nieuws

Stichting claimt schade beleggingspolis bij Allianz

Financiële planning

Na Aegon krijgt ook Allianz te maken met een stichting die namens polishouders een vergoeding claimt voor te hoge kosten in beleggingsverzekeringen. De verzekeraar is door de stichting Allianz Dinplan Dupe aansprakelijk gesteld voor de schade die klanten met een Dynamisch Investerings Plan hebben geleden. Anders dan Koersplandewegkwijt mikt de stichting op het indienen van individuele klachten bij Kifid, mocht er met Allianz geen oplossing worden gevonden.

Stichting claimt schade beleggingspolis bij Allianz

Bij Dinplan Dupe zijn enkele honderden verzekerden aangesloten. Zij willen in overleg met Allianz tot een oplossing komen; mocht dat niet lukken, dan zal de stichting volgens advocaat Adri Kranenburg (Vliet & Burg Advocaten) niet snel een collectieve rechtszaak beginnen. “We zullen het eerder bij Kifid zoeken.” De advocaat is positief over de manier waarop het klachteninstituut zaken over beleggingspolissen behandelt. Allianz heeft nog niet gereageerd op de brief die Kranenburg namens de stichting heeft gestuurd.
Aanvullende vergoeding
Kranenburg wil namens de stichting met Allianz een aanvullende vergoeding overeenkomen. De compensatieregeling die Allianz zelf heeft getroffen, blijkt volgens hem in veel gevallen onvoldoende. De stichting vindt dat de maatschappij bij het sluiten van de contracten stelselmatig verwijtbaar onzorgvuldig is geweest en dat de overeenkomsten niet zijn uitgevoerd zoals is afgesproken. Er wordt onder meer verwezen naar het niet vermelden van de kosten bemiddelaar, de eerste kosten verzekeraar en de doorlopende kosten van de verzekeraar. Omdat diverse kosten zijn ingehouden zonder dat daarvoor een basis ligt in de overeenkomst, moet Allianz de opgebouwde waarde in alle polissen gaan herberekenen, aldus Dinplan Dupe. Bovendien zou een aantal klanten de algemene polisvoorwaarden niet hebben ontvangen en heeft Allianz nagelaten te waarschuwen voor het hefboomeffect.

Drie basisvragen
Kranenburg boekte twee jaar terug succes bij de Haarlemse rechtbank met zijn cliënt Van der Meulen in een zaak tegen Falcon. “Die zaak is vervolgens in hoger beroep naar tevredenheid geschikt. Dat was een principezaak; voor veel mensen is vier jaar individueel procederen niet te doen.” Volgens Kranenburg zouden houders van dezelfde polis er goed aan doen om samen op te trekken. Hij stelt dat het in de woekerpoliskwestie om drie basisvragen draait: “Zijn de kosten- en premie-inhoudingen afgesproken, zijn de prognoses waar de polishouder op afgaat duidelijk en juist geweest en heeft het product eigenschappen waarvoor gewaarschuwd had moeten worden? Zeker bij oudere polissen is dat niet altijd netjes gegaan. De basis is wat mij betreft: als je over bepaalde kosten geen afspraken hebt gemaakt, mag je ze ook niet inhouden. Wat verborgen is gehouden, kan niet zijn afgesproken.”

Reageer op dit artikel