt nog een andere belangrijke verandering van het besluit. "Het is nu nog niet toegestaan dat een verzekeraar elektronisch communiceren van verzekerde naar verzekeraar uitsluit in de verzekeringsvoorwaarden. In het besluit zal evenwel worden geregeld dat de verzekerde altijd elektronisch met de verzekeraar kan en mag communiceren als de verzekeraar deze bevoegdheid ook heeft. Dat heet het wederkerigheidsprincipe."
Hendrikse benadrukt het belang van een apart artikel waarbij het mogelijk is dat de verzekeringnemer de overeenkomst steeds langs elektronische weg kan opzeggen. "Dit gaat verder dan het wederkerigheidsprincipe, want ongeacht of de verzekeraar daartoe bevoegd is, kan de verzekeringnemer altijd via elektronische weg opzeggen. Ik vraag mij wel af waarom dit alleen geldt bij opzeggen."
Meest gelezen afgelopen week
Snelzoeken vacatures
Assurantiemagazine is een product van Kluwer - © www.amweb.nl