Kluwer Assurantie Magazine

Homenr. 18 › 'Ik heb 140% van m'n inleg terug'

'Ik heb 140% van m'n inleg terug'

26-09-1997 Archief 0 reacties

Met een van emotie overlopende stem verhaalt Frans Maes over de gebeurtenissen in oktober 1993 in Veldhoven. Hij lijkt zijn betoog in het Haagse perscentrum Nieuwspoort goed te hebben voorbereid. Echter, na één prikkelende vraag valt hij al uit zijn rol en spuwt hij vuur. Woedend is hij over het hem aangedane onrecht. Vijf minuten later zit de Brabander evenwel weer schaterlachend tegenover het journaille. Vier jaar na de ondergang van levensverzekeraar Vie d'Or: Frans Maes, met een andere visie.

Aanleiding voor de persconferentie is een door Frans Maes geschreven rapport 'De financiële situatie van Vie d'Or per 31 oktober 1993'. Op 31 oktober van dat jaar trad Maes officieel terug als directeur. De meerderheidsaandeelhouder (51%) zag vervolgens de nieuwe directeur Bert Lieuwma naar de Verzekeringskamer (VK) en de pers stappen met verhalen over de dubieuze solvabiliteit van de maatschappij en de vreemde praktijken binnen de Veldhovense muren.

De Verzekeringskamer stelde een bewindvoerder (Cor Boet) aan, die op 8 december een tekort van f 80 mln rapporteerde. Het faillissement van Vie d'Or en overdracht van de 13.000 polissen naar Twenteleven (Levob) volgden. De dag van 8 december 1993 typeert Maes anno 1997 als een rampdag voor Vie d'Or. De balans van de maatschappij was namelijk helemaal niet f 80 mln negatief maar f 173 mln positief, zo heeft Maes becijferd. Het heeft hem vijf maanden gekost. Een bevriende actuaris en accountant hebben hem erbij geholpen.

Complot

Voor zijn berekeningen heeft Maes gebruik gemaakt van computerprogramma's die geleid hebben tot de cijfers die de Verzekeringskamer bij monde van Boet bekend maakte. Daarnaast was hij in bezit van programma's waarmee de overdrachtswaarde van individuele polissen berekend kan worden en van software waarmee de verplichtingen van Vie d'Or op 31 oktober 1993 ten opzichte van polishouders kan worden bepaald.

"Daarmee laat ik zien dat een gulden een gulden waard is, en geen zes dubbeltjes zoals Boet ons wil doen geloven." Maes bracht eerder al vier rapporten uit over Vie d'Or, maar niemand besteedde er serieuze aandacht aan. "Nee, iedereen heeft de rapporten van KPMG, die zelfs tot een tekort van f 180 mln zijn gekomen, voor onbetwiste waarheid aangenomen. Niemand heeft de moeite genomen de balans van Boet eens na te rekenen. Maar de inhoud van dit rapport laat verontachtzaming niet langer toe", aldus een gekrenkte Maes.

In het kort komt het verschil tussen de Boet-balans en de Maes-balans hierop neer:

  • beleggingen f 137 mln, voornamelijk veroorzaakt door berekening op basis van aanschafwaarde (Boet) en actuele waarde (Maes); 

  • voorziening verzekeringsverplichtingen f 61 mln; 

  • onterecht beëindigde herzekeringscontracten f 20 mln; 

  • overig f 35 mln. In totaal een verschil van f 253 mln, veroorzaakt door een diepgeworteld geloof bij Maes dat Vie d'Or in het najaar van 1993 een normale, solvabele maatschappij was. Of zoals Maes het zegt: "Volkomen ten onrechte is Boet uitgegaan van ontmanteling van Vie d'Or. Met zo'n uitgangspunt ziet de waarde van elke levensverzekeraar er niet zo florissant meer uit." 

Maes denkt dat Vie d'Or hoe dan ook moest vallen. Een complot? "Vie d'Or beliep andere paden dan de traditionele verzekeringswereld gewend was en is. Door de openheid van onze producten en de keuzevrijheid in beleggingen brachten we anderen in verlegenheid. Wij waren een vervelende luis in de pels. Ik suggereer geen complot. Feit is echter dat men niet de geringste moeite heeft genomen om te kijken of er nog een toekomst voor Vie d'Or was. Men heeft verkeerde wegen bewandeld en alternatieven bewust links laten liggen. De reden? Ik weet het niet", verzucht hij vertwijfeld.

Beschuldigingen

Plotseling onderbreekt Maes zijn betoog. Ontroerd begint hij te vertellen over zijn bezoek een dag eerder aan het oude kantoor van Vie d'Or in Veldhoven. "Ik kon er niet lang binnenblijven. Het werd me teveel."

Op al even emotionele toon neemt hij zijn gehoor mee terug naar begin november 1993, als Bert Lieuwma de publiciteit (Assurantie Magazine) zoekt. "Met pure leugens, over miljoenen naar Curaçao gesluisde guldens, over dubieuze beleggingen en transacties, noem maar op." Maes bevond zich op dat moment in San Francisco. Om gezondheidsredenen had hij zojuist afstand genomen van Vie d'Or. "Van alle geuite beschuldigingen is achteraf niets waar gebleken. Justitie heeft mijn hele levensloop kunnen doorspitten en niets strafbaars gevonden."

"Wat ik me verder afvraag is, hoe kan iemand die zichzelf een financieel onbenul noemt na zes werkdagen naar de pers lopen met verhalen over een financiële chaos, onvoldoende reserves en een dreigend faillissement? Ik wil niet speculeren over Lieuwma's motieven, maar zijn stap was onbegrijpelijk", aldus Maes, die zegt Lieuwma nadien nooit meer te hebben gesproken.

