nieuws

Nieuwe sterftecijfers kosten pensioenfondsen miljarden

Pensioen

Doordat pensioenfondsen bij de vaststelling van de waarde van hun pensioenverplichtingen rekening moeten houden met realistische sterftekansen, zien zij die waarde aanmerkelijk hoger uitvallen dan voorzien. Aon Hewitt constateert op basis van berekeningen met actuele sterftecijfers dat dit kan oplopen tot een extra kostenpost van € 6 mld per eind 2016

Nieuwe sterftecijfers kosten pensioenfondsen miljarden

.

Pensioenfondsen moeten bij de vaststelling van de premie en de waarde van hun pensioenverplichtingen rekening houden met realistische sterftekansen en met een toekomstige verbetering hiervan. Vrijwel alle pensioenfondsen maken daarbij gebruik van de sterftetafel die door het Koninklijk Actuarieel Genootschap (AG) wordt gepubliceerd. De nieuwe sterftetafel wordt volgend jaar september gepubliceerd; de nieuwe sterftekansen moeten vanaf eind 2016 worden toegepast. Op basis van eigen doorrekeningen concludeert Aon Hewitt dat pensioenfondsen dan opnieuw met tegenvallers geconfronteerd worden.

Hogere sterfte
“Dat bedrag kan uiteindelijk meevallen als de wat hogere sterfte in de eerste helft van 2015 in de rest van dit jaar doorzet of indien de sterfte in de ontwikkelde Europese landen hoger is geweest dan verwacht,” zegt Frank Driessen, commercieel directeur Retirement & Financial Management van Aon Hewitt. “Maar zoals het er nu naar uit ziet, bedraagt het effect op de waarde van de pensioenverplichtingen bij jonge pensioenfondsen 0,4% en bij rijpe fondsen 0,6%. Dan gaat het al snel om een miljardentegenvaller.”

Premiestijging
Niet alleen stijgt de waarde van de pensioenverplichtingen van pensioenfondsen. Ook verwacht Aon Hewitt dat de benodigde pensioenpremies toenemen om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. Het consultancybureau schat in dat de totaal benodigde pensioenpremies in 2017, € 100 mln hoger komen te liggen dan verwacht. “Die stijging blijft de jaren daarna aan de orde,” stelt Driessen. Het premie-effect blijkt nagenoeg onafhankelijk van de gemiddelde leeftijd van het deelnemersbestand van een pensioenfonds. “Dit gaat dus effect hebben voor alle deelnemers van pensioenfondsen.”

Rekenmethodiek
In het huidige AG-model wordt gebruik gemaakt van de sterftekansen die door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) worden gepubliceerd. Ook de sterftekansen in de ontwikkelde landen in Europa worden hierin meegenomen. De meest recente tafel van AG is van september 2014 (de AG2014-tafel). Hierin zijn de sterftewaarnemingen tot en met 2013 verwerkt. Onlangs heeft het CBS de Nederlandse sterftecijfers over 2014 gepubliceerd. Het AG verwerkt deze cijfers volgend jaar, het genootschap publiceert de sterftetafels namelijk niet jaarlijks. Aon Hewitt heeft het  AG-model nagebouwd en daaraan de CBS-cijfers over 2014 toegevoegd. Hoewel het nieuwe model, dat gebruikt is voor de AG2014-tafel, robuuster is dan het vorige prognosemodel, verwacht Aon Hewitt op basis van de berekeningen dat pensioenfondsen opnieuw met een tegenvaller worden geconfronteerd.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.