nieuws

Assurantieadviseur is meer dan een doorgeefluik

Branche 3013

Regelmatig worden assurantieadviseurs aansprakelijk gesteld wegens het (beweerdelijk) niet voorlichten van de klant over door de verzekeraar verplicht gestelde alarmeisen of andere dekkingsvoorwaarden. Hoe zat het ook alweer met de zorgplicht van de assurantieadviseur met betrekking tot door de maatschappij opgenomen clausules en voorwaarden?

Assurantieadviseur is meer dan een doorgeefluik

In het arrest ECLI:NL:GHDHA:2014:3108 van 7 oktober 2014 van het Hof Den Haag ging het om een gestolen auto. De verzekeraar wees na diefstal dekking af, wegens het ontbreken van de op de polis verplicht gestelde alarminstallatie (klasse 4). De klant stelde dat de assurantieadviseur hem niet zou hebben gewezen op deze vereiste.

De assurantieadviseur had de klant in een brief wel gewezen op het feit dat de maatschappij een klasse 4 alarm verplicht stelde. Dit vond het Hof echter niet voldoende. De assurantieadviseur kan niet alleen volstaan met het wijzen op het bestaan van de desbetreffende clausule. Hij moet ook duidelijk uitleggen wat de clausule inhoudt. Daarnaast moet hij waarschuwen voor de gevolgen van het niet voldoen aan de vereisten die in de clausule staan. In dit geval: geen verzekeringsdekking.

Grens aan de zorgplicht

Het Hof heeft in dit arrest aangegeven dat de assurantieadviseur geen ‘doorgeefluik’ is. Er wordt van de tussenpersoon een actieve houding verlangd.

Het Hof stelde echter wel een grens aan de zorgplicht van de assurantieadviseur; de adviseur hoefde niet te controleren of de klant zijn advies had opgevolgd. Het Hof was overigens wel van mening dat de klant de polis (met clausule) zelf ook had kunnen lezen. Door dit achterwege te laten oordeelde het Hof dat de assurantieadviseur weliswaar aansprakelijk was, maar dat de klant voor vijftig procent eigen schuld had.

Recente uitspraak

In het arrest van 24 april 2018 heeft het Hof Den Bosch (ECLI:NL:GHSHE:2018:1751) wederom een arrest gewezen over de zorgplicht van de assurantieadviseur die bemiddeld heeft bij een autoverzekering, waarbij door de verzekeraar alarmeisen zijn gesteld.

Wat waren de feiten

Mevrouw X heeft in 2005 een oude Mercedes, type 450 SL (oldtimer) gekocht. Zij heeft deze in 2005 via haar vaste adviseur verzekerd op een klassieke autoverzekering/oldtimerverzekering. Op de polis was door de maatschappij een alarmclausule geplaatst. Daarmee werd mevrouw X verplicht de auto te voorzien van een klasse 3 alarminstallatie met SCM-certificaat. Het alarm diende te allen tijde ingeschakeld te zijn/worden bij het verlaten van de auto.

In 2012 is de auto gestolen van het parkeerterrein van een garagebedrijf. De auto was op dat terrein geplaatst omdat mevrouw X de auto via dit garagebedrijf wilde verkopen. De diefstal van de auto is gemeld bij de maatschappij. Deze heeft, na nader onderzoek van de door haar ingeschakelde expert, dekking afgewezen omdat is gebleken dat het op het polisblad verplicht gestelde alarm ontbrak ten tijde van de diefstal van de auto.

Nadat de dekking door de verzekeraar was afgewezen heeft mevrouw X haar assurantieadviseur aansprakelijk gesteld. Omdat, zo stelt zij, de adviseur de op hem rustende zorgplicht en informatieplicht zou hebben geschonden, door haar onvoldoende voor te lichten over de alarmclausule op de polis. Zij eist van de adviseur vergoeding van de schade.

Zorg- en informatieplicht niet geschonden

Het Hof geeft de klant in dit geval echter geen gelijk, het Hof is van mening dat de assurantieadviseur zijn zorg- en informatieplicht niet heeft geschonden, en wel om de volgende redenen.

