nieuws

Hoekstra prijst provisieverbod, gaat actieve transparantie bij schade onderzoeken

Branche 3203

Er komt een onderzoek naar de wenselijkheid van actieve provisietransparantie bij schadeverzekeringen. Minister Hoekstra (Financiën) heeft dit toegezegd bij de presentatie van het onderzoek naar het provisieverbod. Uit het onderzoek concludeert de minister dat het bestaande provisieverbod op complexe producten effectief is.

Hoekstra prijst provisieverbod, gaat actieve transparantie bij schade onderzoeken

Nadat de langverwachte presentatie van de uitkomsten van het onderzoek al eerder was uitgesteld tot na het kerstreces was het dan zojuist zover. Twee rapporten zagen het daglicht. In het ene staat een onderzoek naar het keuzegedrag van consumenten en de effectiviteit van het zogeheten dienstverleningsdocument centraal. Het andere rapport belicht de markteffecten van het provisieverbod.

‘Belang van klant nu voorop’

Het provisieverbod heeft een einde gemaakt aan situaties waarbij financieel adviseurs hun klant richting een product of aanbieder stuurden waar ze zelf de hoogste provisie kregen, conludeert de minister. “Het belang van de klant staat nu meer voorop. Het provisieverbod voor complexe producten is daarmee effectief te noemen.”

Kosten advies onderschat

Andere conclusies uit het onderzoek zijn onder meer dat consumenten de kosten van advies lijken te onderschatten. Ze zijn wel bereid te betalen als de adviseur kan uitleggen wat zijn toegevoegde waarde is.

Beperkte rol dienstverleningsdocument

Consumenten baseren zich bij het kiezen van een dienstverlener vaak op informatie van internet of tips van familie en bekenden. Ze vergelijken de verschillende vormen van dienstverlening en dienstverleners nauwelijks. Het dienstverleningsdocument speelt een beperkte rol.

Transparantie van provisies bij schade

Hoewel Hoekstra constateert dat het provisieverbod effectief is, zijn er volgens hem op de markt voor financieel advies wel andere vraagstukken die aandacht behoeven. “Zo helpt het dienstverleningsdocument consumenten niet voldoende bij het maken van keuzes. Er moet worden gekeken of aanpassingen van het document of andere oplossingen, zoals via vergelijkingssites, consumenten beter helpen. Ook zal worden onderzocht of transparantie van provisies bij schadeverzekeringen wenselijk is.”

Actieve transparantie

Met die toezegging raakt de kersverse minister van CDA-huize direct al een open zenuw, met name bij de adviseurs. Het pleidooi eind vorig jaar van onder meer de AFM en het Verbond van Verzekeraars voor actieve transparantie bij schadeverzekeringen, levert nog altijd vooral veel onbegrip op. Het zou een niet bestaand probleem oplossen, de consument nog meer advies-avers maken en de verzekeraars nog meer voorrang geven. De laatste hoeven met hun directe kanalen immer geen volledige openheid van zaken te geven over hun kosten.

Perverse prikkel

De relatie van de adviesbranche met CDA-ministers van Financiën is toch al niet zo best. Het was immers Jan Kees de Jager die in 2012 het provisieverbod voor elkaar bokste in het parlement op basis van een onder het intermediair weinig geliefd rapport van onderszoeksinstituut SEO. Dit stelde in 2010 vast dat de meest perverse prikkel richting het intermediair door het eerdere verbod op de omzetgerelateerde bonus weliswaar was verdwenen.

Eenzijdig verdienmodel

Tegelijkertijd constateerden de onderzoekers, onder wie Peter Risseeuw en Barbara Baarsma, echter dat er andere prikkels voor in de plaats waren gekomen, daarmee doelend op de vaak fikse provisiepercentages die vooral in het levensegment werden gehanteerd. Bovendien stelden de onderzoekers vast dat de tussenpersonen er dankzij de verstrengeling met de verzekeraars er wel een heel eenzijdig verdienmodel op na hielden.

Level Playingfield

De adviesbranche ging van meet af aan stevig in verzet tegen de plannen van De Jager. De onafhankelijk adviseur zou onvoldoende kunnen concurreren met banken en verzekeraars. Het Level Playingfield werd sindsdien een langspeelplaat die volledig grijs werd gedraaid. Het verzet mocht echter niet baten, vanaf 1 januari 2013 moest de klant het advies over een complex product zelf betalen. Onder het verbod kwamen hypotheken, levensverzekeringen, arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en uitvaartpolissen te vallen.

