nieuws

Herdink fileert ‘halve waarheden’ in provisieonderzoek

Branche 9268

In een open brief aan de vaste Kamercommissie van Financiën evalueert Edwin Herdink de evaluatie van het provisieverbod. Volgens hem kenmerken de rapporten die onder de evaluatie van het verbod liggen zich door halve waarheden. “Door hier verder beleid op te bouwen wordt onafhankelijk financieel advies in Nederland een speeltje voor de goedgeletterden en mensen met hogere inkomens”, waarschuwt hij de commissie.

Herdink fileert ‘halve waarheden’ in provisieonderzoek

Herdink schrijft bang te zijn dat sector en burger niet serieus worden genomen door de ‘grote stappen snel thuis’-aanpak van minister Wopke Hoekstra van Financiën. Volgens de voorman van de Commissie Financiële Dienstverlening (CFD) is nader onderzoek nodig “om tot echte inzichten te komen”. Hij noemt het “een grote rode vlag” dat het consumentenonderzoek van CentERdata conclusies trekt die haaks staan op de bevindingen uit het sectoronderzoek van Decisio.

Complimenten

Het is niet enkel kritiek die Herdink uit. Hij begint zijn brief aan de Kamerleden met enkele complimenten. “Ruiterlijk wordt toegegeven dat er vele factoren zijn die de advieskwaliteit/cultuuromslag waarschijnlijk veel meer hebben beïnvloed, zoals de AFM-adviesleidraden, vakbekwaamheidseisen en moderne adviessoftware.”

Ook noemt hij het positief dat “Decisio onderkent dat er haal- en brengproducten bestaan, dat het DVD zinloos is, dat consumenten korte termijndenkers zijn en waarschijnlijk nooit financieel intelligent willen worden, dat de wetgeving verstikkend werkt op de kwaliteit en creativiteit van dienstverlening, dat de kennis- en ervaringstoets bij execution only een lachertje is, dat in het buitenland (zelfs UK) de praktijk is dat de klant de beloning bepaalt en dat dit ook provisie mag zijn, dat door de driejaarlijkse examenplicht de instroom van jongeren en nieuwe ondernemers opdroogt, dat het kostprijsmodel van aanbieders rammelt en dat de huidige diverse beloningsmodellen tot enorme verwarring leiden”.

Zoet en zuur

“Maar na dit zoet is er ook het zuur”, vervolgt Herdink. Volgens hem zijn de uitkomsten van het Decisio-onderzoek gebaseerd op te kleine aantallen respondenten. Hij typeert het rapport daarom als “onvoldoende onderbouwd” en “te veel gekleurd door persoonlijke conclusies”. Zelf wilde hij overigens niet aan dit onderzoek meewerken door de betrokkenheid van onderzoeker Peter Risseeuw. Die stond volgens Herdink ook aan de basis van het onderzoek dat leidde tot het provisieverbod.

De constatering dat er nauwelijks advieskantoren zijn gestopt na invoering van het provisieverbod op complexe producten, noemt CFD “de halve waarheid”. “Veel kantoren houden hun licentie en deellicenties aan, maar doen er op dit moment niets mee omdat er geen droog brood te verdienen is in die deelsectoren. Bovendien moet je niet naar productie kijken, maar naar consumentenbehoefte. In de jaren na het provisieverbod is juist de latente behoefte aan advies gigantisch toegenomen”, aldus Herdink.

Afwijkend beeld

CFD is ook blij dat Decisio aangeeft dat het aantal reacties vaak te gering is voor harde conclusies. “De eindconclusie dat het provisieverbod goed geabsorbeerd lijkt te zijn door de markt, geen effect lijkt te hebben op de toegankelijkheid van advies en de betaalbaarheid van advies een kwestie lijkt van willen betalen in plaats van kunnen betalen, is daarmee een halve waarheid. De praktijk laat op veel fronten een volstrekt afwijkend beeld zien en het consumentenonderzoek van CentERdata geeft ook andere signalen af.”

Resultaten vertroebeld

Dat CentERdata-onderzoek noemt Herdink beter onderbouwd. Wel vindt hij dat de resultaten vertroebeld zijn. Hij betreurt het dat alleen is gekeken naar AOV, ORV en hypotheken, en niet naar ‘brengproducten’ als uitvaart en pensioen.