De adviseur heeft mevrouw X het polisblad met daarop de clausule waarmee de maatschappij een alarm klasse 3 verplicht stelt via e-mail toegestuurd. In het begeleidende schrijven wijst de adviseur haar op de inhoud van deze clausule. Hij wijst haar tevens op de gevolgen indien het vereiste alarm ontbreekt, namelijk geen dekking.

Dat mevrouw X het bericht heeft gelezen (en nog belangrijker: heeft begrepen) blijkt uit het e-mail bericht van haar aan de adviseur, waarin zij aangeeft dat het alarm thans nog niet aanwezig is, maar dat zij dat in zal laten bouwen.

In dit geval is het voor de assurantieadviseur dus goed afgelopen. Hij heeft zijn klant gewezen op het door de maatschappij verplicht gestelde alarm, en op de gevolgen indien dit alarm niet aanwezig was. Hij kon bewijzen dat hij haar daarop had gewezen en ook dat het bericht zijn klant had bereikt en zij het had begrepen.

In het kader van dit artikel voert het te ver om meerdere uitspraken te bespreken. Maar in het algemeen geldt bovenstaande ook voor andere dekkingsclausules en dekkingsvoorwaarden.

Bewijs van naleving

Om (achteraf) te kunnen bewijzen dat de assurantieadviseur aan de eisen heeft voldaan, verdient het aanbeveling deze informatie schriftelijk aan de klant te verstrekken.

Aan BAVAM wordt vaak de vraag gesteld of de adviseur verplicht is om aan de klant het bewijs te vragen van naleving van de dekkingsvoorwaarden (certificaat alarm, goedkeuring elektrische installatie enzovoorts). Hoewel de adviseur gezien de uitspraak van het Hof van 2014 niet gehouden is te controleren of de klant aan de gestelde voorwaarden/eisen heeft voldaan, is het bewijstechnisch aan te bevelen om het bewijs van naleving van de voorwaarden/clausules bij de klant op te vragen en in het dossier te bewaren.

In veel gevallen moeten wij wegens gebrek aan bewijs schadevergoeding betalen. Iets dat wij anders niet zouden hoeven doen afgaande op de mededelingen van onze verzekerden. Dossiervorming (en daarmee bewijs) is niet alleen nuttig bij het voeren van verweer bij eventuele aanspraken, maar is ook een verplichting voor de financiële dienstverlener.

Conclusies

Als ik de verschillende uitspraken, waarvan ik er in het kader van dit artikel slechts twee besproken heb, samenvat dan kunnen de volgende conclusies worden getrokken.

  • De assurantieadviseur moet aan de klant uitleggen wat de clausule/voorwaarde inhoudt;
  • De adviseur moet de klant waarschuwen voor de gevolgen. Bijvoorbeeld geen dekking, verhoging eigen risico enzovoorts bij het niet voldoen aan de clausule/voorwaarde. Dit moet duidelijk en in begrijpelijke taal gebeuren;
  • Om te kunnen bewijzen dat u als adviseur hieraan heeft voldaan, adviseren wij u dit schriftelijk te doen. In het geval u in een bespreking met de klant de voorwaarden en clausules uitlegt, adviseren wij u dit ook nog schriftelijk te bevestigen aan de klant.

Onze verzekerden vragen ons nog wel eens of dit ook per e-mail kan. Uiteraard kan dat. Ik zou dan wel adviseren een ontvangstbevestiging te vragen;

  • De adviseur hoeft in principe de door de klant aangeleverde informatie niet op juistheid te controleren. Het is overigens wel aan te bevelen bij essentiële clausules om toch te vragen naar het bewijs van naleving van die clausules.

Heeft u nog vragen naar aanleiding van dit artikel of heeft u andere (juridische) vragen? U kunt u onze juristen van afdeling BAVAM schade bereiken op 070-3195 320 (tussen 9.00 uur en 17.00 uur). Of via Schade.bavampolis@vereende.nl

Auteur: Mr. Florie Keuning, de Vereende

Dit is een partnerbijdrage van de Vereende. Bekijk hier een volledig overzicht van partnerberichten van de Vereende.

Reageer op dit artikel