nieuws

Opleiders: ‘PE-examens zijn makkelijker geworden en minder stressvol’

Branche 2238

De slagingspercentages lopen op, de stress neemt af en over het algemeen lijken de PE-examens makkelijker dan de toetsen uit de PE Plus-periode. Dat constateren opleiders, die bovendien begrip hebben voor de plannen van het CDFD om de beroepskwalificatie Basis te laten vervallen en Consumptief en Hypothecair krediet samen te voegen. Wensen hebben ze ook nog, geven ze te kennen in een rondgang: meer samenhang, nieuwe beroepskwalificaties, keuzemodules en een beroepsmogelijkheid tegen de uitslag van je examen.

Opleiders: ‘PE-examens zijn makkelijker geworden en minder stressvol’

“Adviseurs weten steeds beter waar ze aan toe zijn”, zegt directeur Wesley van ’t Hof van Hoffelijk Financieel. “De stress is enorm afgenomen, het is normaal, men is er aan gewend.” Wel ziet hij nog steeds dat mensen hun examen uitstellen. “Waar ze in de PE Plus-periode drie jaar hadden, hebben ze er deze PE-periode maar twee. Dat lijkt men niet altijd te beseffen.”

Moetje

“Vooraf was er in de markt vrij veel onrust over periodieke examens. Op dit moment lijkt die onrust goeddeels weggeëbd”, constateert ook Jeanette Hadderingh, directeur van Nibe-SVV. De eerste slagingspercentages zijn hoog, merkt ze op. “Daarbij moet wel worden gezegd dat we merken dat de markt, zowel verzekeraars als intermediair, de Wft-diploma’s steeds meer ziet als moetje. Als vinkje dat gezet moet worden. Wat er feitelijk geleerd wordt, wordt minder belangrijk gevonden.”

Minder wollig

Volgens directeur Mike Schilperoort van Lindenhaeghe zijn de huidige examens “goed te doen”. “Veel beter dan de PE Plus-examens. De vragen zijn minder wollig. De vraagstelling is zuiverder en de antwoordmogelijkheden zijn minder verwarrend.” Hij vindt wel dat het lastig blijkt onderwerpen op de praktijk te richten. “Er zijn nog steeds vragen die ‘in de praktijk’ niet zo werken.” Volgens hem zou een generieke vaardighedentraining die boven alle modules hangt een welkome aanvulling zijn. “Leren vragen stellen, hoe bouw je een klantspecifiek advies op, daar lopen adviseurs tegenaan en in de PE-lessen is daar nu geen ruimte voor.”

John van Erp, manager ontwikkeling vakmanschap bij Dukers & Baelemans, vindt het niveau van de PE-examens minder hoog “dan voorheen met PE-onderwijs werd bereikt”. “Met examenvragen is het uitdiepen van een onderwerp en de impact op de adviespraktijk en de consument vanuit verschillende kanten bezien minder goed mogelijk.” Als voordeel noemt Van Erp dat de ondergrens is verhoogd “doordat niemand meer op basis van aanwezigheid bij een opleiding zijn actuele kennis bewijst”.

Keuzemodules

Dukers & Baelemans zou graag meer zelfregulering en personalisering zien in PE. “Inmiddels is het een zeer volwassen beroepsgroep geworden die je mag aanspreken op haar professionaliteit. Ook is er sprake van grote mate van segmentering en dienstverlening op maat. In de PE-examens zie ik keuzemodules voor me op basis van deze thema’s, zodat de toets aan individuele praktijkrelevantie wint”, aldus Van Erp.

Drie keer dezelfde vraag

Het advies van het College Deskundigheid Financiële Dienstverlening (CDFD) om de beroepskwalificatie basis te laten vervallen, kan op instemming rekenen van de opleiders. “Wij hebben altijd geroepen dat Basis een onzinnige beroepskwalificatie is. Het levert het diploma Adviseur Basis, maar je mag er letterlijk niets mee adviseren. Dus juichen wij de duidelijkheid toe, dat Basis alleen nog een module is in het bouwwerk”, aldus Hadderingh (Nibe-SVV).

Van Erp (Dukers & Baelemans) heeft er “op zich weinig op tegen”. “Maar we hadden gehoopt dat men iets zou doen aan het in iedere beroepskwalificatie toetsen van Wft Basis-actualiteiten. Het kan zo maar zijn dat je drie keer eenzelfde vraag over een minder relevante basisactualiteit krijgt. Dat kan heel irritant zijn en soms is het ook wel makkelijk punten scoren. Dit draagt in beide gevallen niet bij aan het doel.”

Zonde van de tijd

Ook Schilperoort (Lindenhaeghe) wijst op het feit dat het stukje ‘Basis’ overal terugkomt. “Eigenlijk zou dáár iets aan gedaan moeten worden. Cursisten halen (bijna) altijd meerdere PE’s en daarom moeten ze zich elke keer opnieuw de toetstermen Wft (PE) Basis heen worstelen. Hebben ze die net gehad bij PE Inkomen, krijgen ze ze bij PE Hypothecair krediet weer en later nogmaals bij PE Schade particulier. Onze trainers hebben daar ook last van: ze moeten de toetstermen steeds weer meenemen in de les. Dat wordt als vervelend ervaren, als onnodig en zonde van de tijd.”

