nieuws

‘Ranglijst pensioenregelingen TPRA goed initiatief maar zegt weinig’

Pensioen 1767

De ranglijst van pensioenregelingen die The Pension Rating Agency (TPRA) recent publiceerde, is volgens pensioenexperts een goed initiatief, maar ze plaatsen ook zo hun kanttekeningen. Pensioenexperts Theo Gommer, Ed Beekhuizen en Elmer van de Fliert zijn allen van mening dat de lijst geen volledig beeld geeft. Zo zegt Gommer: “Regelingen kunnen er bijvoorbeeld op papier heel mooi uitzien, maar dat wil niet zeggen dat ze zullen worden waargemaakt.”

‘Ranglijst pensioenregelingen TPRA goed initiatief maar zegt weinig’

199 pensioenregelingen zijn in het onderzoek door TPRA tegen elkaar afgezet. TPRA stelde 55 criteria op en concentreerde zich op zeven hoofdrubrieken die samen de kwaliteit van de pensioenregeling bepalen. Hieronder vallen ouderdoms-, partner-, wezen- en arbeidsongeschiktheidspensioen, flexibiliteit, vrijwillige aanvullingen en indexaties. Bij de rating zijn niet de prestaties van de pensioenfondsen zelf beoordeeld. Uitgesloten van een oordeel in dit onderzoek zijn de volledige beschikbare premieregelingen en zogenaamde ‘vaste bedragen’-regelingen, evenals gesloten regelingen en overgangsregelingen.

ANWB (Unigarant) staat op nummer 1 in de lijst, gevolgd door APG (2) en Blue Sky Group (3). De Nederlandsche Bank (DNB) staat op de 5e plek en scoorde ook 5 diamanten. ABP en APF ontvingen 4,5 diamant. Achmea en De Autoriteit Financiële Markten (AFM) behaalden 3,5 diamant. Beroepsgroepen zoals kappers en medewerkers van de binnenvaart moeten het met één diamantje doen. Wat vinden pensioenexperts van de ranglijst?

Ontbreken van beloftes

Pensioenadvocaat en voorzitter van de Nederlandse Orde van Pensioen Deskundigen Theo Gommer vindt de rating van TPRA een goed initiatief, maar de lijst zegt volgens hem niet zoveel. “Er zijn kanttekeningen te plaatsen. Regelingen kunnen er bijvoorbeeld op papier heel mooi uitzien, maar dat wil niet zeggen dat ze zullen worden waargemaakt. Wat in dit onderzoek ontbreekt is informatie over hoogte van de premies en uiteindelijk gaat het juist om die combinatie: de premie ten opzichte van de regelingen, oftewel de beloftes. Je kunt bijvoorbeeld wel een hoge premie betalen voor veel mooie beloftes, maar als die niet waargemaakt kunnen worden, betaal ik liever een lagere premie. Alleen op die manier kun je analyseren of je waar voor je geld krijgt.”

Risico

Gommer blijft positief over de rating: “Het zorgt voor meer inzicht in de regelingen. Het onderzoek beantwoordt niet alle vragen, maar een vergelijking als deze geeft mensen wel meer besef over hun regelingen.” Daar zit volgens Gommer wel een bepaald risico aan vast. “Het risico is dat mensen door de lijst ook redelijk snel op het verkeerde been kunnen worden gezet. Natuurlijk heeft bijvoorbeeld een partij als ABP goede regelingen, maar de dekkingsgraad is wel laag. Dit onderzoek geeft een klein beetje meer inzicht, maar is niet allesbepalend om pensioenregelingen goed te kunnen vergelijken”, aldus Gommer.

Indexatie-potentieel

Pensioenexpert Ed Beekhuizen van adviesbureau Mercer vindt de ranglijst van TPRA een stap in de goede richting voor het vergroten van het bewustzijn onder deelnemers. Beekhuizen is echter ook van mening dat de lijst te oppervlakkig is en hij twijfelt aan de validatie. “Op de lijst zie je dat heel veel partijen de informatie niet hebben gevalideerd. Dan vraag je je wel af waarom ze dat niet hebben gedaan,” aldus Beekhuizen.

