nieuws

ORV toch niet geregeld, adviseur moet bijna een ton aan schade betalen

Financiële planning 8329

De Herdt Financieel Infocentrum uit Zeewolde moet € 97.720 betalen aan de nabestaande van een overleden verzekeringnemer met een overlijdensrisicoverzekering. De vrouw ging er vanuit dat na het overlijden van haar man de verzekering op zijn leven € 143.804 zou uitkeren. De verzekering bleek echter niet tot stand te zijn gekomen.

ORV toch niet geregeld, adviseur moet bijna een ton aan schade betalen

De vrouw en wijlen haar partner meldden zich begin 2007 bij de adviseur voor het oversluiten van hun bestaande hypotheek en de overlijdensrisicoverzekering. De adviseur heeft vervolgens een financieel advies opgesteld waarbij hij tevens een overlijdensrisicodekking van € 143.804 heeft geadviseerd. Medio april 2007 wordt via een inkoopcombinatie het Quarré Vermogensplan Extra aangevraagd. Het betrof een beleggingsverzekering met een gelijkblijvende uitkering verzekerd bij overlijden ten bedrage van € 143.804 op beider levens tegen een termijnpremie van € 240 per maand. De verzekering zou per 1 mei 2007 ingaan.

Voorlopige dekking

Op 12 april 2007 hebben consument en haar partner dit formulier ondertekend, ervan uitgaande dat de zaak daarmee gedaan was. Op 7 mei later bericht de verzekeraar dat de voorlopige dekking is ingegaan. Wel bericht de verzekeraar -Universal Leven- ruim twee jaar later aan de klant en de adviseur dat het dossier is ‘afgelegd’ en dat als de klant alsnog verzekerd wil zijn, hij dit via zijn tussenpersoon moet regelen.

Geen stukken

In 2014 komt de man te overlijden. Van een uitkering door Universal Leven blijkt echter geen sprake omdat wordt vastgesteld dat de verzekering niet tot stand is gekomen. De weduwe claimt ruim € 170.000 euro van de adviseur omdat die haar niet zou hebben gewaarschuwd voor het feit dat er geen verzekering was. Ook zou de adviseur geen stukken uit het adviesdossier meer kunnen reproduceren.

Redelijk handelend

De geschillencommissie geeft de vrouw hierin goeddeels gelijk. “De adviseur heeft het totstandkomingsproces van de verzekering niet bewaakt en toen een jaar later naar de verzekering werd geïnformeerd heeft hij opnieuw niet geconstateerd dat geen verzekering tot stand was gekomen. Daarmee heeft hij niet gehandeld als van een redelijk handelend en redelijk bekwaam adviseur verwacht had mogen worden. Anderzijds is ook sprake van eigen schuld aan de zijde van consument. Zo werd nimmer premie geïncasseerd, beschikt ze niet over een polis en had ze jaaroverzichten moeten ontvangen.”
De Commissie stelt de schade vast op €143.804, verminderd met de naar schatting ingelegde premie van € 4.200. “Naar redelijkheid” moet de adviseur hiervan 70% dragen en de consument 30%.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.