nieuws

Klijnsma: “Uitvoerders mogen één pensioenleeftijd hanteren”

Pensioen

Als pensioenuitvoerders willen overgaan tot het collectief herrekenen naar één pensioenleeftijd biedt de Pensioenwet hiervoor al ruimte. Staatssecretaris Klijnsma heeft dit aangegeven in een brief aan de Tweede Kamer. De omzetting voor zowel bestaande als nieuwe aanspraken ligt op tafel vanwege de verhoging van de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd (Witteveenkader).

Klijnsma: “Uitvoerders mogen één pensioenleeftijd hanteren”

In de brief stelt dat Klijnsma dat het hanteren van één pensioenleeftijd voor alle opgebouwde aanspraken “interessant” kan zijn omdat het de uitvoeringskosten kan beperken en het een heldere communicatie aan (gewezen) deelnemers kan vergemakkelijken. De staatssecretaris verbindt aan een collectieve herreking wel de voorwaarden dat deze actuarieel neutraal plaatsvindt en het pensioenreglement erin voorziet dat betrokkene de pensioeningangsdatum individueel weer naar de oorspronkelijke pensioensleeftijd terug kan zetten, zonder dat dit op voorhand de rechten aantast.
Bij het collectief actuarieel herrekenen van aanspraken naar een hogere pensioenrichtleeftijd (67 jaar), wordt de omvang van de pensioenuitkering vanaf die nieuwe leeftijd hoger. Klijnsma: “Er is in zoverre derhalve geen sprake van een aantasting van pensioenaanspraken. Het proces van waardeoverdracht en de instemming van individuele deelnemers, zoals dat is geregeld in de Pensioenwet, is dan ook niet aan de orde.” Branchevereniging Pensioenfederatie heeft aangegeven “blij te zijn dat nu duidelijk is dat collectieve omzetting naar één pensioenleeftijd kan geschieden, zonder individuele tussenkomst van de deelnemer.”

Reageer op dit artikel