Hybride financieringsvormen

Het samenvoegen van Consumptief en Hypothecair krediet noemt Schilperoort “begrijpelijk”. “Het levert veel verwarring op bij onze cursisten omdat PE Plus Hypothecair krediet wel vrijstelling gaf voor Consumptief krediet.” Hij krijgt bijval van Hadderingh en Van Erp. “We geloven sterk in de verdere ontwikkeling van hybride financieringsvormen. De samenvoeging is hier een logische stap in”, aldus die laatste.

Van ’t Hof (Hoffelijk Financieel) had zich ook een andere keuze voor kunnen stellen. “Adviseurs Hypothecair krediet mogen al adviseren in betalingsbeschermers en opstal- en inboedelverzekeringen indien het advies hierover gecombineerd wordt met advies over hypothecair krediet. Ze hebben daarvoor dan geen diploma Wft Inkomen of Wft Schadeverzekering Particulier nodig. Deze bepaling had uitgebreid kunnen worden met Consumptief krediet. De toetstermen Consumptief krediet tevens opnemen in de module Hypothecair krediet leidt tot algehele adviesbevoegdheid”, aldus Van ’t Hof. “Maar,” zegt hij, “als dat in de praktijk beter aansluit voor de hypotheekadviseur, dan vind ik dat prima. Het scheelt weer een examen voor menig adviseur.”

Module uitvaart

Een wensenlijstje en suggesties voor het CDFD hebben de opleiders ook.  Schilperoort snijdt de bemiddeling in natura-uitvaartverzekeringen aan. “Daarvoor moet je nu het complete Wft-examen Vermogen afleggen, terwijl die uitvaartverzekeringen echt een klein onderdeel zijn. Ik snap dat een aparte module lastig is. Aan de andere kant: het werkt ook voor PE Zorg. Een andere mogelijkheid: laat de cursist kiezen en bied de module aan bij zowel Wft Vermogen als Wft Schade particulier. Dat zijn combinaties die vaak voorkomen. Zo was het vroeger ook geregeld.”

Meer samenhang

Van Erp vraagt om meer samenhang. “We ervaren een tekort aan geïntegreerde toetsing van de beroepskwalificaties. We zien nog steeds drie productgebieden die in delen in een examen worden afgetoetst. Dit heeft ook te maken met het feit dat het Wft-begrip van adviseren nog steeds een productbenadering is. Daarnaast ontstaat met de komst van MiFID II en de bijbehorende vakbekwaamheidseisen weer een wettelijk deskundigsbouwwerk geheel los van de Wft. Daar mag wel wat meer samenhang in worden verwacht van de wetgever en de toezichthouder.”

Twee nieuwe beroepskwalificaties

Nibe-SVV ziet graag dat alles wat in de modules Inkomen, Vermogen, Hypotheek en Pensioen staat, bijeen wordt geveegd en dat er twee heel nieuwe beroepskwalificaties komen: één gericht op particulier en één gericht op zakelijk. “Voor een goed inkomensadvies voor een particulier moet je tenslotte ook weten wat zijn vermogenspositie is, of zijn huis is afbetaald en hoe zijn pensioen eruitziet. En als je een hypotheek adviseert, moet je die inkomenssituatie en vermogenspositie ook kennen. Bij bedrijven werkt het net zo. Een collectieve WGA-hiaatverzekering kan tegelijk een pensioenverzekering zijn. Die mag je nu doen met het diploma Adviseur Pensioen, maar de echte kennis staat in de module Inkomen. Met een dergelijke wijziging maak je het stelsel klantgericht in plaats van productgericht”, aldus Hadderingh.

Volgens haar levert deze wijziging diploma’s met een hoog niveau op. Die zou je moeten afsluiten met een assessment. Hadderingh: “Dan weet je ook zeker of iemand in een praktijksituatie echt in staat is goed naar de klantwensen te luisteren, de klant te bevragen en daarop gericht passend te adviseren. Zo’n assessment moet je wat ons betreft dan wel beperken tot het initiële diploma. En we zeggen erbij: niet nu meteen. Over een jaar of twee, drie. Te veel wijzigingen tegelijkertijd doorvoeren is ook niet goed voor de markt.”

Beroep op examenuitslag

Dat vindt ook Van ’t Hof. “Waar nu vooral behoefte aan is, is duidelijkheid en stabiliteit over de vakbekwaamheidseisen en wie daar op welke manier aan dient te voldoen. Die is er nu eindelijk en dan nemen we wat mij betreft maar even voor lief dat er beslist enkele imperfecties zijn.”

Als er dan toch iets moet veranderen, oppert Van ’t Hof een beroepsmogelijkheid op de examenuitslag. “Het behalen van een PE-examen is op zich best te doen, maar de belangen bij het eventueel niet halen zijn onverminderd groot. Het bepaalt in veel gevallen of je je werk überhaupt mag doen. Dan lijkt het me dat je, als je van mening bent dat er iets niet klopt in het examen je ergens terecht moet kunnen met die opvatting.”

Reageer op dit artikel