nieuws

Promovenda Vágási: Schaf het molestverbod af

Branche 2477

Verzekeraars worstelen net als het intermediair met regels die over hen uitgestort worden. Met name Solvency II vraagt veel, vooral van de middelgrote (onderlinge) verzekeraars. Toch zou er wat Annamária Vágási betreft nog wel wat meer ‘geharmoniseerd’ kunnen worden tussen de wetgeving van de lidstaten. In haar promotieonderzoek betoogt Vágási dat de Europese interne verzekeringsmarkt niet optimaal functioneert deels door verschillen in wet- en regelgeving van de lidstaten. Het Nederlandse ‘molestverbod’ is wat haar betreft een voorbeeld hiervan.

Promovenda Vágási: Schaf het molestverbod af
Foto: Hélène de Bruijn

Vágási bestudeerde voor haar promotieonderzoek, dat ze morgen verdedigt aan de Universiteit van Amsterdam, de geschiktheid van de nationale en Europese wet- en regelgeving voor het waarborgen van de goede werking van de Europese interne verzekeringsmarkt. Spoiler-alert: aan die regelgeving kan volgens Vágási nog wel het een ander verbeterd worden.

Europese interne markt

Volgens haar heeft een deel van de Europese verzekeraars wel degelijk zijn weg gevonden op de Europese interne markt, maar andere verzekeraars hebben meer moeite om aan te haken. Daarbij wordt door deze laatste groep vaak verwezen naar gebrek aan harmonisatie van de Europese regelgeving en de eisen die gesteld worden aan grensoverschrijdend verzekeren. “Ik begrijp dat harmonisatie van regelgeving lastig is, maar als de tekortkomingen hiervan werkelijk de enige reden zou zijn voor het slecht functioneren van de interne markt zou het geen enkele verzekeraar lukken om buiten het thuisland actief te zijn.”

Inkomend en uitgaande verzekeringen

Om uit te zoeken of en hoe de interne markt werkt, keek Vágási naar de verschillen tussen inkomende en uitgaande verzekeringen in de afzonderlijke lidstaten en vervolgens naar de aspecten die deze verschillen mogelijk (blijven) veroorzaken en daardoor de werking van de interne markt belemmeren. “Je ziet als je naar de Nederlandse situatie kijkt een toenemend aantal buitenlandse verzekeraars dat zich op de Nederlandse markt begeeft. Andersom is dat beperkter, al laat ik daarbij de grote verzekeraars die via hun dochterondernemingen internationaal actief zijn buiten beschouwing.”

Home country control regel

Wil je als Europese verzekeraar actief wil zijn in een andere lidstaat, dan geldt de home country controle regel. Je valt onder de wettelijke regels en het toezicht van je zetelland. Daarnaast bepaalt iedere lidstaat apart welke regels gelden voor verzekeraars uit een andere lidstaat die in de desbetreffende lidstaat verzekeringen willen aanbieden. Als de regels of toezicht van je zetelland afwijkt van die van andere lidstaten, dan kan dat wel eens nadelig uitpakken.

Molestverbod

Vágási, in het dagelijks leven jurist financieel recht bij De Nederlandsche Bank,  nam de proef op de som met het zogeheten molestverbod, opgenomen in artikel 3:38 Wft. Dit verbiedt schadeverzekeraars met een zetel in Nederland om de schade te verzekeren die is veroorzaakt door of uit gewapende conflicten, politieke onrust en ander maatschappelijk geweld die zich in Nederland voordoen. Alleen zee, transport, luchtvaart en reisverzekeringen zijn hiervan uitgezonderd, tenminste, als DNB met dekking akkoord gaat.

