nieuws

Examentraining (42): Vermogen

Branche 6160

De Wft-examens doen al tijden flink wat stof opwaaien in zowel de branche als in Den Haag. De examens vormen nog steeds een grote zorg voor adviseurs. Daarom biedt amweb samen met opleidingsinstituut Hoffelijk Financieel de helpende hand door tweewekelijks een volledig uitgewerkte casus aan te bieden. Daarnaast biedt Hoffelijk Financieel adviseurs gratis de mogelijkheid om extra te oefenen met nieuwe casussen en kennisvragen. De eerste 41 examentrainingen staan hier. Deze week een casus met vragen uit de module Vermogen.

Examentraining (42): Vermogen

Casus
Rob (42) en Finn (42) zijn gehuwd. Rob heeft een beleggingsportefeuille en een lijfrenterekening. Rob en Finn hebben vragen over de beleggingen en de lijfrenterekening.

Financiële gegevens Rob
Rob werkt in loondienst. Zijn vaste bruto jaarinkomen in 2015 was € 65.500,-. Daarnaast ontvangt Rob een bonus van € 5.000,- per jaar. Ook rijdt hij in een auto van de zaak. Cataloguswaarde € 44.000,-, bijtelling 14%.

Over de pensioenregeling van Rob is het volgende bekend:
Factor A 2015: € 758,-

Vermogenspositie Rob en Finn

      Eigenwoningschuld € 310.000,-
      WOZ-waarde woning € 311.000,-
      Waarde KEW € 74.000,- (inleg € 405,- per maand)
      Beleggingsportefeuille € 86.000,-
      Internetspaarrekening € 42.000,-

Beleggingsportefeuille

Het profiel van Rob en Finn is neutraal. Bij het neutrale profiel hoort de volgende standaardverdeling:

        Aandelen 35%
        Vastgoed 15%
        Obligaties 45%
        Liquiditeiten 5%

Het gemiddelde rendement op deze portefeuille bedraagt dan 6%. De standaarddeviatie is 9,6%.
Op dit moment bestaat de portefeuille voor 100% uit aandelen. Het rendement op de aandelen bedraagt 9%.

Vraag 1
Rob wil weten hoeveel van zijn inkomen hij dit jaar (2016) maximaal aan lijfrentepremie aftrekbaar kan maken. De niet benutte jaarruimte van Rob over de afgelopen zeven jaar bedraagt € 3.400,-. Maak voor het beantwoorden van deze vraag gebruik van de onderstaande gegevens:

Franchise jaarruimte 2015:                € 11.936,-
Franchise jaarruimte 2016:                € 11.996,-
Maximale jaarruimte:                          € 12.355,-
Maximale reserveringsruimte:            €  7.088,-

Vul hier het juiste getal in. Rond af op hele euro’s.

€ …

Vraag 2
Rob wil weten wat het gevolg is het voor het portefeuillerendement als hij meer gaat spreiden. Dat past immers beter bij zijn profiel. De adviseur rekent een voorbeeld uit, waarbij van de huidige beleggingswaarde 20% wordt omgezet naar obligaties. De obligaties kennen een rendement van 2,1%.
Met welk percentage neemt het rendement in de portefeuille af in het rekenvoorbeeld van de adviseur?

… %

Vraag 3
Op aanraden van de adviseur hebben Rob en Finn vorig jaar de portefeuille aangepast. De verdeling is na een jaar als volgt geworden:
Aandelen        € 30.800,-
Vastgoed        € 12.000,-
Obligaties       € 43.200,-
Totaal              € 86.000,-

Rob en Finn willen een extra inleg van € 10.000,- doen op de beleggersrekening. Welke beleggingscategorieën kunnen zij hiermee het beste aankopen, passend bij hun beleggingsprofiel?

a. Aankopen aandelen, vastgoed en liquiditeiten.
b. Aankopen aandelen, obligaties en liquiditeiten.
c. Aankopen vastgoed, obligaties en liquiditeiten.

Vraag 4
Wat geeft de standaarddeviatie aan?

a. De hoogte van het risico van de beleggingscategorie.
b. De mate van spreiding binnen de beleggingscategorie.
c. Het risicovrije rendement van de beleggingscategorie.

Vraag 5
Ron en Finn hebben op internet gekeken naar beleggingsobjecten. Zij zien daarbij de volgende waarschuwing:
Let op, geen AFM-toezicht. Geen vergunning- en prospectusplicht.
Voor welke aanbiedingen geldt geen vergunningsplicht? Let op: meerdere antwoorden zijn juist.

a. Beleggingsobjecten die onderdeel zijn van een serie van meer dan twintig beleggingsobjecten.
b. Beleggingsobjecten die onderdeel zijn van een serie van minder dan twintig beleggingsobjecten.
c. Beleggingsobjecten waarbij de minimale inleg minder dan € 100.000,- is.
d. Beleggingsobjecten die aan meer dan honderd consumenten worden aangeboden.
e. Beleggingsobjecten die aan minder dan honderd consumenten worden aangeboden.

Banner Hoffelijk Antwoorden

Banner Hoffelijk Meer oefeningen

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.