nieuws

Is artikel 185 WVW nog wel van deze tijd ?

Branche 3126

Artikel 185 WVW is het artikel in onze Wegenverkeerswet dat bij de afwikkeling van schadegevallen het meest tot onbegrip en frustratie leidt. Dit artikel biedt onder andere de fiets en voetganger (de niet gemotoriseerde verkeersdeelnemer) een verregaande vorm van bescherming wanneer deze verkeersdeelnemer een ongeval overkomt met  een gemotoriseerde verkeersdeelnemer als tegenpartij. De vraag is of deze bescherming nog wel van deze tijd is.

Is artikel 185 WVW nog wel van deze tijd ?

De werking van artikel 185 is bijzonder. De gemotoriseerde verkeersdeelnemer wordt in alle gevallen aansprakelijk geacht, tenzij deze overmacht aannemelijk kan maken. Met andere woorden, wanneer een fietser geen voorrang verleent aan een bestuurder van een scooter zal de scooterrijder overmacht aan dienen te tonen om zijn schade volledig verhaald te krijgen. De jurisprudentie (en er is veel jurisprudentie te vinden rondom dit artikel) leert ons dat overmacht in de praktijk vrijwel nooit aannemelijk te maken valt. En dat betekent dat de schade van de scooterrijder vrijwel zeker niet volledig verhaalbaar is op de (verzekeraar van) de fietser, ook al heeft de fietser feitelijk de verkeersfout gemaakt die tot het ongeval heeft geleid. En dit is met in acht neming van het hedendaagse verkeer steeds lastiger uit te leggen.

Totstandkoming artikel

Het oude artikel 31 van de Wegenverkeerswet (de voorloper van artikel 185 WVW) kwam tot stand in 1935 en trad in werking in 1951. Een tijd waarin het aantal motorrijtuigen in Nederland nog te overzien was en de ongemotoriseerde verkeersdeelnemers niet gewend waren aan veelvuldig op de weg aanwezige motorrijtuigen. Daarbij werden de motorrijtuigen in die tijd gemaakt van zware materialen en werd bij de vormgeving van de voertuigen geen rekening gehouden met de veiligheid van fietsers en voetgangers. Dit verhoogde de vernietigende kracht van motorrijtuigen ten opzichte van de ongemotoriseerde verkeersdeelnemers, waardoor mede de “noodzaak” voor een dergelijk artikel was geboden.

Nu, respectievelijk 81 en 65 jaar later is het verkeersbeeld drastisch gewijzigd. Inmiddels zijn we  gewend aan de miljoenen op de Nederlandse wegen aanwezige motorrijtuigen en met de techniek en vormgeving van motorrijtuigen wordt terdege rekening gehouden met de verkeersveiligheid. Bestuurders van motorrijtuigen moeten een bewijs van rijvaardigheid bezitten en enkele verkeersregels zijn met de invoering van het nieuwe RVV ten gunste van het ongemotoriseerde verkeer gewijzigd.

Bewustwording

Naast deze veranderingen is in de afgelopen decennia voortdurend gehamerd op bewustwording van de risico’s die het gebruik van een motorrijtuig in het verkeer met zich brengt. Daarentegen is een dergelijke bewustwording bij ongemotoriseerde verkeersdeelnemers nauwelijks waarneembaar. Met name fietsers lijken alle verkeersregels aan hun laars te lappen. Men verleent geen voorrang, men rijdt door rood licht, men fietst in het donker zonder verlichting, men slaat links- en rechtsaf zonder daartoe richting aan te geven, men stopt niet voor overstekende voetgangers op een zebrapad, men fietst gedrieën naast elkaar, men rijdt over trottoirs enzovoort.

Momenteel is het nog steeds zo dat in dergelijke ongevalssituaties de ongemotoriseerde verkeersdeelnemer wordt beloond met een gehele of gedeeltelijke schadevergoeding, terwijl de gemotoriseerde verkeersdeelnemer, die vaak niet meer verweten kan worden dan alleen dat deze een motorrijtuig bestuurde, met ten hoogste een gedeeltelijke schadevergoeding het nakijken heeft.

Eigen verantwoordelijkheid

Een gang van zaken die heden ten dage steeds lastiger uit te leggen is. Wellicht wordt het tijd voor verandering in deze regelgeving, waarmee  volwassen ongemotoriseerde verkeersdeelnemers tevens meer gewezen worden op hun eigen verantwoordelijkheid in het verkeer.

Auteur: Marc Diks, 112schade.nl

Reageer op dit artikel