nieuws

Rabo verweert zich in zorgplichtzaak: ‘Wij zijn geen onafhankelijk tussenpersoon’

Branche 3370

De in de rechtspraak ontwikkelde maatstaf voor de zorgplicht van assurantietussenpersonen, geldt niet voor de Rabobank als de bank optreedt als tussenpersoon voor Interpolis. Met die redenatie probeert de bank zich in een zorgplichtzaak te verweren. Maar de rechtbank Overijssel denkt daar anders over. “Het is niet van doorslaggevend belang in welke (professionele) hoedanigheid de bank acteerde: als financiële instelling of als intermediair.”

Rabo verweert zich in zorgplichtzaak: ‘Wij zijn geen onafhankelijk tussenpersoon’

Het gaat in de zaak om een echtpaar dat een hypotheek afsluit bij Rabobank Centraal Twente met daaraan vast een overlijdensrisicoverzekering (OpMaat) bij Interpolis. In 2010 tekent het echtpaar (op initiatief van de bank, naar aanleiding van een aanbeveling van Kifid) een offerte voor een nieuwe ORV bij Interpolis maar die komt nooit tot stand omdat er geen gezondheidsverklaringen zijn ingediend, terwijl de verzekeraar daar wél, via de Rabobank, om vroeg. De oude ORV was inmiddels beëindigd. Daar komt de weduwe achter nadat haar man in 2014 overlijdt en er geen uitkering volgt.

Schade
De weduwe stapt naar de rechter om de schade van ruim een ton te verhalen. Volgens haar is de bank in haar hoedanigheid als onafhankelijk assurantietussenpersoon danwel als financiële dienstverlener tekort geschoten in de nakoming van de zorgplicht. Ze stelt dat de bank er voor had moeten zorgen dat de oude verzekering niet was beëindigd voordat een nieuwe was afgesloten. Zij zegt dat ze de brieven van Interpolis die werden gestuurd via Rabobank Centraal Twente, waarin naar gezondheidsverklaringen werd gevraagd én waarin in een later stadium werd gemeld dat de ORV niet kon worden aangeboden wegens het ontbreken daarvan, destijds niet heeft ontvangen.

Bank
De bank zegt dat het voor de klant duidelijk moet zijn geweest dat premiebetaling een vereiste is voor het voortbestaan van de verzekering. De klanten betaalden immers geen premie meer voor de beëindigde ORV. De bank stelt ook dat zij niet een ‘onafhankelijk tussenpersoon’ is. “Interpolis is immers de verzekeraar van de ORV en voor advies over afsluiten en wijzigen van verzekeringen kan de klant alleen bij de bank terecht. De in de rechtspraak ontwikkelde maatstaf voor de zorgplicht van assurantietussenpersonen geldt dus niet rechtstreeks in dit geval, aangezien de bank geen onafhankelijk tussenpersoon is”, aldus het verweer. Volgens de Rabo reikt de zorgplicht van de bank niet zo ver dat de bank de klant dient te informeren dat er geen dekking is, als geen premie wordt betaald. Ook mag van de bank niet worden verwacht dat zij navraag doet over de status. De bank wijst er op dat zij het echtpaar wel degelijk schriftelijk heeft geattendeerd op de noodzaak van het verstrekken van een gezondheidsverklaring.

Het oordeel
De rechtbank acht het aannemelijk dat het de bank was die naar aanleiding van de Aanbeveling van het Kifid het initiatief nam om een voorstel te doen tot een nieuwe ORV. De rechtbank overweegt dat het de taak van de bank was er alles aan te doen om ervoor te zorgen dat de bestaande verzekering niet eindigde alvorens een nieuwe daadwerkelijk was afgesloten. De rechtbank weegt ook mee dat de bank een professionele partij is die zich de belangen van haar (niet professionele) cliënten dient aan te trekken. “Daarbij is niet van doorslaggevend belang in welke (professionele) hoedanigheid de bank acteerde: als financiële instelling of als intermediair. Feit is dat de bank in alle jaren het feitelijk contact was tussen Interpolis en het echtpaar.”

Bewijs
Volgens de rechtbank heeft de bank onvoldoende de regie gevoerd bij de door haar geïnitieerde wijziging van de verzekering. Maar: indien de bank er in slaagt aannemelijk te maken dat de genoemde brieven daadwerkelijk zijn uitgegaan, dan is aannemelijk dat het echtpaar daarop niet adequaat heeft gereageerd en dat zij er rekening mee had moeten houden dat de nieuwe verzekering niet tot stand kon komen, zodat zij (mede) schuld heeft aan het niet tot stand komen van de nieuwe verzekering. Rabobank krijgt daarom tot 22 juni de tijd om het bewijs te leveren dat de brieven van Interpolis daadwerkelijk aan het echtpaar zijn verzonden.

De rechtbank overweegt hierbij nog dat het bij uitstek op de weg van de bank ligt om te zorgen voor complete dossiers van haar cliënten, en dat, als dat niet zo is, het risico daarvan, en ook het bewijsrisico, bij de bank ligt.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.