nieuws

Scheidend CDFD-voorman McDaniel: ‘Er komen nog wel wat discussies aan’

Branche 5416

Van een belangrijke sector als de financiële sector moet je enige bewijslast kunnen verwachten. En daar horen examens bij. Dat zegt Olaf McDaniel, die acht jaar lang leiding gaf aan het College Deskundigheid Financiële Dienstverlening (CDFD). Nu maakt hij plaats voor Paul Zevenbergen. En die heeft nog genoeg te doen.

Scheidend CDFD-voorman McDaniel: ‘Er komen nog wel wat discussies aan’

U heeft het CDFD acht jaar geleid. Is het een goed moment om te vertrekken?
“De termijn liep af. En een goed moment? De wereld is nooit af en dit onderwerp ook niet. Mijn opvolger heeft nog genoeg te doen. Samen met de rest van het college natuurlijk, de voorzitter is niet belangrijker dan de andere leden. Het enige verschil is dat zijn rol onafhankelijk moet zijn, hij komt niet uit de financiële dienstverlening. Paul en ik hebben allebei veel ervaring in het onderwijs.”

Wat zijn de grootste veranderingen geweest?
“Een jaar of vier geleden hebben we het hele bouwwerk geherstructureerd tot de modulestructuur die we nu kennen. Dat is in goed overleg met de branche gegaan, er is ook weinig kritiek op gekomen. De tweede grote verandering is dat we als CDFD van inputcontrole naar outputcontrole zijn gegaan. Vroeger keken we syllabi van opleiders na, nu toetsen we of de financieel adviseur de inhoud van de stof kent en of hij deze kan toepassen. Het heeft ertoe geleid dat het stafbureau CDFD veel behoefte kreeg aan toetsdeskundige expertise en aan capaciteit om de constructie van examenvragen aan te sturen. Dit betekende uitbreiding. Dat was geen doelstelling toen ik binnenkwam, maar het bleek noodzakelijk.”

Loopt de centrale examenbank een beetje?
“Die loopt uitstekend. De klachten die er bij aanvang zijn geweest komen ook niet terug. Daar hoor je nauwelijks meer van. Dat komt voor een deel doordat er veel nieuwe vragen zijn toegevoegd en bestaande vragen zijn aangepast. En een deel kwam ook vooral uit emotie voort. Kandidaten moesten er vooral aan wennen dat de examens een veel grotere nadruk op vaardigheden leggen.”

Er zijn wel meer emoties geweest over de examens de afgelopen tijd.
“Dat heeft te maken met de fase waarin de sector zit. De sector wordt volwassen en er worden eisen gesteld. Dat vindt een groot deel van de financiële professionals volstrekt normaal. Het is een klein deel dat protesteert.”

Op amweb kreeg het CDFD er ook van langs. Hoe kwam dat op u over?
“Ik heb dat met rode oortjes gevolgd en soms ook met verbazing. Sommige reacties waren de beroepsgroep onwaardig en lieten niet de maturiteit van de sector zien, die er wel degelijk ook is. Maar ach, soms raakt de boel oververhit, dat kan gebeuren.”

De branche heeft nog tot 31 december de tijd om alle examens te halen, wat verwacht u daarvan?
“We weten niet precies wie welke examens gaat doen, dus we weten ook niet hoeveel examens er nog afgelegd moeten worden. Maar ik zie de aantallen maandelijks afnemen en het zou mij verbazen als er in het najaar nog een run komt. Wat mij zorgen baart, is dat niet iedereen lijkt te beseffen dat de oude geldig gehouden diploma’s, in combinatie met de gehaalde examens, in de overgangsperiode nog omgewisseld moeten worden voor een Wft-diploma nieuwe stijl. Daar besteden we nu in de communicatie extra aandacht aan, net als DUO en de exameninstituten.”

Als u terugkijkt, wat was dan een lastige klus?
“Wat wel een zoektocht was: op welke manier ga je de eisen aan de sector vormgeven? Dat heeft veel overleg gekost en uiteindelijk geleid tot het huidige vakbekwaamheidsbouwwerk met een reeks beroepskwalificaties. In alle modules zijn extra toetstermen opgenomen. Behalve aan kennis worden eisen gesteld aan competenties, vaardigheden en professioneel gedrag. Een goede zaak is dat de wetgever heeft bepaald dat alle medewerkers die klanten adviseren over één of meer Wft-diploma’s moeten beschikken en dat zij periodiek moeten aantonen op de hoogte te zijn van relevante, actuele ontwikkelingen door middel van een PE-examen. Over die termijn hebben we het bijvoorbeeld lang gehad, die lag op 18 maanden en is nu drie jaar. Daar doorheen loopt de eis om permanent actueel te zijn.”

Maakt de eis van permanent actueel (PA) een examen niet overbodig?
“Nee, ten eerste omdat de PA-eis geldt voor het terrein waarop de adviseur werkzaam is. Dat kan veel beperkter zijn dan het vakgebied van het Wft-diploma dat geldig gehouden moet worden. Ten tweede omdat een adviseur moet kunnen aantonen dat hij de actuele ontwikkelingen kent en kan toepassen. Er zijn heel veel beroepsgroepen waarbij dat moet. Een installateur moet ook de laatste technieken beheersen, anders mag hij niet werken. Dan mag je van een belangrijke sector als de financiële dienstverlening waarin de gevolgen van een slecht advies enorm kunnen zijn, toch ook wel enige bewijslast verlangen. Overigens: in het oude systeem mocht je ook je beroep niet uitoefenen als je niet aan de PE-verplichtingen voldeed. Daar is nu een legitimering bijgekomen in de vorm van een examen.”

Waar moet uw opvolger mee aan de slag?
“Er komen nog wel wat discussies aan. Zoals over de verhouding permanent actueel en PE-examens. De eis van permanent actueel wordt gecontroleerd door de AFM, het CDFD toetst of de adviseur de relevante actuele ontwikkelingen binnen zijn beroepskwalificatie kent en kan toepassen. Hoe gaat dat er in de toekomst precies uitzien? Ook komt er een interessante discussie aan die wordt aangezwengeld door erkend.nl (een bovenwettelijk register met als doel een alternatief voor de centrale PE-examens te bieden, red). Dat vind ik een interessant initiatief en intellectueel appealing. We kunnen best kijken naar nieuwe en andere manieren en methodes om de vakbekwaamheid aantoonbaar op peil te houden. Niet meteen, maar op termijn. We doen onze oude schoenen in ieder geval niet weg voordat we nieuwe hebben. Bovendien moeten de eerste PE-examens nog starten per 1 april 2017.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.