nieuws

Fiscale stelsel eigen woning sluit niet altijd aan bij praktijk

Financiële planning

Over de nieuwe regels omtrent de eigen woning die in 2013 in werking zijn getreden is al veel geschreven, maar een punt uit de praktijk dat nog beperkt onder de aandacht is gebracht, is de mismatch tussen het fiscale systeem en de regels zoals banken die hanteren. Aan de hand van een voorbeeld zal ik deze mismatch beschrijven.

Fiscale stelsel eigen woning sluit niet altijd aan bij praktijk

De heer X heeft in januari 2013 zijn eerste eigen woning gekocht. Hij heeft hiervoor een hypothecaire lening aangetrokken van € 200.000, die hij in 30 jaar annuïtair aflost. In 2015 besluit de heer X een nieuwe woning te kopen. Hij verwacht zijn eerste eigen woning te kunnen verkopen met een overwaarde van € 25.000. Aanschafprijs van de nieuwe woning is € 300.000. Aangezien de eerste woning nog niet verkocht is, zit hij tijdelijk met twee leningen. Fiscaal is dan bepaald dat de annuïtaire aflossing op de eerste lening mag stoppen en dat de nieuwe lening direct een annuïtaire aflossing kent voor het geheel. Fiscaal gezien een goede oplossing.

De praktijk
Maar wat is de praktijk? Stel dat lening 1 is verstrekt door bank A en de nieuwe lening (zijnde € 275.000) zal worden afgesloten bij bank B. Bank A heeft met de heer X een overeenkomst gesloten waarin is afgesproken dat de lening maandelijks een rentebetaling kent en een annuïtaire aflossing. Het feit dat fiscaal deze aflossing gestopt mag worden, betekent niet dat bank A hiertoe ook verplicht is. De basis van de overeenkomst tussen bank A en de heer X ligt in de getekende hypotheekofferte. Bank A heeft geen enkel belang bij het aflossingsvrij maken van de lening. Dit leidt namelijk tot administratieve handelingen voor bank A en gezien het feit dat de nieuwe hypothecaire lening bij bank B wordt gesloten, is maar de vraag of bank A hieraan gaat meewerken.

Nieuwe lening tijdelijk aflossingsvrij
De wetgever had – in plaats van de bestaande lening aflossingsvrij te maken – er ook voor kunnen kiezen om de nieuwe lening, ter grootte van de lening op de eerste woning, aflossingsvrij te maken zolang de eerste eigen woning nog niet verkocht is. Het leningdeel voor de verhoging zou wel direct annuïtair moeten worden afgelost. Het aflossingsvrije deel van de nieuwe lening moet dan overeenkomen met de hoogte van de lening op de eerste eigen woning. Voor bank B was het geen probleem geweest om dit bij de start van de lening direct zo in te voeren in de systemen. Als de eerste woning dan was verkocht, kon bank B de annuïtaire aflossing invoeren op het leningdeel.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.