nieuws

15 vragen aan de bestuursvoorzitter van de AFM: ‘Financiële sector heeft juiste toon nog niet gevonden’

Schade

Na de presentatie van het jaarverslag van de AFM stelden we Merel van Vroonhoven nog een paar aanvullende vragen. Over haar eerste jaar bij de toezichthouder en haar ervaringen tot nu toe.

15 vragen aan de bestuursvoorzitter van de AFM: ‘Financiële sector heeft juiste toon nog niet gevonden’

1. U zit nu een jaar op uw plek, wat viel mee en wat viel tegen?

“Meegevallen is de positieve verandering die ik zie ten opzichte van vijf jaar geleden toen ik deze sector verliet voor de NS. Ik kan het vergelijken, omdat ik er even uit geweest ben. Tegengevallen is dat het echt duurzaam verankeren van die verandering toch wel taaier is dan we hadden verwacht. Dat kost veel meer moeite.

“Als je ziet welke rol technologie kan spelen in de adviespraktijken of in de verzekeringssector, dan vind ik ook dat het heel langzaam gaat. Heeft er mee te maken dat de verzekeringssector van nature conservatief is. En nog meer worstelt met verdienmodellen die niet meer functioneren, zoals in de Leven-sector. Het zijn mensen die heel lang op dezelfde manier hebben gewerkt. Dat is jammer, want technologie kan echt helpen om consumenten beter te adviseren en te ondersteunen. Waardoor de adviespraktijk ook een mooie toekomst kan hebben.”

2. U klonk een beetje teleurgesteld tijdens de presentatie van het jaarverslag. Omdat het vertrouwen maar niet terug wil komen en de recente affaire rond de beloning van de ABN Amro-top ook niet echt helpt om de kloof tussen de sector en de samenleving te dichten.

“Het is zo zonde, omdat ik ook zie dat er werkelijk verbeteringen worden doorgevoerd. Vertrouwen terugwinnen is alleen zo lastig. Daar moet je heel overtuigend in zijn. En één zwaluw maakt nog geen zomer. En als je dan vervolgens toch te weinig affiniteit en inlevingsvermogen toont in wat die financiële crisis voor heel veel mensen heeft betekend… Het is cruciaal om de bescheidenheid te tonen die daarbij past.

“Ik heb het gevoel dat de financiële sector daar nog niet de juiste toon heeft gevonden. En dat overschaduwt meteen alle goede dingen die wel gebeuren. Dat is slecht. Voor heel Nederland. Het is belangrijk dat je kunt vertrouwen op je financiële dienstverlener. Niemand kan zonder een bank of verzekeraar. Uiteindelijk ga je een keer met pensioen of wil je graag een huis kopen, daar heb je dan toch een leverancier voor nodig. Ik heb veel gesprekken gehad over de dialoog met de samenleving. En dan merk je dat de financiële sector meer dan vroeger in gesprek gaat met klanten, maar het echte gesprek met de brede samenleving is er nog niet. Daar heb je durf voor nodig. Ik begrijp dat als je op elk verjaardagsfeestje kritiek krijgt, het lastig is om die verbinding te maken. Maar dat is een verkeerde reactie.”

3. Hoeveel gesprekken heeft u in het afgelopen jaar gehad met de sector?

“Het gaat nog steeds door. Ik ben op een gegeven moment ook opgehouden ze te tellen, maar meer dan 600 zijn het er zeker. Ik ontvang en bezoek ook nog geregeld financieel adviseurs. We hebben afgelopen jaar een panel ingericht met 600 zeer actieve consumenten en een deel daarvan ontvang ik binnenkort. Volgende week hebben we overleg met de stakeholders uit de financiële wereld. Daarvoor nodigen we verzekeraars, financieel adviseurs en banken uit om ons te vertellen wat hun visie op de AFM is. Wat is goed? Wat niet? Wij houden dan onze mond. Ik heb die gesprekken ook erg nodig om te weten wat er gaande is en of wij op de juiste wijze toezicht houden. Anderzijds hebben we het nodig als kritisch tegengeluid voor ons zelf. Je moet altijd zorgen dat je je eigen kritiek organiseert.”

4. Wat is de belangrijkste les geweest uit al die gesprekken?

“Ik denk dat we nog transparanter moeten worden over wat we doen. Wij moeten steeds uitleggen waarom we ons geld waard zijn. Het moeilijke van toezicht houden is dat er bij een bedrijf omzet en kosten zijn en je makkelijk kunt berekenen wat er over blijft aan winst. Bij ons is dat anders…”

5. Jullie kosten alleen maar geld…

“Nou, als het goed is leveren we effect op. Want als we alleen maar geld kosten en geen effect zouden hebben dan moet je je afvragen of we wel met de goede dingen bezig zijn. Het goede nieuws is dat we impact hebben, maar dat je dat wel continue moet verantwoorden. Dat geldt voor de toezichtinspanningen, maar ook voor de eigen organisatie. Zijn we effectief en efficiënt? Zijn onze kostenniveaus op orde?”

6. De hypotheekrentecompensatie en huwelijksbonus voor het eigen personeel zijn daarom afgeschaft?

“Dat is ook iets waarvan we zeiden: dat past niet meer bij deze tijd en ook wij moeten zorgen dat we dat uit kunnen leggen.”

7. Was dat intern lastig om uit te leggen?

“Dat is voor iedereen lastig, dus ook voor ons. Er is intern veel begrip voor de afschaffing van die rentecompensatie en huwelijksbonus, maar tegelijkertijd hebben mensen daar wel rekening mee gehouden.”