CentERdata constateert onder andere dat consumenten in grote meerderheid tevreden zijn over ontvangen dienstverlening bij een hypotheekadvies. Volgens Herdink impliceert dat dat een adviseur zeer goed in staat is zijn toegevoegde waarde aan te tonen. Ook zegt het volgens hem dat de kwaliteit van dienstverlening op een hoog niveau staat. “Dit is interessant omdat het Decisio rapport concludeert dat adviseurs hier juist heel veel moeite mee hebben.”

Wrange vruchten

Herdink haalt ook cijfers aan waaruit blijkt dat de consument geen flauw benul heeft van het provisieverbod. 45% van de ondervraagden heeft er nooit van gehoord en nog eens 35% weet niet wat het inhoudt. “Nog steeds denkt 50% van de ondervraagden dat de kosten van de adviseur zijn verwerkt in de productprijs. CFD herinnert de politiek eraan dat bij de introductie van het provisieverbod zij nadrukkelijk heeft gepleit voor een voorlichtingscampagne vanuit de overheid om consumenten te informeren over de impact van het provisieverbod. De politiek heeft dit verzoek constant van de hand gewezen als overbodig. De wrange vruchten daarvan plukken we vijf jaar na het provisieverbod nog steeds.”

Prijsschok

CFD ziet in het onderzoek bevestiging van de eigen prijsschok-theorie. Volgens CentERdata kiezen vooral huishoudens met een netto-inkomen tot € 2.000 per maand eerder voor online advies en execution only zodra ze de prijs van een advies-en bemiddelingstraject horen. “Deze uitkomsten bevestigen het CFD-standpunt dat hoe lager het inkomen wordt hoe hoger de drempel wordt om advies af te nemen. Ook deze uitkomsten staan weer haaks op de bevindingen uit het Decisio-rapport.”

Breed gedragen

Herdink spreekt over waardevolle inzichten in het rapport van CentERdata. Hij heeft echter “geen uitkomsten gevonden waaruit blijkt dat het provisieverbod de kwaliteit van advies heeft verbeterd”.

Hij noemt het vreemd dat minister Wopke Hoekstra in zijn Kamerbrief andere conclusies trekt dan dat de twee rapporten volgens CFD rechtvaardigen. De minister zegt volgens hem niets over haal-en brengproducten. Ook staat er niets in zijn schrijven over de onbekendheid met het verbod, over productsturing door aanbieders via execution only of over de twijfel of de verdwenen provisie is teruggegeven aan de klant in de vorm van een lagere prijs.

“Ook vraagt CFD zich af hoe de minister tot de conclusie komt dat het provisieverbod breed wordt gedragen, ook door de adviseurs. Hoe kan het verbod breed worden gedragen als een schokkende 80% van de consumenten, vijf jaar na dato, niet eens weet wat het verbod is of inhoudt? Dat adviseurs het verbod ook breed zouden dragen is een halve waarheid. Elke adviseur zal erkennen dat het provisieverbod goede kanten heeft, maar ook hele slechte kanten en dat die maar niet serieus worden genomen door de politiek.”

Kwartje

“Wanneer valt nu eens het kwartje bij de politiek (en andere stakeholders) dat consumenten er vaak berooid van afkomen (woekerpolis, te dure ORV’s, tegenvallend pensioen, problemen met uitkeringen etc. etc.), de onafhankelijke tussenpersoon uit de markt wordt gedrukt, maar de aanbieders jaarlijks miljarden winst maken voor hun aandeelhouders?”, vraagt Herdink zich af.

CAR

Een oplossing die in zijn ogen wel werkt, draagt hij helemaal aan het eind van de brief ook aan. Hij pleit voor CAR, oftewel Customer Agreed Renumeration. De klant kan daarbij kiezen voor een beloning die betaald wordt door de aanbieder en die verwerkt wordt in de prijs over de looptijd, of voor directe betaling aan de adviseur. De voordelen daarvan zijn zo duidelijk, schrijft Herdink aan de Kamercommissie. “Het is alleen een kwestie van een mindshift bij de beleidsmakers.”

Reageer op dit artikel