nieuws

Werkgeveraansprakelijkheid: kenbaarheid van een verhoogd risico op psychische schade.

Schade 1057

Op grond van artikel 7:658 BW heeft een werkgever een zorgplicht voor de veiligheid van de werkomgeving van zijn werknemer. Een werkgever moet die maatregelen nemen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat zijn werknemer in de uitoefening van zijn functie schade lijdt. Dat geldt ook voor psychische schade.

Werkgeveraansprakelijkheid: kenbaarheid van een verhoogd risico op psychische schade.

Uit een arrest van de Hoge Raad (HR 11 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR6657) volgt dat deze zorgplicht ook betrekking heeft op het voorkomen van psychische schade, waarbij onder andere gedacht kan worden aan een burn-out of depressie.

Het bestaan van een zorgplicht ter voorkoming van psychische schade roept de vraag op of een werkgever bedacht moet zijn op een eventuele bijzondere psychische kwetsbaarheid van zijn werknemer(s) ten einde aansprakelijkheid te voorkomen. Volgens vaste jurisprudentie heeft een werkgever een zorgplicht ter voorkoming van schade als het risico daarop voor hem kenbaar was of kenbaar had behoren te zijn.

De Arbeidsomstandighedenwet en de Arbeidstijdenwet kunnen een werkgever wellicht houvast bieden voor algemene risico’s op psychisch letsel. Die algemene risico’s zullen voor een werkgever kenbaar (behoren te) zijn. Het specifieke risico dat een bepaalde werknemer loopt, is daarentegen sterk individueel bepaald. Onder gelijke omstandigheden zal de ene persoon geen psychische klachten ervaren en de andere persoon wel. Dat een werkgever kennis behoort te hebben van een specifiek verhoogd risico op psychische schade is daarom niet vanzelfsprekend.

Hoge werkdruk, pesterijen en bedreigingen

In onderhavige zaak (Rechtbank Den Haag, ECLI:NL:RBDHA:2017:9803) stelt een werknemer zijn werkgever aansprakelijk op grond van artikel 7:658 BW. Daaraan legt de werknemer ten grondslag dat hij lijdt aan depressie en spanningsklachten die zijn veroorzaakt door slechte werkomstandigheden, waaronder een te hoge werkdruk, pesterijen en bedreigingen. De werkgever voert verweer en betoogt dat er van een hoge werkdruk geen sprake is. Daarnaast stelt de werkgever dat de werknemer aan een recidiverende depressie lijdt, waarvan werkgever niet op de hoogte was.

De kantonrechter zoekt aansluiting bij de conclusie van de Advocaat-Generaal bij HR:ECLI:NL:HR:2009:BH2619, en oordeelt als volgt:

De werkgever heeft pas een zorgplicht ter voorkoming van psychische klachten, zoals hier recidiverende depressie, als het risico daarop voor hem kenbaar was of kenbaar had behoren te zijn. Uitgangspunt is dat een werkgever mag veronderstellen dat een werknemer over normale psychische weerstand beschikt en dat dit alleen anders is als de werkgever weet dat de bewuste werknemer kwetsbaar is. Er moet dus sprake zijn van een voor de werkgever kenbaar risico. Als er in een concreet geval sprake is van een verhoogd risico, moet de werknemer dat aan de werkgever kenbaar hebben gemaakt.

Vervolgens verwerpt de kantonrechter het beroep op artikel 7:658 BW. Daarbij acht hij van belang dat geen sprake is van een dusdanig hoge werklast of een dusdanige ruwe bedrijfscultuur dat een werknemer met een normale psychische weerstand niet meer zou kunnen functioneren. Voorts heeft de werkgever geen rekening kunnen houden met de bijzondere risicofactor dat de werknemer aan een recidiverende depressie lijdt. De werkgever droeg van deze bijzondere kwetsbaarheid simpelweg geen kennis, omdat de werknemer de werkgever daarvan niet op de hoogte heeft gesteld. Dat betekent dat de werkgever ook geen maatregelen heeft kunnen treffen om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade heeft geleden zoals door hem gesteld.

Duiding

Uit dit vonnis volgt dat een werkgever niet bedacht behoeft te zijn op een eventuele bijzondere psychische kwetsbaarheid van een werknemer teneinde werkgeversaansprakelijkheid te voorkomen. Zolang een werknemer niet op een of andere wijze kenbaar heeft gemaakt dat hij een verhoogd risico op psychische schade loopt, mag de werkgever veronderstellen dat een werknemer tegen een normale werklast en een normale bedrijfscultuur opgewassen is. De verantwoordelijkheid ligt daarmee niet bij de werkgever, maar bij de werknemer. Deze conclusie sluit aan bij een uitspraak van het Hof Arnhem (Hof Arnhem 7 juli 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BK7226) en van het Hof ’s-Gravenhage (Hof ’s-Gravenhage 16 februari 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BA0761).

Auteur: Pauline Janssen

Dit is een partnerbijdrage van Dirkzwager. Bekijk hier een volledig overzicht van partnerberichten van Dirkzwager.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.