Beekhuizen plaatst, net als Gommer, de grootste kanttekening bij het ontbreken van een link met de onderliggende financiering van de afspraken. “Waarom ze dat niet hebben meegenomen wordt wel gemeld in het onderzoek, maar om de kwaliteit van pensioenregelingen goed te kunnen meten moet je ook aandacht schenken aan de haalbaarheid van de gemaakte pensioenafspraken. Zo is bijvoorbeeld het indexatiepotentieel (maar ook de kans op kortingen) afhankelijk van de financiële positie van het fonds. Dat is waar ik tegenaan loop bij deze lijst. Om indexatie- en kortingspotentieel goed te kunnen analyseren moeten we niet alleen kijken naar huidige financiële positie maar juist ook naar de toekomstige ontwikkeling van de dekkingsgraden van de fondsen. Dit kan door eventuele herstelplannen in de rating mee te nemen.”

Dekkingsgraad

Beekhuizen vervolgt: “Veel pensioenfondsen halen momenteel de vereiste dekkingsgraad (110%) niet waardoor de indexatie-ambitie niet kan worden gerealiseerd. De ratings in het TPRA-rapport houden daar onvoldoende rekening mee. Dat geldt eveneens voor de wijze waarop de pensioenregelingen worden gefinancierd. Sommige fondsen financieren de pensioenafspraken veel prudenter dan anderen. Hoe meer premie je erin stopt hoe groter de kans van herstel van de dekkingsgraad.”

Volgens Beekhuizen kan de kwaliteit van een pensioenregeling dus niet los worden gezien van de wijze waarop de financiering van de regeling plaatsvindt en het beleggingsbeleid is vormgegeven. Dat geldt naar zijn mening in nog sterkere mate voor de zogenaamde collectieve DC-regelingen waar de financiering nog nadrukkelijker is verbonden aan het pensioenresultaat.

Werkgevers

Senior consultant Elmer van de Fliert is verbonden aan adviesbureau Willis Towers Watson en verantwoordelijk voor pensioenbenchmarking binnen Nederland. Van de Fliert vindt de lijst van TPRA een goede en uitgebreide lijst waarin belangrijke elementen zijn meegenomen die zowel sociale partners, pensioenfondsbestuurders als deelnemers van pensioenregelingen meer inzicht zullen geven. Van de Fliert meldt echter ook dat werkgevers tijdens het bekijken van de lijst wel met het juiste perspectief moeten kijken. Van de Fliert: “Ik begrijp het belang en de opzet van het onderzoek, maar zoals TPRA zelf onderkent, geeft het geen volledig beeld. Belangrijk element hierbij is dat enkel wordt gekeken naar DB-regelingen bij pensioenfondsen terwijl de Nederlandse pensioenmarkt uit een breder spectrum van type regelingen en uitvoerders bestaat. Die worden steeds meer door werkgevers overwogen.”

WIA-excedent en ANW-hiaat

Van de Fliert is van mening dat in het onderzoek bepaalde elementen van elkaar zijn losgekoppeld waardoor er een vertekend beeld ontstaat. “Sommige verzekeringen, zoals WIA-excedent en ANW-hiaat, worden door werkgevers op een andere manier ingevuld en buiten de pensioenregelingen geplaatst. In dit onderzoek hebben ze, en dat is ook benoemd, alleen gekeken of die verzekeringen ook binnen de pensioenregelingen vallen en daar is vervolgens de waardering op gebaseerd. Het is momenteel de trend in de markt dat werkgevers dit soort verzekeringen juist buiten de pensioensregelingen invullen. In dit onderzoek word je alleen positief beoordeeld als je die verzekeringen binnen de pensioensregelingen hebt meegenomen.”

Ook Van de Fliert plaatst een kritische noot bij de loskoppeling van de hoogte van de premies ten opzichte van de regelingen in het onderzoek. “Om de kwaliteit van een regeling goed te kunnen beoordelen, moet je die onderdelen met elkaar verbinden anders krijg je geen compleet beeld.” Van de Fliert vindt het, net als Beekhuizen, jammer dat de lijst is gebaseerd op data uit het verleden. “Pensioen kent veel onzekerheid, de indexatie en kortingen zijn van groot belang en ze hebben de lijst op dat onderdeel vooral gebaseerd op informatie uit het verleden. Ik snap dat ze dat doen maar het geeft geen volledig beeld. De toekomstberekeningen zijn eigenlijk het belangrijkst, omdat die werkelijk aangeven wat je kunt verwachten en of de ambities kunnen worden waargemaakt. De lijst is een goed initiatief en is nuttig voor de sector, maar nuances zijn wel op hun plaats.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.