Maes windt zich op over de vele beschuldigingen die in zijn richting zijn geuit. "Ik weiger nog langer als de grote zondebok te fungeren. Ook KPMG heeft mij beschuldigd van verrijking via beleggingen met gelden van polishouders. De officier van Justitie heeft mij van die blaam vrijgepleit, maar KPMG blijft zeggen: 'Wij maken geen fouten'. De arrogantie...! Maar ik ga ze voor de rechter dagen. KPMG zal zijn ongelijk publiekelijk toegeven."

Fouten

Als we Frans Maes moeten geloven, heeft iedereen het verkeerd gedaan, behalve hijzelf. Die conclusie is echter niet juist. "Nee, ik wil hier niet mijn straatje schoonvegen. Natuurlijk heb ik ook fouten gemaakt, natuurlijk."

De eerste grote fout was volgens Maes dat hij te weinig toezicht heeft gehouden op de Vie d'Or-directie. "Ik had het moeten zien aankomen. Ik wilde ook graag een financieel directeur naast Lieuwma aanstellen. Maar hij wilde het alleen doen. Ik had toen mijn zin moeten doorzetten."

De samenwerking met de Rotterdamse tussenpersoon Blokland & Willemsen was volgens Maes een andere fout. En op beleggingsgebied zijn eveneens fouten gemaakt. "Maar amaai! Niet alles wat je doet, is goud hè. Van verrijking is echter nooit sprake geweest. Ik heb geen gulden gejat." Sterker nog, Maes stelt zelfs ten behoeve van Vie d'Or af te hebben gezien van aanzienlijke provisiegelden voor Assurantie Collegiums, kantoren die voor Vie d'Or verkochten en waar Maes eigenaar van was.

Ook de financiële injectie van f 7 mln in de hypotheekbemiddelingsketen Hypotheek Visie met Vie d'Or-geld, via een vennootschap van Maes, was geen persoonlijke verrijking. Maes schermt zelfs met het succes van Hypotheek Visie. "Er was niets mis met die belegging. Kijk maar eens welk een miljardenomzet die keten nu draait."

Linke jongen

Maes mag dan van de prins geen kwaad weten, hem wacht wel een strafrechtelijke procedure naar zijn rol in het Vie d'Or-drama. Bang is Maes daar niet voor. "Welnee, ik ben juist blij met dat onderzoek. Eindelijk gerechtigheid, want ik word vrijgesproken. Natuurlijk, ze hebben toch al vier jaar lang niets kunnen vinden..."

Als u zo blij bent met dit onderzoek, waarom hebt u dan uw strafrechtelijke vervolging in eerste instantie voor f 100.000 afgekocht? "Op advies van mijn advocaat, de heer Wladimiroff. Die zei tegen mij: 'Frans, als je een schikking treft, zullen de mensen je een linke jongen vinden die zich er met een schijntje vanaf maakt. Kies je voor een rechtzaak, dan word je vrijgesproken en zullen ze je nog steeds een linke jongen vinden tegen wie te weinig bewijs te vinden was. Tussen die schikking en die rechtszaak zit echter een f 0,5 mln aan kosten. Zeg het maar.' Tja, dan begrijpt u de keuze voor de schikking wel."

De schikking was geen schuldbekentenis. Zeker niet, want Maes acht zichzelf juist één van de slachtoffers, zowel financieel als publicitair. Het enige waar hij beter van is geworden is van de overdracht van de Vie d'Or-polissen naar Levob. Maes was zelf polishouder.

"Bij de verdeling hebben grove onrechtvaardigheden plaatsgevonden. De één heeft f 300.000 teveel gekregen, de ander f 300.000 te weinig. Maar volgens de Verzekeringskamer was bevoor- of benadeling van groepen polishouders niet belangrijk." Met een brede grijns meldt Maes dat hijzelf 140% van zijn inleg heeft teruggekregen. "Maar debacles als deze moeten in de toekomst vermeden worden. Ik hoop dat de wet wordt aangepast en dat er in de toekomst controle komt op een bewindvoerder."

In afwachting van de strafprocedure adviseert Maes zijn zoon. Zelf doet hij geen zaken meer op verzekerings- of beleggingsgebied. "Omdat ik als een grote crimineel ben afgeschilderd, heb ik zakelijk geen toekomst meer. Het wereldje laat dat niet meer toe. Dus help ik mijn zoon maar. Die doet wat in onroerend goed. Tja, een zakenman blijft een zakenman."

Frans Maes: "Waarom moest Vie d'Or vallen?"

Lieuwma

Kortstondig Vie d'Or-directeur Bert Lieuwma reageert zeer verongelijkt op de uitlatingen van Maes. Volgens hem is de Maes-versie volstrekt niet interessant, want onjuist. "Natuurlijk is Frans Maes het niet eens met de rapporten van de Tweede Kamer en die van KPMG. Dat ligt nogal voor de hand", aldus Lieuwma, die verder geen enkel commentaar wil leveren.

Geen reactie

De Verzekeringskamer (VK) ziet van een reactie af. Reden hiervoor is dat er enkele procedures (gaan) lopen, zoals de enquête van de Ondernemingskamer waarbij de rol van de VK tijdens de noodregeling wordt meegenomen. Verder heeft de Stichting Vie d'Or de VK aansprakelijk gesteld en inmiddels heeft ook Frans Maes laten weten de VK aansprakelijk te willen stellen. "Met het oog op deze omstandigheden gaat de VK in deze fase niet in op het rapport en de door Maes gegeven toelichting."

Om vrijwel dezelfde redenen ziet de Stichting Vie d'Or vooralsnog af van een reactie op het jongste rapport van Frans Maes.

Snelzoeken vacatures

AM-inhoud

Assurantiemagazine is een product van Kluwer - © www.amweb.nl