01-12-2000 • Archief • 0 reacties
Waar Aegon nog goed kon wegkomen door haar verlaging van de autoprovisie toe te schrijven aan administratieve kostenbesparing voor de tussenpersoon, daar kreeg NN het intermediair, onder aanvoering van NVA en NBVA, over zich heen na het besluit om de aov-provisie te verlagen naar 17,5%. De actie van NN stond niet op zichzelf, al deden andere aov-verzekeraars - ASR voorop ("We kijken wat de markt doet") - hun best om afzijdig te blijven. De 'oranje leeuw' had vooraf zijn besluit bij zijn concullega's getoetst en daar een willig oor gevonden. Maar toen NN zich blootgaf, bleef concrete steunbetuiging uit, zodat uitsluitend de boodschapper van het slechte nieuws werd afgeschoten. Afgezien van de ongelukkige samenloop - de controverse met het intermediair over het internetkantoor Wellowell is nauwelijks achter de rug - is het besluit van NN onverstandig. Een premieverhoging als kapstok gebruiken voor een provisieverlaging is principieel niet zuiver. Immers, gaat de aov-provisie ook weer omhoog als de premie omlaag gaat? Een provisieverlaging zou uitsluitend ter discussie gesteld mogen worden als de hoogte van het provisiepercentage, ongeacht de hoogte van de premie, onaanvaardbaar is geworden voor verzekeraars dan wel tussenpersonen. Juist de tegengestelde belangen bij provisies zijn een bron van spanning: provisies zijn voor verzekeraars primaire kosten, maar voor tussenpersonen de enige bron van inkomsten. Sleutelen aan de provisie moet dus wel leiden tot spanningen, hetzij bij verzekeraars, hetzij bij tussenpersonen, vooral in een tijd waarin veel goedkopere verkoopkanalen (internet) ertoe dwingen dat intermediairverzekeraars hun bedrijfskosten structureel laag moeten houden. Het argument van NVA en NBVA dat NN met haar provisieverlaging een enkele steen lostrekt uit het provisiegebouw, die de samenhang ervan aantast, is niet van deze tijd. Het subsidiëren van branches staat haaks op de huidige trend naar rendement op productniveau. Los daarvan heeft de klant domweg geen boodschap aan de bezwaren van NVA en NBVA: aan hem valt toch niet uit te leggen dat zijn tussenpersoon voor hetzelfde werk 20% meer gaat verdienen, omdat hij 20% meer premie moet betalen? Dus zal als een van de laatste heilige huisjes ook de beloningstructuur van het intermediair onder de loep moeten worden genomen. Dat is niet zo irreëel als wel wordt gedacht: sinds de invoering in 1956 van de 'Voorlopige Verbintenis inzake de beloning van tussenpersonen in het schadeverzekeringsbedrijf' zijn provisiepercentages onveranderd toegepast. En niemand, ook NVA en NBVA niet, kan volhouden dat het werk van de tussenpersoon sindsdien inhoudelijk niet is gewijzigd. In de wetenschap dat een handjevol tussenpersonen eerder besloten heeft tot teruggave van provisie op de aov-premie, is een open discussie over het provisiehuis een handschoen die tussenpersonen(organisaties) wél moeten opnemen. Wim Abrahamse
Meest gelezen afgelopen week
Snelzoeken vacatures
Assurantiemagazine is een product van Kluwer - © www.amweb.nl