blog

Adviseur aansprakelijk als pensioenstelsel op de schop gaat?

Pensioen

Wat als het pensioenstelsel drastisch op de schop gaat. Kunt u dan achteraf aansprakelijk worden gesteld door uw klanten wanneer u op dit moment de mogelijkheid van een nieuw stelsel nog niet in uw pensioenadvisering heeft betrokken? Het antwoord op deze vraag is van groot belang: een schending van uw zorgplicht kan u immers letterlijk duur komen te staan.

Adviseur aansprakelijk als pensioenstelsel op de schop gaat?

Uit de rechtspraak over de zorgplicht van tussenpersonen volgt, kort gezegd, dat als er op voorhand ernstig rekening mee moet worden gehouden dat een geadviseerde pensioenregeling binnen afzienbare termijn niet ongewijzigd kan worden gehandhaafd, de regeling in beginsel ongeschikt is. De pensioenadviseur in kwestie kan in dat geval aansprakelijk worden gesteld voor de opgetreden schade, wegens schending van de zorgplicht.

Uitspraak
Dat volgt onder meer uit een uitspraak van het Hof Amsterdam van april 2013. In deze zaak heeft een ondernemer op advies van zijn pensioenadviseur in 1999 zijn pensioenregeling veranderd in een defined contribution-regeling per januari 2000. Voor de financiering van het nabestaandenpensioen werd gekozen voor een stelsel van gelijkblijvende risicopremies in plaats van eenjarige risicopremies. Vanaf januari 2005 biedt de pensioenverzekeraar van de ondernemer deze financieringsmogelijkheid niet meer aan, aangezien deze (inmiddels) in strijd zou zijn met gelijke behandelingswetgeving. Dit kost de onderneming € 62.421. Het Hof oordeelt als volgt: alhoewel ten tijde van de advisering onduidelijk was of de wettelijke eis van tijdsevenredige opbouw ook gold voor dc-regelingen, had de pensioenadviseur hiermee wel serieus rekening moeten houden in de advisering. Met andere woorden: dat deze eis van toepassing was, of zou worden op dc-regelingen was voorzienbaar volgens het Hof.

Deskundigen
De door het Hof ingeroepen deskundigen verschilden van mening of het onttrekken van de geslachtsafhankelijke premie ten tijde van de advisering al in strijd was met verschillende gelijke behandelingsbepalingen. Het Hof doet over de juistheid van de deskundigenadviezen geen uitspraak. Het overweegt dat reeds voldoende is dat het onderwerp gelijke behandeling in 1999 sterk in de belangstelling stond. Ook was op allerlei fronten wetgeving inzake gelijke behandeling in de maak. De pensioenadviseur had hiermee rekening moeten houden in de advisering en had er niet van uit mogen gaan dat de aan de onderneming geadviseerde pensioenregeling nog geruime tijd ongewijzigd in stand zou kunnen blijven.

De les
Wat kunnen we hiervan leren? Wanneer het voorzienbaar is dat een pensioenregeling mogelijk niet geruime tijd ongewijzigd kan blijven, is deze pensioenregeling in beginsel ongeschikt voor een klant. Hieronder moeten ook pensioenregelingen worden begrepen die niet langer fiscaal gefacilieerd zijn, waardoor de ondernemer wordt geconfronteerd met extra kosten. Van ongeschiktheid is te meer sprake als een pensioenovereenkomst niet voorziet in compenserende maatregelen bij tussentijdse wijziging of beëindiging van het contract vanwege wetswijzigingen.

Expliciet
Een pensioenadviseur mag adviseren over een pensioenregeling als voorzienbaar is dat de continuïteit ervan in het geding is of (mogelijk) zal komen. Echter, de adviseur zal in dat geval de ondernemer expliciet en in duidelijke bewoordingen moeten wijzen op de risico’s hiervan. Van voorzienbaarheid hoeft niet pas sprake te zijn indien een civielrechtelijk of fiscaalrechtelijk wetsvoorstel is ingediend bij de Tweede Kamer. De omstandigheden van het geval zijn leidend. Ontwikkelingen in de nationale en Europeesrechtelijke rechtspraak of uitspraken van politici kunnen bijvoorbeeld ook leiden tot ‘voorzienbaarheid’.

Nu al
Uit het voorgaande volgt naar mijn mening ook dat een pensioenadviseur een klant nu al uit hoofde van zijn of haar zorgplicht moet wijzen op mogelijke wijzigingen van het pensioenstelsel en de risico’s hiervan, voor zover dat relevant is voor de uitkomst van het advies. Denk bijvoorbeeld aan het voorontwerp van wet inzake de APF, de reëele ambitieovereenkomst, discussies rondom de doorsneesystematiek en het nieuwe FTK. Ik verwacht in de toekomst een toenemend aantal procedures op dit punt.

Mr. M.J.C.M. van der Poel is advocate bij EPB-law, promovenda pensioenrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en docent Leergang Pensioenrecht Expertisecentrum Pensioenrecht VU

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.