8. U zegt dat u werk maakt van de verdere professionalisering van de AFM. Waar moeten we dan aan denken?

“Ik zal een paar voorbeelden geven. De eerste gaat over het verder professionaliseren van het eigen IT-systeem. Door nieuwe regelgeving op het gebied van de kapitaalmarkten worden er hoge eisen gesteld aan aanbieders om transactiedata te leveren aan de toezichthouder. Op grond daarvan kunnen we beter toezicht leveren, maar dan moeten onze systemen wel op orde zijn, zodat we er ook mee aan de slag kunnen.

“Een ander punt: het kan altijd beter en efficiënter. We willen over vijf jaar ook nog een goede toezichthouder zijn. Als de hele wereld om je heen verandert, moet je mee in die ontwikkelingen. Er zijn nu vier grote banken waarop we toezicht houden, maar als er straks een veelheid van platforms is, van crowdfunding tot allerlei nieuwe partijen die stukjes van die markt meepikken, dan is ons huidige toezichtmodel niet meer passend en adequaat.

“We hebben lange tijd gedacht dat de consument een rationeel denkend mens is, maar we weten inmiddels dat het niet zo is. Dat moet je dan wel vertalen in de wijze waarop je toezicht houdt. Ook dat is professionalisering.

“Een ander voorbeeld is de communicatie met de markt. Hoe doe je dat op een consistente manier? Aan de ene kant voorspelbaar, maar ook op een verbindende manier…”

9. Wat is ‘een verbindende manier’?

“Dat je dat op een respectvolle manier doet. Dat je je verplaatst in de ander. Zo feitelijk mogelijk. En niet veroordelend. Je mag van mening verschillen, maar de toon is wel belangrijk.”

10. We hadden laatst een feitelijk stukje over jullie deurmatonderzoek op amweb.nl en toen schoten de reacties vrij fors door. De AFM werd afgeschilderd als een soort geheime politie die adviseurs wilde volgen en straffen. Heeft u dat geraakt?

“Het is heel duidelijk dat er bij een deel van de financieel adviseurs veel pijn leeft uit het verleden. Dat heb ik al eerder gemerkt. Zeker nu ze merken dat er met de vakbekwaamheidseisen een einde komt aan hoe ze jarenlang gewerkt hebben en ze zich vlak voor hun pensioen afvragen hoe ze die examens nog gaan halen. Dan kijk je ook anders tegen alle veranderingen aan. En tegen onze rol. Ik heb alleen ook gezien dat er onder het begrip ‘financieel adviseur’ een heel pluriforme groep zit.”

11. Kunt u met die ‘boze’ groep nog in gesprek komen? Of zijn ze afgeschreven door de AFM?

“Ja, we willen ook met ze in gesprek. Dat organiseren we ook. Ik denk alleen dat er wel twee kanten voor nodig zijn. De groep die heel graag verder wil én die ook kritisch is naar de AFM, maar dat wel op een respectvolle en constructieve manier doet, motiveert mij meer dan de groep die dat niet zo doet. Ook al heb ik wel oog voor de emoties die er achter zitten.”

kockelkoren

12. Theodor Kockelkoren (foto boven) gaat weg. Hij was voor de branche toch lange tijd ‘Meneer AFM’. Gaat u hem missen?

“Zeker. Ik heb het geluk gehad om nog een jaar intensief met hem samen te werken. Theodor was voor de organisatie van cruciaal belang. Hij heeft eigenlijk een groot deel van het toezicht ontwikkeld. En hij is ook gewoon een heel plezierig mens om mee samen te werken. Ik kan zijn keuze om na 13 jaar wat anders te doen respecteren.”

13. Hij was voor de branche de rationele, technocratische en wat afstandelijke toezichthouder. Het is nu kennelijk tijd voor wat meer empathie en dialoog?

“Ik ken hem als een heel empathisch mens. De keuze om de AFM te verlaten is echt een persoonlijke.”

14. Tijdens de presentatie van het jaarverslag zei Kockelkoren dat hij indertijd geen argumenten kon vinden om een schadeprovisieverbod te bepleiten. Nu zegt hij dat eerst het provisieverbod op complexe producten geëvalueerd moet worden en dat hij constateert dat er in de branche soms een discussie is tussen voor- en tegenstanders. Hij zei: “Er zal een moment komen dat deze discussie nog eens gevoerd gaat worden”. Daarmee zet hij de deur naar een schadeprovisieverbod op een kier.

“Nou, het is niet iets dat op de agenda staat momenteel. Ik denk dat hij heeft proberen aan te geven dat je continue moet blijven kijken of dat wat je hebt geïmplementeerd werkt. Indertijd is er een heel duidelijke keuze geweest om schade uit te zonderen van het provisieverbod. Het is waar dat er ook verschillende visies op zijn. Maar wij hebben daar momenteel geen opinie over. Zijn er ook niet actief mee bezig. We willen eerst kijken wat de effecten zijn van het provisieverbod op complexe producten.”

15. Tot slot: ik zag dat Kockelkoren veel meer verdient dat u. Hij zit op € 333.992 in 2014. U kreeg 30% minder.

“De beloning heeft te maken met de Wet Normering Topinkomens. En ik ben gekomen op het moment dat die wet al ingevoerd was. Theodor en de rest van het bestuur zaten er al en vielen er dus buiten. Dus het is allemaal heel goed verklaarbaar.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.