Eerbiedigende werking

Voor consumptief krediet gold juist een uitzondering. Daarvoor moet de tussenpersoon beloond worden op basis van een doorlopende provisie om lang deze weg hit and run bemiddelaars te weren. Ook werd er een eerbiedigende werking afgesproken, werd het dienstverleningsdocument geïntroduceerd en bleef het portefeuillerecht overeind.

Strijdigheid met EU-recht

Bij de introductie van het verbod was al voorzien dat er in 2017 een evaluatie zou komen. Op de uitkomsten daarvan werd al ruimschoots van te voren een voorschot genomen door diverse marktpartijen. Zo stelt de Commissie Financiële Dienstverlening (CFD) dat het verbod in strijd is met Europese wetgeving, al wordt dat weer tegengesproken door jurist en onderzoeker Cees de Jong en demissionair minister Dijsselbloem (Financiën). Die laat, ruim voor hij het stokje overdraagt aan Hoekstra alvast weten dat er wat hem betreft niets veranderd hoeft te worden aan het Verbod.

Peter Risseeuw

Misschien de meeste discussie in de aanloop naar de uitkomsten van de evaluatie leverde nog wel de keuze voor de onderzoekspartijen op. Met name de keuze voor Decisio voor het onderzoek naar de gevolgen voor de adviesmarkt deed veel stof op waaien. En wel omdat zij het onderzoek goeddeels uitbesteden aan Peter Risseeuw, de onderzoeker die eerder meeschreef aan SEO-rapport.

Gewenste ontvlechting

Risseeuw concludeert met zijn coauteurs in het nieuwe rapport dat de markt het provisieverbod goed heeft geabsorbeerd. “De trendmatige ontwikkeling in de afname van het aantal verzekeraars en financieel adviseurs laat geen afwijkend patroon zien na de inwerkingtreding van het provisieverbod. Het provisieverbod heeft geleid tot de gewenste ontvlechting tussen aanbieders en intermediairs.”

Waarde van advies

Consumenten nemen volgens de onderzoekers slechts in beperkte mate dubbel advies af, bijvoorbeeld als second opinion. “Adviseurs hadden en hebben moeite met het over het voetlicht brengen van de waarde van hun advies. Veel adviseurs blijken –op basis van de door hen gepercipieerde beperkte acceptatie van directe betaling bij klanten– terughoudend te zijn met het adviseren over producten of problemen waar klanten niet naar vragen. Als de belangrijkste zaak gedaan is (meestal de hypotheek of de arbeidsongeschiktheidsverzekering), geven adviseurs geen informatie of advies meer over mogelijke aanvullende producten. Ook bij advisering over oversluiten of het aanpassen van producten (waarbij sprake is van een nieuwe overeenkomst) speelt die terughoudendheid een rol.”

Gedeeltelijke vraaguitval

Marktpartijen bevestigden tegenover Risseeuw c.s. dat er op de adviesmarkt sprake is van gedeeltelijke vraaguitval bij consumenten en gedeeltelijke aanboduitval bij adviseurs. “Het aantal sluitingen weerspiegelt dat: de productie van leven- en uitvaartpolissen en woonlastenbeschermers is teruggelopen, wat ook veroorzaakt wordt door een vermindering van het aantal oversluitingen. Bij levensverzekeringen met vermogensopbouw spelen de regels voor hypotheekverstrekking en de beschikbaarheid van banksparen als alternatief voor een spaarverzekering een belangrijke rol.”

Stabiel verdienmodel nazorg

Adviseurs zijn er volgens Risseeuw nog niet in geslaagd om een door klanten geaccepteerd stabiel verdienmodel voor nazorg op te zetten. “Een kleine groep adviseurs slaagt er in om de adviespraktijk te ontwikkelen tot een totaalrelatie met klanten, die losgezongen is van de ‘life events’ die traditioneel voor consumenten aanleiding zijn om de gang naar de adviseur te maken.”

Execution only

Risseeuw is ook kritisch op de toename van execution only in de bemiddeling van van financiële producten. Hij constateert dat het bij hypotheken nauwelijks nog im frage is, behalve bij doorstromers hoewel die groep “vaak de complexiteit van de eigen financiële situatie niet onderkent. (…)Bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (AOV) neemt het aandeel van execution only toe, net als bij levensverzekeringen. Bij uitvaartverzekeringen komt het grootste deel van de nieuwe productie via execution only tot stand. De kennis- en ervaringstoets blijkt in de wijze waarop aanbieders de toets vormgeven geen goed instrument om kwetsbare klanten te identificeren.”

Vervolgstappen ministerie

Het ministerie van Financiën gaat met betrokken partijen in gesprek om te bekijken welke vervolgstappen op de markt voor financieel advies wenselijk zijn. Minister Hoekstra zal de Tweede Kamer hierover voor de zomer van dit jaar informeren.

Reageer op dit artikel