nieuws

‘Pensioenuitvoerder moet dossier veel langer bewaren’

Pensioen 1070

De Ombudsman Pensioenen Piet Keizer verzoekt pensioenuitvoerders “met klem” om pensioendossiers in geval van overdracht van werkzaamheden zo compleet mogelijk over te dragen. Dossiers zouden wat hem betreft veel langer moeten worden bewaard dan de wettelijke termijn van zeven jaar.

‘Pensioenuitvoerder moet dossier veel langer bewaren’

Keizer doet zijn oproep in het jaarverslag over 2016. Hij kreeg vorig jaar minder klachten op zijn bureau: 404, tegen 532 in 2015. Van de klachten werd 18% ten gunste van de klager opgelost. De ombudsman verwacht een verdere inkrimping van het aantal pensioenuitvoerders door opgaan in een APF of aansluiting bij een bedrijfstakpensioenfonds. Daarom is zorgvuldig overdragen van dossiers zo belangrijk, schrijft hij. “Vervolgens is het aan de nieuwe pensioenuitvoerder of uitvoeringsorganisatie om het dossier (zeer) lange tijd te bewaren. Een document dat nu ‘nutteloos’ lijkt, kan morgen waardevol blijken. Ik zie met enige regelmaat zaken aan mij voorgelegd worden, waarbij de pensioenuitvoerder niet of niet eenvoudig kan aantonen dat een pensioen in het verleden is afgekocht, waaronder ook afkoop door een waardeoverdracht. In een enkel ander geval blijkt een bijzonder partnerpensioen na een scheiding naar een nieuwe pensioenuitvoerder te zijn overgedragen tezamen met onder andere het ouderdomspensioen, terwijl deze aanspraak van de ex-partner toch echt bij de ‘oude’ pensioenuitvoerder moet achterblijven. Kwesties als deze worden bijzonder complex als de pensioenuitvoerder inmiddels niet meer bestaat en de dossiers niet of maar beperkt – analoog of digitaal – zijn bewaard.”

Langer bewaren

De wettelijke bewaartermijn van zeven jaar voor documenten volstaat niet, aldus Keizer, “althans niet zeven jaar na een transactie of handeling”. “Een fout bij een overdracht kan bijvoorbeeld pas na 20 of 30 jaar boven water komen. Op grond van het voorgaande bepleit ik dat pensioenuitvoerders cruciale stukken langer bewaren dan wettelijk vereist is.”

Pensioen uit 1982

De Ombudsman illustreert zijn pleidooi met een klacht van ‘de heer Van G.’ Die was ervan overtuigd dat hij tussen 1979 en 1982 pensioen had opgebouwd bij een verzekeraar. “De verzekeraar kon in eerste instantie niets van het pensioen van de heer Van G. terugvinden. De heer Van G. besloot daarop de ombudsman aan te schrijven. In 1999 waren de ‘oude’ pensioenaanspraken nog steeds verzekerd bij de door de heer Van G. benaderde verzekeraar. Gelukkig kon de verzekeraar aan de hand van een kopie van een door de heer Van G. en zijn echtgenote getekend overdrachtsformulier aantonen hoe hoog de verzekerde aanspraken anno 1999 waren en dat het pensioen in 2000 naar het fonds was gegaan. Een latere, uitgebreidere zoektocht door de heer Van G. in zijn administratie thuis bevestigde overigens de overdracht. Deze kwestie onderstreept de noodzaak voor pensioenuitvoerders om een pensioendossier bij leven van een (gewezen) deelnemer of gepensioneerde te bewaren. Na verloop van tijd is het vaak niet meer duidelijk wat er met een pensioen is gebeurd.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.