Geen volledige dekking

Vágási vergeleek het molestverbod uit de Wft met de wijze waarop Duitsland, Roemenië, Hongarije Frankrijk, en België met het verzekeren van het molestschade omgaan. “Geen van deze landen kennen een publiekrechtelijk verbod op het verzekeren van molest”, zo stelt ze vast. In de praktijk is het molestverbod geen ver- van-mijn- bed show benadrukt Vágási. “Je moet dan bijvoorbeeld denken aan Europese aanbestedingen van een provincie of een brandweerkorps waarin bijvoorbeeld ook dekking wordt gevraagd voor ‘politiek molest’. Hiervoor wordt dan een tender uitgeschreven waarop de Nederlandse verzekeraars geen volledige dekking kunnen bieden. Als ze dit wel doen gebeurt dit in strijd met het molestverbod of er moet een buitenlandse partij zijn die het molestrisico wel kan en wil verzekeren. Een verzekeraar uit een andere lidstaat waar dit verbod niet geldt, kan ook zonder belemmering een voorstel voor een verzekeringsdekking doen. De Nederlandse verzekeraar loopt puur wegens het molestverbod het risico dat hij de klant helemaal kwijt raakt.”

Tweede Wereldoorlog

Het molestverbod is een reactie van de wetgever op de schade die tijdens de Tweede Wereldoorlog trad en de beperkte mogelijkheden die de verzekeringsbranche toen had om hiervoor dekking te bieden. “Het verbod is ingesteld om te voorkomen dat verzekeraars ten onder zouden gaan. Oorspronkelijk betrof dit verbod ook oorlogsmolestrisico’s in het buitenland. Later is dit gewijzigd doordat de wetgever een dergelijke bepaling te beperkend en onnodig vond.” Ondanks het feit dat dit molestverbod een onderdeel is van de lijst van “bepalingen van algemeen belang” die DNB hanteert voor buitenlandse toetreders stelt Vágási in haar proefschrift dat “deel 3 Wft niet bedoeld is om aangevuld te worden met regels van algemeen belang, aangezien hier de wetgever juist voor een limitatieve behandeling van alle toepasselijke verplichtingen heeft gekozen.”

Niet meer nodig

Afschaffen dus dat molestverbod als het aan Vágási ligt. Temeer het volgens haar dit verbod ook niet meer nodig is om het omvallen van verzekeraar door te grote schades te voorkomen. “Met Solvency II zijn al verdergaande eisen gesteld aan risicobeheer van de schadeverzekeraars. Bovendien kunnen verzekeraars in geval van bijvoorbeeld een oplopend gewapend conflict de verzekering beëindigen op grond van artikel 7: 940 lid 3 BW, dat bepaalt dat een verzekeraar, bij de verwezenlijking van het molestrisico of bij een dreiging van het ophanden zijn daarvan, de verzekeringsovereenkomst met inachtneming van een termijn van 7 dagen kan opzeggen.

Belang consumenten

Behalve het molestverbod zijn er volgens Vágási wel meer nationale regels in de diverse lidstaten die strijd kunnen opleveren met het gelijk speelveld. Deze kunnen ook de positie van de consument als verzekeringnemer beïnvloeden. Ze stelt dat in het bijzonder consumenten die van de ene lidstaat naar andere verhuizen of die in verschillende landen wonen en werken benadeeld worden doordat zijn hun verzekeringen niet kunnen meeverhuizen en beperkingen ondervinden in hun keuzemogelijkheden ten aanzien van verzekeringsproducten en aanbieders. “Zij hebben nu vaak geen toegang tot producten die gegeven hun situatie misschien beter bij hen zouden passen.”

Grote stappen

Vágási heeft in haar proefschrift aanbevelingen meegenomen gericht aan de wetgever, toezichthouders en verzekeraars. Ze roept het Verbond op om het onderwerp interne markt nadrukkelijk te agenderen. “Er kunnen nog grote stappen vooruit gezet worden. Europese regelgeving is daarbij niet het probleem. Er moet juist meer geharmoniseerd worden.”

In am: 41 zal Annamária Vágási dieper ingaan op de invloed van de bestaande wet- en regelgeving op het verzekeren op de Europese interne verzekeringsmarkt.

Reageer op dit artikel